Yangon

Na meer dan twee maanden niets geschreven te hebben, werd het nu toch wel echt tijd om weer eens iets te schrijven… Vorige week ben ik met de dames van IWAKL een paar dagen naar Yangon (Myanmar, ook wel Birma) geweest. Daarvan hierna verslag.
En Sjoerd heeft beloofd binnenkort nog iets te schrijven over zijn belevenissen op site (voor zijn werk) in Bintulu en onze reis naar Vietnam in december. We hebben het maar druk :-) .

Myanmar heet sinds 21 oktober 2010 officieel Republiek der Unie van Myanmar, van 1989 tot 2010 heette het kortweg Unie van Myanmar en daarvoor heette het Birma. Toch wordt de oude naam Birma (of Burma) nog veel gebruikt. Na jaren van politieke onrust is op 31 januari 2011 een nieuwe grondwet in werking getreden, die formeel een einde maakte aan het militaire bestuur. Het land is op de goede weg, maar er is nog veel te doen. En je zou het misschien niet zeggen, maar Myanmar is één van de veiligste landen ter wereld en Yangon wellicht de veiligste stad in heel Zuidoost Azië.

Schattige jongetjes in Chinatown

Schattige jongetjes in Chinatown

Er zijn drie seizoenen: het regenseizoen, van eind mei tot midden oktober, het koele droge seizoen (winter) van eind oktober tot midden februari en het hete droge seizoen (zomer) van eind februari tot midden mei. In de zomer kan het wel 45 graden Celsius worden. Het is dus belangrijk van te voren te kijken welk seizoen het is. De winter is de beste periode om te gaan met temperaturen rond de 25 graden Celsius. Momenteel is het begin van de zomer, met zo’n 37 graden Celsius, onbewolkt en geen regen.

Eerste indruk van Yangon
Op naar het land met eeuwenoude cultuur en waarschijnlijk de meest vriendelijke bevolking ter wereld! Met Malaysia Airlines vliegen we in iets meer dan twee en een half uur direct naar Yangon.

Bij de Reclining Buddha

Bij de Reclining Buddha

Het tijdverschil tussen Maleisië en Myanmar is anderhalf uur. Het vliegveld ligt in het noorden van Yangon. Tijdens de busrit naar het centrum van de stad blijkt al snel dat Yangon een erg uitgestrekte stad is met weinig hoogbouw. In het centrum schieten de dure, hoge hotels de grond uit, maar nooit hoger dan de blikvanger van Yangon: de Shwedagon pagode met zijn bijna 110 meter hoogte.
Overal in de stad liggen gouden pagodes, af en toe afgewisseld door een kerk of een moskee. Dat is niet zo gek als je weet dat 89 procent van de bevolking Boeddhistisch is. Het Christendom en de Islam nemen ieder 4 procent in. Wat verder opvalt is dat er weinig is veranderd sinds de Britse koloniale tijden.
Reclining Buddha

Reclining Buddha

Op de weg zijn er drie dingen die direct opvallen. Ten eerste: er wordt aan de rechtkant van de weg gereden, maar met het stuur ook aan de rechterkant, erg verwarrend en dus het opletten geblazen. Ten tweede zie je in Yangon geen brommertjes en scootertjes. Wat een opluchting! Dit wil echter niet zeggen dat het rustig is op de weg, het is een lekkere chaos. Tenslotte zie je verschillende kleuren nummerplaten: rood voor taxi’s, geel voor monniken, blauw voor toeristen en zwart voor de rest. Soms is dit enige manier om een taxi te herkennen.

Chinatown

Chinatown

Na onze busrit mogen we direct genieten van het heerlijke eten wat ze in Myanmar hebben. Daarna op naar de eerste bezienswaardigheid: de Chaukhtatgyi Paya, oftewel de Reclining Buddha. De indrukwekkende 70 meter lange Buddha ligt in een enorme hal. Daarna gaan we door naar de graftombe van de laatste Indiase koning Bahadur Shah Zafar. Eigenlijk is het een moskee met een graftombe. Vervolgens bezoeken we nog een andere moskee, maar deze was helaas gesloten vanwege het gebed. Als laatste die dag staat een bezoekje aan Chinatown op het programma, meestal één van mijn favorieten vanwege alle mensen, geuren en kleuren. Er is een grote versmarkt en overal wordt eten bereid en verkocht. We maken kennis met de ontzettend vriendelijk mensen en maken veel foto’s van al het moois. Vrouwen in Myanmar smeren zogenaamde thanakha – een soort traditionele make-up – op hun wangen, niet alleen uit het oogpunt van schoonheid maar het verkoelt ook en helpt beschermen tegen verbranden. Mannen lopen allemaal in een sarong rond en iedereen kauwt op betel noten, wat donker rode tanden oplevert.

Shwedagon pagode en het koloniale hart

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

De volgende ochtend vroeg is het tijd voor de Shwedagon pagode. Geen bezoek aan Myanmar is compleet zonder een bezoekje aan deze pagode. Het is het grootste en tevens belangrijkste heiligdom in Myanmar. De pagode is op een heuvel gelegen, zodat deze vanuit de hele stad goed zichtbaar is.
Met de bouw van de pagode werd begonnen in de vijfde eeuw voor Christus. Sindsdien is het bouwwerk door aardbevingen vaak zwaar beschadigd, maar telkens weer herbouwd – een volgende versie telkens groter en prachtiger dan de voorgaande. Verguld met bladgoud en vele duizenden kostbare edelstenen. Volgens de mythe worden in de pagode acht haren bewaard van de laatste Boeddha, tezamen met relikwieën van drie van diens voorgaande incarnaties.
Bij de Shwedagon pagode

Bij de Shwedagon pagode

De enorme pagode wordt omring door tientallen, zo niet honderden, kleinere pagodes, tempels en beelden. Zodoende ben je hier wel een paar uur zoet. Je kunt het beste ’s ochtends vroeg gaan, dan is het nog niet zo heet (je loopt op je blote voeten op marmeren tegels) en de lucht is dan nog mooi blauw en helder. Kijk wel even van te voren op internet, want er vindt veel renovatie plaats en het zou zonde zijn als je komt als de enorme pagode onder renovatie is.

Bij Shwedagon pagoda

Bij Shwedagon pagoda

Hierna gaan we door naar het oude stadsgedeelte, het koloniale hart. Hier zie je duidelijk de erfenis van de Britten met vele koloniale gebouwen in een ruim opgezet stratenpatroon. We lopen rond en zien achtereenvolgens de Sule Pagode, liggend midden op een drukke rotonde, de Yangon City Hall, het Independence Monument, gelegen in de mooie Maha Bandoola Garden en de High Court.
We rijden nog even langs het verblijf van Aung San Suu Kyi, winnares van de Nobelprijs voor de Vrede in 1991 en partijleider van de NLD, de National League for Democracy. Helaas valt er weinig te zien.
’s Middags is het tijd om te shoppen en wel naar waar Myanmar bekend om staat: edelstenen en juwelen, voornamelijk robijn, jade en goud. Op naar de Bogyoke Ang San Market, ook wel Scott Market genoemd, gelegen in een zeventig jaar oude markthal. Daarnaast zijn er nog vele andere souvenirs te vinden. Voor veel van de IWAKL dames waren de edelstenen en juwelen de reden om mee te gaan naar Yangon, niet de cultuur. Dus wordt er flinks op los geshopt. Ik houd het bescheiden bij een schilderij en een vlaggetje van de Shwedagon pagode.

Ritje met de Circular Train

Het prachtige zicht vanuit de trein

Het prachtige zicht vanuit de trein

De dames gaan de volgende dag weer shoppen. Tatyana (mijn kamergenootje afkomstig uit Kazachstan) en ik hadden de eerste dag al besloten dat we vandaag niet zouden gaan shoppen, maar de Circular Train zouden nemen, een rondrit van drie uur in een lokale trein door de uitlopers van de stad en het platteland om het echte leven te zien. De trein is allesbehalve luxe: geen airco en niet al te comfortabele banken met ramen een stuk beneden ooghoogte. Maar wat wil je als een ticket maar één US dollar kost?
De marktkooplui verlaten de trein weer

De marktkooplui verlaten de trein weer

Naast de paar toeristen zie je hier alleen locals. Het eerste uur hebben we alle ruimte en genieten we van het prachtige uitzicht, maar zien we ook veel armoede. Af en toe komen er verkopers langs. Bij een lief vrouwtje kopen we ‘pink bananas’, heerlijk zoete bananen. Na een uur komen we bij een grote markt en binnen enkele seconden staat het hele gangpad vol het manden met koopwaar en marktkooplui. Na drie uur in de hete trein zijn we uitgeput en toe aan een lunch in een restaurant met airco. We gaan naar de Sukura toren om daar op de bovenste verdieping te lunchen en te genieten van het prachtige uitzicht over de stad.

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

’s Middags gaan we nog naar het Kandawgyi Lake om foto’s te maken van de blikvager van het meer, de Karaweik Hall, een enorm drijvend paleis wat tegenwoordig dienst doet als restaurant. We hadden hier graag willen eten, vergezeld door een culturele show, maar hier moet je minimaal tien dagen van te voren voor reserveren. Na een tijdje gelopen te hebben in de brandende zon (eind februari is het daar zo’n 37 graden Celsius), zijn we toe aan een douche en een middagdutje.
’s Avonds gaan we naar een andere culturele show met buffet in het Kandawgyi Palace Hotel, ook gelegen aan het Kandawgyi Lake. Echt een aanrader. Prachtige dans en een dame die een balletje hooghoudt terwijl ze bijvoorbeeld op twee flessen staat. Erg knap.

Helaas moeten we na drie dagen Yangon al weer afscheid nemen van Myanmar. Maar terug ga ik zeker nog een keer. Er is zoveel meer te zien: de enorme vlakte van Bagan met zijn duizenden tempels en pagodes, het koningsstadje Mandalay, het prachtige (en koelere) Inle Lake en nog veel meer.

Bali

Hier dan eindelijk het verslag van onze Bali trip, al weer meer dan een maand geleden. Wat hebben we genoten!
In die week waren er twee feestdagen en was er ook nog eens een brandoefening op kantoor, waardoor je zo een halve dag kwijt bent. Dus besloten we last minute (Sjoerd weet nooit ver van tevoren of hij wel vrij kan nemen) dat we een paar dagen weg wilden. Maar aangezien er die week twee feestdagen waren en er dus veel mensen even weg wilden, waren er nog maar weinig vluchten beschikbaar. Eigenlijk alleen Bangkok en Bali… Dus op naar Bali!
Eigenlijk wel gek om te beseffen dat mensen in Nederland een dergelijke reis maanden tot een jaar van te voren boeken, en wij dit ‘even’ twee dagen van tevoren doen. En het is maar 3 uur vliegen! Toen ik het hotel boekte wist ik nog niet zoveel van Bali en had bedacht dat een iets rustiger resort, net iets boven het drukke toeristische gedeelte wel wat zou zijn.

Eenmaal geland op Bali werden we opgewacht door een chauffeur van het resort. Het is erg aan te raden dit van te voren te regelen, anders betaal je veel te veel en wordt je helemaal gek van al die mannetjes die je af willen zetten. Ik vroeg de chauffeur hoe lang de rit naar het hotel zou duren en hij zei ongeveer een uur, afhankelijk van het verkeer. Direct toen we het terrein van het vliegveld verlaten hadden, begrepen we wat hij bedoelde. In KL is het verkeer al verschrikkelijk, maar hier zijn nog meer scootertjes en de wegen zijn de twee keer zo smal. Eigenlijk een eenbaansweg, maar dan toch voor twee richtingen… Dit maakt dat het allemaal niet echt snel gaat en het gebied rondom het vliegveld is net een trechter: al het verkeer moet over een paar smalle weggetjes.

Het resort

Het resort

Na anderhalf uur kleine weggetjes en geen idee hebbend waar we waren, kwamen we dan eindelijk bij ons hotel/resort aan. Echt in de ‘middle of nowhere’. Maar prachtig! Een groot bed, wat een opluchting ten opzichte van een kleine bedje in KL. En een mooie grote badkamer met douche en bad. Na even opgefrist te hebben, hebben we nog wat gegeten en gedronken bij het zwembad. Heerlijk Indonesisch, soto ayam. Dat Indonesisch eten hadden we ook in Maleisië verwacht, maar Maleis is toch heel anders. Dat wordt genieten deze week!

Beeld bij een tempel

Beeld bij een tempel

Heerlijk geslapen, wat een rust. Het nadeel van die rust is echter ook dat er geen taxi’s komen en aangezien het resort nog maar net open was, wisten veel chauffeurs het niet eens te vinden. De volgende ochtend zijn we daarom maar naar Echo Beach gelopen, in de hoop daar een taxi te vinden. Volgens de reisgids zou dit geen probleem zijn: er was een taxi stand op Echo Beach. De wandeling naar het strand duurde ongeveer 15 minuten en we zagen al direct prachtige rijstvelden, afgewisseld met prachtige tempeltjes. Het strand bleek geen wit zandstrand, maar van dat zwarte zand. Nadeel van dit zand is dat het erg heet is en je echt moet rennen om je voeten niet te verbranden. Na een drankje bij een strandtent gedronken te hebben, gingen we op zoek naar de taxi stand. Maar wat bleek, het was alleen een drop off, taxi’s mochten niet wachten. Ik probeerde een chauffeur die net mensen afgezet had, maar hij was voor de hele dag door die mensen gereserveerd. Er was wel een stand waar je tegen een (wat ons betreft) veel te hoge prijs een ritje af kon spreken. Dan maar afdingen, dachten we, maar dat lukte niet echt. We wilden eigenlijk een enkele reis naar Ubud, maar ze vroegen de halve prijs van een chauffeur voor een hele dag. En ze wilden onderweg overal stoppen: batik, zilver, schilderijen. En wij wilden alleen maar een taxi ritje van een uur naar Ubud. Uiteindelijk zijn we akkoord gegaan en stopte de goede man bij een batik fabriekje en een zilver winkel. Zo ontzettend toeristisch en allemaal verzameld in één straat. Dus een hele straat met alleen maar zilverwinkels. En elke chauffeur stopt hier. Hij zal wel commissie krijgen als hij mensen brengt… Toen hij ook nog wilde stoppen bij de straat met schilderijen, hebben we maar vriendelijk gevraagd door te rijden naar Ubud.

Sjoerd is weer eens mooie foto's aan het maken...

Sjoerd is weer eens mooie foto’s aan het maken…

Ondertussen hadden we wel een beetje door hoe het in Bali werkt. Taxi’s heb je bijna niet. Iedereen huurt een auto met chauffeur voor een hele dag (kost net zoveel als twee enkele reizen van een uur!) en laat zich lekker rondrijden. In eerste instantie wilden wij zelf een auto huren, maar ik ben blij dat we dat niet gedaan hebben. Ons internationaal rijbewijs was namelijk niet meer geldig, en elke keer als de politie je aanhoudt (en dat doen ze vaak), moet je dan betalen. En met die smalle weggetjes en al die scootertjes… Daarbij komt dat er bijna nergens bewegwijzering te vinden is. Wij hadden echt geen idee welke richting we op reden met al die smalle kronkelweggetjes. Ondertussen hadden we ook al door dat het eiland veel groter was dan we van te voren dachten. We hadden dus al snel besloten de volgende dag ook een auto met chauffeur te regelen. Ook wel zo lekker, af en toe in de auto af te kunnen koelen met die hitte. De zon scheen namelijk de hele dag en het was er een stuk warmer dan in KL, maar wel droger en niet zo benauwd. Wat wel opmerkelijk is te zien, in vergelijking met KL, is dat iedereen hier zijn richtingaanwijzer gebruikt. Zelfs als je op een kruising rechtdoor wil: als je beide richtingaanwijzers (dus de alarmlichten) aan hebt, betekent dit dat je rechtdoor wil. Wel zo handig.

Toen we eenmaal aangekomen waren in Ubud was het al lunchtijd en hebben we meteen maar een must try in Bali geprobeerd: babi guling, speenvarken. Sommige delen waren erg lekker, heel mals, sommige minder. Dit is meteen ook het grote verschil met Maleisië: overal varkensvlees en bijna geen hoofddoekjes. Wat een verademing!
Daarna volgde een rondwandeling door het stadje. We startten met Ubud Palace, het ‘paleis’ van Ubud’s Koninklijke familie, vervolgd door een beetje een verstopte markt. Daarna kwamen we in een rustig voetgangersstraatje met allemaal kleine tempels en hotels/resorts. Vervolgens kwamen we in een gebied met veel eettentjes, winkeltjes, kledingboetiekjes, spa’s en meer tempeltjes. De winkels zijn allemaal gespecialiseerd in één ding: kunst. De eerste paar winkels zijn nog leuk, maar daarna is het eigenlijk allemaal hetzelfde. Dan wordt onze aandacht getrokken door een processie van mensen in het wit. Het blijkt een begrafenis te zijn. Mooi om eens gezien te hebben. De Sacred Monkey Forest Sanctuary slaan we over. De meeste mensen kijken hun ogen uit naar de aapjes, maar we zien in KL al genoeg aapjes. Ondertussen zijn we toe aan wat afkoeling en gaan ergens binnen In de airco!) wat drinken. Na nog wat rondwandelen kopen we kaartjes voor de traditionele dansvoorstelling ’s avonds en regelen alvast een ritje terug naar het hotel, omdat we niet weten of dit ’s avonds nog lukt. In eerste instantie denk je dat er helemaal geen ‘taxi’s’ zijn, maar na een tijdje merk je dat overal in toeristische gebieden mannetjes in normale kleren staan die je een ritje aan proberen te smeren.

Bij Kafe Batan Waru in Ubud

Bij Kafe Batan Waru in Ubud

We gaan vroeg eten om op tijd te zijn voor de dansvoorstelling. We kiezen een leuk tentje uit onsze reisgids: Kafe Batan Waru en gaan natuurlijk voor de saté, kip en rund, heerlijk! Dan op naar de dansvoorstelling in Ubud Palace. Wij vonden de voorstelling een beetje tegenvallen: mannen slaan op een muziekinstrument met een hoog ‘ting’ gehalte, en dat dan heel hard. Je krijgt er een beetje hoofdpijn van. Dan de dansers: het dansen – eigenlijk meer langzaam bewegen – vergezeld door enge blikken met grote ogen. Niet echt ons ding. Daarna terug naar het resort. Gelukkig wisten we de weg een beetje en konden we de chauffeur het laatste stuk de weg wijzen.

De Luwak koffie

De Luwak koffie

Dat bleek meteen ook het minpunt van de locatie van het resort. Geen enkele chauffeur wist het te vinden en dus konden we zelf geen chauffeur bellen. Dus hebben we maar een tour van het resort geboekt voor de volgende dag. De trip ging richting het noorden van Bali. Ik was niet zo blij met onze chauffeur, hij was namelijk erg ongeduldig en gaf telkens vol gas en remde direct weer hard. Dit, in combinatie met de niet al te goede wegen met veel bochten, maakten mij kotsmisselijk. Ik kon niet wachten tot de eerste stop. Die kondigde zich gelukkig al aan: midden op de weg stond een mannetje en we moesten betalen. Toen ik vroeg waarvoor, kreeg ik als antwoord: voor de rijstvelden. De rijstvelden liggen langs de weg, maar toch moet je hiervoor betalen. Maar wat een prachtige rijstvelden, bij Petulu Village. We keken onze ogen uit. Daarna vroeg de chauffeur of we een koffieplantage wilden zien. En dat wilden we graag. Meteen kwam er een mannetje op ons af gelopen. Eigenlijk hadden we hier helemaal geen zin in, vooral omdat we hem waarschijnlijk moesten betalen naderhand, maar hij was niet weg te slaan. Het was zelfs meer dan een koffieplantage, ze kweekten en allerlei soorten groenten, fruit en kruiden. Mooi om te zien hoe deze planten er eigenlijk uit zien. En het was niet zomaar koffie, maar een hele speciale: Luwak koffie. De koffie-vruchten worden opgegeten door een kat achtige, die de vruchten weer uitpoept.
Mt & Lake Batur

Mt & Lake Batur

Vies, zou je zeggen, maar er volgt een hele uitleg van het vervolg proces. Het bleek eigenlijk een heel aardig mannetje met veel verstand van zaken. De vruchten worden meerdere keren gewassen, gedroogd en vervolgens gebrand tot koffiebonen. Natuurlijk hoor je de koffie dan ook te proeven, dus dat doen we braaf. Bij aankoop van 1 kopje Luwak koffie (ongeveer 5 euro), krijg je een hele rij met allemaal verschillende soorten koffie, vooral erg zoet naar onze smaak. Dan de Luwak koffie. Eerlijk gezegd vonden wij het naar een sterke kop DE koffie smaken… Aan het eind wilden wij het mannetje wat geld geven, maar dat mocht hij niet aannemen. Wij stonden versteld!

Besakih Tempel

Besakih Tempel

Daarna door naar de Mount en Lake Batur. We rijden duidelijk omhoog en dan staat er weer een mannetje op de weg die om geld vraagt. Overal moet je blijkbaar een soort van toegangsgeld betalen, ook al is het maar een openbare weg die ergens langs loopt. Maar het uitzicht is geweldig: Mount Batur is een vulkaan met daarnaast Lake Batur, een enorm meer. Hierna gaan we door naar de Besakih Tempel, de grootste tempel in Bali. Wat onze chauffeur pas vertelt als we daar aankomen, is dat je een sarong moet hebben om het terrein op te mogen. Nou had ik mijn omslagdoek meegenomen, maar deze werd niet goed bevonden. Dus moesten we ter plekke twee sarongs kopen. Nou zijn deze normaal niet echt duur, maar hier moesten mensen ze wel kopen om het terrein op te mogen en in de buurt was er verder ook niets, dus konden ze de hoofdprijs vragen en dat deden ze dan ook. Natuurlijk moet je dan afdingen, maar dat is niet echt ons beste ding en ze wisten dat we ze moesten hebben. Uiteindelijk hebben we voor veel te veel geld twee sarongs gekocht. Mijne waaide de hele tijd open, zodat het idee van de benen bedekken niet echt werkte. Een eenmaal binnen zag ik mensen met kortere omslagdoeken, precies zoals mijn eigen waar ik dus niet mee naar binnen mocht… Ik was een beetje in een geïrriteerde stemming, maar toen we uiteindelijk het enorme tempelcomplex zagen, tegen een berg aan gelegen, was de stemming direct weer goed. Wat indrukwekkend! Prachtig. Hier hebben we enorm veel foto’s genomen. In totaal (hele Bali trip) hebben we overigens meer dan duizend foto’s gemaakt. Het was dus een hele klus om dit uit te zoeken…

Rijst terrassen bij Rendang

Rijst terrassen bij Rendang

Daarna op naar de lunch. De chauffeur zou ons naar een mooi plekje brengen. En dat was het ook! Restaurant Mahagiri, panoramic rice field Rendang. Wat een prachtig uitzicht op de rijst terrassen. Het eten zelf was een Balinees buffet, eerlijk gezegd niet echt geweldig. En alleen maar toeristen, terwijl het in de middle of nowhere lag. Blijkbaar krijgen de chauffeurs hier zelf gratis wat te eten als ze toeristen brengen. Na deze late lunch hadden we eigenlijk twee keuzes: zonsondergang bij de Tanah Lot tempel of bij de Ulu Watu tempel. Deze laatste had mijn voorkeur, maar de chauffeur betwijfelde of we het zouden halen voor zonsondergang (om 6 uur). Dus was er weinig keus en gingen we dus naar de Tanah Lot Tempel, volgens de reisgids erg toeristisch en redelijk recent. En dat toeristische hebben we geweten. Eerst moet je door straten vol moet toeristische meuk en wat een mensen stonden er al te wachten bij het water… De Tanah Lot tempel ligt namelijk op een rots in het water, enkele tientallen meters voor de kust. Maar het ziet er wel erg schilderachtig uit.
Tanah Lot tempel

Tanah Lot tempel

We lopen een heel stuk naar rechts, waar het veel rustiger is en Sjoerd maakt wederom enorm veel foto’s. Toch moeten we hier weg, want het begint vloed te worden. Ondanks de vele mensen toch wel een erg mooie locatie en een erg mooie zonsondergang. Daarna in colonne naar de uitgang, waar alle chauffeurs staan te wachten op hun gasten. Dit zie je overigens bij elke toeristische attractie. We vinden onze chauffeur makkelijk, of beter gezegd hij ons, want ik heb een erg opvallend gekleurd topje aan en dan begint de file om weg te komen. Alhoewel het hemelsbreed maar een paar kilometer is naar ons resort, moeten we een hele omweg maken om er te komen. Daarna hebben we nog wat gegeten bij het resort (curry ayam en beef rendang) en nog even lekker in bad gelegen.

Sjoerd met zijn wakeboard

Sjoerd met zijn wakeboard

De dag daarna was een relax dag op Echo Beach. We huurden lekkere ligstoelen en Sjoerd een wakeboard. Echo Beach is met haar zwarte zand en een beetje afgelegen ligging niet echt toeristisch, maar staat wel bekend bij de surfers vanwege de hoge golven. En dat hebben we gemerkt toen we in het water gingen! Naast de hoge golven, erge trekkracht zodat je helemaal meegesleept wordt. Zelfs als je nog niet eens voor de helft in het water bent. Voor mij reden om heb bij één keer het water in gaan te houden. Sjoerd heeft dapper geprobeerd te wakeboarden, maar dat viel niet mee. Wederom zonsondergang op het strand gekeken, daarna lekker gegeten bij de strandtent.

Omdat geen enkele chauffeur het resort kon vinden, hebben we het resort maar gevraagd een chauffeur te regelen om ons de volgende dag weer rond te toeren. Dit keer ging de reis richting het zuiden. En we wilden minder lang in de auto zitten, en dus meer tijd hebben om rond te kijken en te genieten. We begonnen ’s ochtends in Seminyak, een hip stadje met vooral veel winkels. Ik was op zoek naar een elastiekje voor in mijn haar omdat ik deze verloren was op het strand. Nou zou je zeggen, niet echt een moeilijke opgave, maar dat bleek tegen te vallen. Er waren heel veel winkels met leuke dingen voor in huis, sierraden en heel veel kleding, maar een elastiekje…

Garadu Wisnu Kencana Cultural Park

Garadu Wisnu Kencana Cultural Park

Daarna zijn we doorgegaan naar Garadu Wisnu Kencana Cultural Park, een soort park omgeven door hoge rotsen, met twee gigantische beelden. Mooi om foto’s te maken, maar meer ook niet. En er was een mooi uitzicht over het zuiden van het eiland. Daarna door naar Dreamland Beach, ze zeggen één van de mooiste stranden van Bali. Wat wel grappig was om te zien, dat de weg naar het strand toe bijna een privé weg was met allemaal resorts (veel nog in aanbouw) en een golfbaan. Omdat er weinig parkeerplaats bij het strand is, moet je eerst naar een nabijgelegen waterpretpark om te parkeren en met een pendelbus naar het strand. En inderdaad, het was een prachtig strand waar we genoten hebben van een nasi campur en een drankje.

Bij Ulu Watu tempel

Bij Ulu Watu tempel

We konden niet heel lang blijven want we wilden op tijd (vóór zonsondergang) bij de Ulu Watu tempel zijn. Dit is een tempelcomplex, hoog op de rotsen gelegen, op het zuidelijke puntje van Bali. Prachtig, en wat een uitzicht! Wij hadden braaf weer onze sarongs meegenomen, maar hier krijg je na betaling van het entreegeld een gratis sarong te leen. Wat een service! Ook wordt je van te voren gewaarschuwd voor de aapjes (staat overigens ook in bijna elke reisgids). De aapjes pakken (of stelen?) namelijk alles wat ze kunnen pakken. Zonnebrillen en hoofddeksels zijn erg gewild, dus dan maar even zonder zonnebril, maar dat valt erg tegen met de felle zon. Tassen voor je dragen en erg goed opletten dus. Als we nog maar net binnen zijn zien we een aapje al de bril van een vrouw pakken en er lekker mee spelen. Eigenlijk wilden we hier naar de zonsondergang kijken, maar we besluiten toch een kaartje te kopen voor de dansvoorstelling. Hopen dat deze meer in de smaak valt dan de eerste in Ubud… En dat deed het. De Kecak & Fire Dance bij Ulu Watu is echt geweldig! Geen vervelende instrumenten, maar een hele groep mannen, ongeveer 50 schat ik, die zorgt voor de muziek. Erg indrukwekkend. Naast het wederom langzame dansen met grote ogen, waren er veel grapjes en op het eind vuur. Echt een aanrader.

Op de terugweg naar het resort wilden we nog wat eten, maar dan niet op het super toeristische strand bij Jimbaran (wat veel mensen doen nadat ze deze tempel bezocht hebben), maar we wilden wat meer lokaals. De chauffeur wist wel een plekje en hij bracht ons naar een restaurant dat bekend staat om de beste spareribs van Bali: iiga Warung. En lekker dat ze waren! En weinig toeristen.

Kecak & Fire Dance bij Ulu Watu

Kecak & Fire Dance bij Ulu Watu

De volgende dag hebben we lekker uitgeslapen en rustig aan gedaan omdat we om drie uur ’s middags naar het vliegveld gebracht zouden worden. Echter, om half één vroeg de chauffeur van het hotel of wij het erg vonden eerder naar het vliegveld te gaan. Hij moest namelijk een ander stel naar Seminyak brengen en kon ons meteen meenemen, zodat hij niet twee keer hoefde te rijden. In eerste instantie had ik hier niet zoveel zin in omdat ik liever nog even op het resort bleef dan op het vliegveld te wachten, maar we besloten uiteindelijk niet moeilijk te doen en toch mee te gaan. We waren natuurlijk veel te vroeg op het vliegveld en wilden onze bagage alvast inchecken, zodat we daarna door de douane en het hele gebeuren konden en nog wat konden shoppen. Er was een mooie Malaysia Airlines balie en daar gingen we in de rij staan. Maar we konden hier onze bagage niet inchecken, dat kon pas twee uur van te voren. Dit vonden wij onzin, de balie was toch gewoon open? Dus op naar het kantoor van Malaysia Airlines om ons beklag te doen. Nee, we konden onze bagage pas twee uur van te voren inchecken, maar misschien was er nog plaats over in de eerstvolgende vlucht? Nou, uiteindelijk konden we dus zonder bijbetaling een vlucht eerder nemen. Super!
Wat wel goed is om te weten, en wat niet in alle reisgidsen vermeld wordt, is dat je op het vliegveld nog een ‘vertrekbelasting’ moet betalen: 150.000 rupiah per persoon. Is wel handig om te weten voordat je al je rupiahs opgemaakt hebt…

Jeetje, wat is het een lang verhaal geworden. Maar er was ook zoveel te vertellen! Ik zal het volgende keer proberen korter te houden… Oh ja, meer foto’s staan op Facebook. Nu verder met de voorbereidingen voor Vietnam. Zin in!

Druk, druk, druk…

We zijn al weer bijna een maand terug uit Bali, wat vliegt de tijd zeg! Ik beloof het, binnenkort een verslag van Bali, maar nu eerst een verslag van de afgelopen weken. Eigenlijk moet ik eerst mijn ‘to do’ lijstje van deze week afmaken, maar het internet ligt eruit, dus ik kan weinig anders doen dan dit verhaal schrijven…
Ook weer zoiets typisch Maleis: je moet minimaal één keer per maand je internettegoed online opwaarden, anders lig je eruit. Nou is die maand nog niet voorbij, maar is het tegoed gewoon. Geen probleem, zou je denken, dan waardeer dat je dat gewoon even op? Niet dus, dat kan alleen als je op internet zit. Normaal vraag ik Sjoerd dat dan even te doen op zijn telefoon of op het werk, maar hij is voor werk naar Bintulu (Sarawak) en is de hele dag op site en mag daar geen telefoon bij zich hebben. En echt vroeg is hij ook niet op zijn hotelkamer, gister pas rond 11 uur ’s avonds, dus dat wordt nog lang wachten. Ander alternatief is naar het werk rijden om het daar op te waarderen, maar met de vrijdagmiddag spits kan dat uren duren en dat is ook een beetje zonde van de tijd. Maar wachten dus…

De periode voor Kerst is het hier een gekkenhuis, alles moet nog net voor het nieuwe jaar af en er zijn heel veel activiteiten. En leuke activiteiten, dus die wil je niet missen. Daarbij komt dat veel mensen dit weekend naar ‘huis’ (Nederland of welk land dan ook) gaan en als ze niet naar huis gaan, gaan ze wel op vakantie.

IWAKL

IWAKL

Ook de International Women’s Association KL (IWAKL) organiseerde afgelopen maand weer veel activiteiten: een Deepavali lunch (Deepavali is het feest van het licht voor de Hindoes) en een lunch bij de vrouw van de ambassadeur van Fiji thuis met veel lekker eten naar origineel Fiji’s recept. Helaas namen we hier ook afscheid van een aantal dames, omdat zij KL gaan verlaten. Dat blijf ik moeilijk vinden: heb je net een beetje een band met iemand opgebouwd, gaan ze al weer weg. Vervolgens stond er nog een Kerstlunch op het programma, grappig genoeg op 5 december.

Raften

Raften

Ook de Nederlandse Vereniging in Maleisië had veel op het programma staan. We begonnen met een Sinterklaas koffieochtend waar het heel druk was. Niet vanwege de koffie of thee, maar om het Sinterklaas snoepgoed dat in Nederland besteld was en inmiddels aangekomen was in KL. Bergen pepernoten, banketstaven, chocoladeletters, inpakpapier en nog veel meer. Zo kunnen de Nederlanders hier toch een beetje meegenieten van Sinterklaas. Aangezien wij thuis nog veel pepernoten hadden liggen (en het weg aan de prijs was), heb ik me zeer beschaafd gedragen en alleen een gevulde speculaas gekocht.
Een paar dagen later was het tijd om te gaan raften. Sjoerd zit sinds kort in de sportcommissie en ze hadden bedacht te gaan raften. Niet echt mijn ding, dus ik bleef thuis. Sjoerd kon helaas ook niet mee gaan raften, omdat hij een schimmelinfectie onder zijn oksel had en de dokter adviseerde niet in het water te gaan. Hij baalde er echt van, maar is toch meegegaan om foto’s te maken. Hele mooie foto’s zelfs, die kan ik weer goed gebruiken voor in de Flits. Uiteindelijk was Sjoerd’s dag helemaal geslaagd, hij mocht namelijk in een wagen de glibberige wegen en heuvels op rijden.
Ook hebben we met een groep Nederlanders een Nederlandse film gekeken, Quiz. Op zondag 2 december was het dan echt tijd voor Sinterklaas. Ook hier komt hij gewoon op zijn paard aan, vergezeld door een hele hoop pieten. We waren hier zelf niet bij, maar ik heb ondertussen veel foto’s gezien en het is echt een hele belevenis. Toch wel speciaal zo, hier in Maleisië…
Winter Wonderland Party

Winter Wonderland Party

En last but nog least was het afgelopen weekend tijd voor de Winter Wonderland White Party in de Skihut! Het verbaasde me waar iedereen toch al die winter- en skispullen vandaan haalde. Die hebben wij toch nog steeds in Nederland liggen. Uiteindelijk hebben we een stel handschoenen gevonden en die maar aan gedaan. Sjoerd zelfs vergezeld door een sjaal. En we hebben glühwein gehad!

Team Spirit incl partners en kids

Team Spirit incl partners en kids

Vorige week waren Sjoerd’s baas en zijn vrouw weer in KL. Dat betekende wederom een drukte: etentje, borrelen, etc. En zaterdag hebben we zijn zoon en diens vriendin nog een korte rondleiding KL gegeven.
Om een beetje in de Kerstsfeer te komen, zijn we afgelopen zondag naar een optreden van het koor van een vriendin gegaan: kerstliedjes zingen in een overvolle kerk. En na afloop wederom een glaasje glühwein, heerlijk!

Tussen al deze dingen door ben ik ook nog heel druk bezig voor de Nederlandse Vereniging. Naast het hoofdredacteurschap van de Flits – wat al veel tijd kost – zit ik nu ook in het bestuur met als taak ‘communicatie’: naast de Flits ook de Facebook pagina en de website. Nou is het niet het bijhouden van de website, maar het maken van een nieuwe, in samenwerking met een website bouwer. Afgelopen tijd veel vergaderingen en etentjes gehad. Ondertussen zijn we ook druk bezig met de sponsoren voor komend jaar. Allemaal erg leuk, maar erg tijdrovend…

Tenslotte nog maar weer eens iets typisch Maleis. Iets waar ik weet dat ik me niet druk om moet maken, maar waar ik me dus wel druk over maak. Toen wij hier vorige jaar aankwamen – ja, het is al weer meer dan een jaar geleden dat wij hier aankwamen – zou ik een ‘dependant pass’ (een verblijfsvergunning) krijgen voor drie jaar. Uiteindelijk kreeg ik een ‘dependant pass’ voor 1 jaar, zonder uitleg waarom. Maar verlengen zou een fluitje van een cent zijn, zeiden ze.
Gelukkig ben ik er al in oktober achter aan gegaan en bleek het helemaal geen fluitje van een cent! Het bleek namelijk dat er vorig jaar een foutje gemaakt was en de autoriteiten mij een ‘social visit pass’ toegewezen hadden, maar de immigratiedienst uiteindelijk een ‘dependant pass’ in mijn paspoort gestempeld hadden. Niet dat iemand mij dat vorig jaar verteld had natuurlijk!

Paspoort met verblijfsvergunning

Paspoort met verblijfsvergunning

Het hele proces moest weer van voren af aan doorlopen worden. Daarbij kwam dat vorig jaar Sjoerd’s collega Jenny aangewezen was als tekenbevoegd voor het bedrijf. Jenny werkt inmiddels niet voor het bedrijf en in juli hebben Sjoerd en zijn baas (die dus in NL zit) al honderd formulieren in moeten vullen om Sjoerd aan te wijzen als tekenbevoegd. Dacht je dat het geregeld was, nee hoor! Omdat de immigratiedienst vorig jaar mijn paspoort verkeerd gestempeld heeft, mag Sjoerd niet meer tekenen, maar moet een ‘local manager’ tekenen. Tja, ze verzinnen hier altijd wel weer een nieuw regeltje… Maar het probleem is dat het kantoor hier helemaal geen local manager heeft! Dus via een omweg is één van Sjoerd’s collega’s enkel voor dit geval aangesteld als manager en zou hij mogen tekenen. Weer een hele berg papieren invullen… En je moet er echt elke week achter aan gaan, anders gebeurt er helemaal niets!
Daarna moest ik weer mijn hele paspoort copieren. En met hele paspoort bedoel ik inderdaad het héle paspoort, inclusief alle lege pagina’s. Toen kwam de melding dat ‘stage 1’ van de vergunning ingediend was en dat dit 7 tot 10 werkdagen zou duren. En het was al voorbij half november, terwijl mijn vergunning 8 december zou verlopen… Daarna volgt ‘stage 2’wat weer 7 tot 10 werkdagen zou duren. Daarna komen ze je paspoort ophalen om te stempelen, wat weer een week kan duren. Volgens mijn berekening zou het nooit kunnen lukken voor die datum, maar warempel: vrijdag 7 december kreeg ik mijn paspoort terug en mag ik weer een jaar blijven. Jippie!

Waar ik dacht dat het deze week rustig zou worden, met veel naar huis op of vakantie vertrekkende mensen en Sjoerd die dinsdag weer vertrokken is naar Bintulu voor meer dan anderhalve week, staat mij ‘to do’ lijst nog steeds overvol. Afgewisseld met leuke dingen natuurlijk.
Gisteravond ben ik naar het concert van de Jacksons geweest. Wat een belevenis. En vooral wat een verschil met een optreden in Nederland! Het zou om 8 uur ’s avonds beginnen, dus wij waren erg op tijd. Bijna uitgestorven. Waren we wel op de goede locatie? Ja hoor! Om kwart voor acht kon je het stadium nog niet eens binnen! Dan maar even wat gadgets kopen. Toen we kwart over 8 binnen waren, was de zaal nog niet eens voor een kwart gevuld. Rond negen uur begon het dan toch echt. Tenminste dat dachten we, maar toen begon het voorprogramma… Wederom een wijze les (zoals bijna elke dag wel): waarom zou je op tijd komen? Toch blijf ik het hier moeilijk mee hebben en ben ik bijna altijd de eerste en kan soms wel een uur moeten wachten.

The Jacksons concert

The Jacksons concert

Iets wat we wel gedaan hebben, en wat typisch Maleis (meer Chinees eigenlijk denk ik) is: brutaal zijn. Zoals gezegd was het stadium half leeg en hadden ze de achterste mensen al wat naar voren gehaald. Wij zaten eigenlijk in categorie 2, maar omdat ze die ook verplaatst hadden en onze stoelen niet meer beschikbaar waren, waren we zo brutaal om gewoon door te lopen naar het VIP gedeelte voor het podium. Ze komen dan wel achter je aan, maar als je gewoon blijft zitten lopen ze vanzelf wel weer weg en heb je dus een mooi zitplekje. Ja, zitplekje. Ik dacht bij een stadiumconcert meer aan staanplaatsen (vooral op het veld), maar overal stonden van die mooie plastic stoeltjes. Maar natuurlijk, de Maleiers zijn een beetje lui en houden niet van staan. Ik had het kunnen weten…
Toen het concert eindelijk begon, bleef iedereen dus braaf zitten. Wij konden ons niet beheersen en gingen bij de echte dansnummers toch echt staan en meedansen. Maar het was het waard, wat een optreden! Geweldig!

Vanavond ga ik met twee dames van de Flits een bar uittesten voor ons nieuwe onderwerp Borrelen. Wat vervelend zeg?! Morgen ochtend, als ik hopelijk weer internet heb, ook nog even dit verhaaltje op de blog zetten.

En omdat iedereen weg is met Kerst hebben Sjoerd en ik bedacht ook maar weg te gaan. Als het goed is komt Sjoerd zaterdag de 22e terug en kunnen we zondag of maandag weg. Ik was tot een paar uur geleden druk op zoek naar de mogelijkheden op het internet, maar dat ligt nu dus even stil. Maar waarschijnlijk gaan we naar Vietnam, Hoi An en Hanoi. Zin in!!

Flits september

Zoals ik in het vorige stukje al schreef ben ik erg druk geweest (en nog steeds) met de Flits. Hieronder het resultaat van het september nummer.
Eén van de redenen dat ik het zo druk had en heb met de Flits is dat de twee dames die alles coördineerden (eigenlijk een soort van ‘hoofdredacteur’) ermee gestopt zijn en mij gevraagd hebben het van hen over te nemen. Natuurlijk heb ik dit aanbod geaccepteerd en vanaf nu ben ik verantwoordelijk voor de Flits. Dus naast het schrijven, ook stukken van anderen lezen, planning, afspraken maken, de rest van de redactie, het bestuur en de commissies achter de vodden aan zitten om hun bijdrage op tijd aan te leveren, etc. Heel leuk allemaal, maar erg tijdrovend. Maar het is weer een nieuwe uitdaging!

Terug naar het ‘alledaagse’ leven in KL

Ondertussen zijn we al weer twee weken terug in KL: thuis in KL om beter te zeggen. Helaas was de terugreis niet helemaal wat we ervan verwacht hadden. We hadden ons een beetje luxe veroorloofd door een speciale stoel te boeken: achterin het vliegtuig, daar waar de stoelen aan de zijkant van het vliegtuig van drie naar twee naast elkaar overgaan. Zodoende heb je iets meer ruimte voor je benen en heb je geen last van langskomende mensen. Dit leek goed te gaan (het achterste gedeelte van het vliegtuig was bijna leeg…), maar vijf minuten voor vertrek kwam er een groep van ongeveer 100 Polen binnen die volgens mij al niet helemaal nuchter waren, om het voorzichtig uit te drukken. Direct vanaf de start hadden ze het al op een zuipen gezet, geen idee waar die alcohol vandaan kwam. Vervolgens zaten, lagen en stonden ze overal en zoals je misschien wel kunt raden stonden ze erg graag direct naast mij stoel, want daar was wat extra ruimte. Van een relaxte vlucht en lekker slapen kwam dus niet veel terecht…

Bij de Engelse klokkentoren op het plein

Bij de Engelse klokkentoren op het plein

Eenmaal terug in KL lag er toch een stapel werk te wachten. Alsof er niets gebeurd was in de maand dat wij weg waren geweest. Misschien hadden wij iets te hoge verwachtingen? Net voordat we naar Nederland vertrokken had ik een ontwerp voor het IWAKL galabal logo, flyers en tickets gemaakt en deze in onze vakantie zelfs al meerdere malen aangepast. Terug in KL verwachtte in dus dat de flyers al geprint waren, maar niets bleek minder waar. Er was niets gebeurd en het moest wéér aangepast worden (dat krijg je ervan als je telkens iedereen om een mening vraagt en iedereen een andere mening heeft). Uiteindelijk is één van de dames bij mij thuis langs gekomen om de definitieve versie te maken. Ik dacht deze keer echt dat het definitief zou zijn, want er moest de volgende dag echt geprint worden. Maar helaas, wederom werd het voorstel aan iedereen doorgestuurd met alle gevolgen van dien. Maar uiteindelijk is het goed gekomen en zijn de flyers en tickets geprint. Helaas is het nog niet klaar, want er moet later nog een programmaboekje gemaakt worden. Wordt dus leuk…

Daarnaast was bijna iedereen weg of te druk en was er nog niets gedaan voor de Flits van oktober. Die hebben we met z’n tweeën even in een weekje in elkaar geknald en nu op naar het volgende nummer dat over twee weken al de deadline heeft. Maar als je dan het resultaat van het septembernummer ziet, dan weet je weer waar je het voor doet.

Ook Sjoerd heeft heel wat te voorduren gehad op het werk. We waren nog geen week terug, of hij moest al weer voor een paar dagen naar Labuan. Daardoor had ik wel alle tijd om alles voor de Flits op tijd af te krijgen. Zaterdag is hij terug gekomen, maar ons idee om een lang weekend naar Penang te gaan (maandag was een feestdag) was al in de soep gelopen.

De jungle track in Fraser Hill

De jungle track in Fraser Hill

In plaats daarvan zijn we een dagje naar Fraser Hill (Bukit Fraser) geweest. Volgens meerdere bronnen zou het ongeveer anderhalf uur rijden zijn vanaf Kuala Lumpur en aangezien wij in het noorden van de stad wonen moesten wij het toch makkelijk binnen die tijd zien te redden. Maar als TomTom aangeeft dat je midden in een dorpje 110 km per uur mag rijden, gaat er toch echt iets mis. En in de bergen rijd je met al die haarspeldbochten ook niet 50 tot 60 km per uur, vooral niet als er een bangerik voor je rijdt. Maar we zijn er gekomen. Het was er niet extreem druk en een aangenaam temperatuurtje. Het leuke aan Fraser Hill is dat het niet zo populair is als bijvoorbeeld Genting Highlands en er dus niet zoveel toeristen komen en dus meer lokale mensen. Je schijnt er goed vogels te kunnen spotten, maar dat viel ons een beetje tegen.
Na eerst even het dorpje met zijn prachtige koloniale architectuur bekeken te hebben (het is van oorsprong een hill station voor de Britten) hebben we een jungle track gedaan. Erg mooi en beter te doen dan bijvoorbeeld in het FRIM of Redang waar we eerder een jungle track gedaan hebben, omdat het een paar graden koeler is. Alhoewel, in de jungle zelf is het toch wat warmer dan op de weg.

Junior en senior Diepen op kantoor

Junior en senior Diepen op kantoor

Daarna besloten we via een kleine omweg naar de auto terug te gaan. Dachten we, want op de kaart leek het niet zo ver, maar de kaart was niet echt op schaal. Daarna wilden we, zoals dat hoort in een Brits hill station, een kopje thee met een scone eten. We hadden een leuk adresje gekregen, maar deze bleek gesloten te zijn wegen een bruiloft. Dus maar weer terug naar het dorpje, maar bij het tentje waar we beland waren hadden ze geen scones. Ik heb het zelfs gevraagd en het stond ook niet op de kaart. Om een beetje Engels te blijven bestelde ik een ‘bread and butter pudding’ en Sjoerd een kipburger. Toen wij lekker aan het smullen waren, kreeg het stel naast ons een mandje met scones. Wij keken elkaar een beetje vreemd aan en dachten ‘het zal wel’, het is en blijft Maleisië… Als laatste stond een bezoekje aan een waterval met zwemmogelijkheid op het programma. We liepen al braaf de hele dag in onze zwemkleding (natuurlijk onder de andere kleren), handdoeken en droge kleren lagen in de auto. Maar helaas, halverwege de weg stond een blokkade en een bord in het Maleis. Geen idee wat er stond, maar volgens mij was het niet de bedoeling dat je verder reed. Toen er nog iemand aankwam vroegen we het en inderdaad, je mocht niet verder rijden, alleen lopen. En het was nog een héél eind lopen. Aangezien het al eind van de middag was hebben we maar besloten terug naar huis te rijden. Hebben we nog wat om voor terug te komen.

Sinterklaas was vroeg dit jaar...

Sinterklaas was vroeg dit jaar…

Dinsdag middag zijn Sjoerd’s ouders aangekomen voor een logeerpartijtje van drie weken. We mochten ze niet ophalen van het vliegveld, dus zaten braaf thuis te wachten tot de beveiliging zou bellen dat er gasten voor ons waren en of ze die binnen mochten laten. Maar Sjoerd’s ouders zagen er blijkbaar heel betrouwbaar uit (of misschien lachten ze lief), dat ze direct doorgelaten werden en met bewaker en al voor de deur stonden. Wat een verrassing! We wisten dat ze een hele berg spullen uit Nederland meegenomen hadden, maar zoveel hadden we toch echt niet verwacht. Zelf meer dan het dubbele van de toegestane hoeveelheid alcohol die je Maleisië binnen mag brengen. Bijgevoegd een foto van de uitstalling die we ervan gemaakt hebben: stroopwafels (en veel!), stroopkoeken, kaas, alcohol, krentenbollen, chocopasta, speculaaspasta, pindakaas, zelfgemaakte jam, hagelslag, drop, pepernoten, kruiden, tijdschriften, lenzen en natuurlijk haring. Sorry, als ik iets vergeten ben… Het leek wel Sinterklaas!

Hilmy is erg blij met de stroopwafels

Hilmy is erg blij met de stroopwafels

Ondertussen hebben we, naast al het geweldige eten natuurlijk, ze al het kantoor en de Petronas Towers laten zien (en natuurlijk het bijbehorende winkelcentrum Suria KLCC). Natuurlijk moesten er op kantoor ook mensen blij gemaakt worden met stroopwafels. Vandaag een dagje rustig aan bij het zwembad en morgen op naar de Petronas Towers: naar de luchtbrug en het observatiedek op de 86e verdieping (als ik me niet vergis). Iets waar we zelf niet zo warm voor liepen, omdat mij verteld was dat je dan om zes uur ’s ochtends voor de deur moest liggen om (gratis, maar beperkt aantal) tickets voor de luchtbrug te bemachtigen. Mede doordat de luchtbrug niet echt hoog zit en je niet geheel rond kan kijken, hadden wij nooit zo’n behoefte hieraan. In de KL Tower zit je namelijk veel hoger en kun je 360 graden rondkijken. Gelukkig is het voorgenoemde niet meer het geval bij de Petronas Towers en kun je gewoon een ticket voor over een paar uur kopen, of voor een aantal dagen later. En je mag ook naar de 86e verdieping. Dit hebben we dus maar gedaan en morgen gaan we er dus echt naar boven! Woehoe! Met dank aan Peter en Loor.

En zondag staat ons nog een Chinese bruiloft te wachten, dus we hebben niets te klagen!

Eerste keer samen terug in NL

Ondertussen zijn we al weer anderhalve week, bijna twee weken, in Nederland en het bevalt prima! Heerlijk weertje, lekker overal met de fiets naartoe, vrienden en familie ontmoeten, overal lekker eten, … Momenteel zien we er tegenop om weer terug te moeten, maar hopelijk verandert dat de komende weken nog wel.

Haring happen

Haring happen

Het begon allemaal zondagochtend 5 augustus op Schiphol. Sjoerd’s ouders en zusje (Milou) stonden ons op te wachten en we vlogen elkaar in de armen. Nog voordat we in de auto stapten om samen te gaan ontbijten, werd er nog een haring verorberd door Sjoerd en kreeg ik twee flessen wijn in mijn handen geduwd. Wat een aankomst! Daarna hebben we gezellig bijgekletst tijdens een extra lang ontbijt, waarna we afscheid namen van Milou en weer terug reden naar Schiphol, omdat ik nog twee herhalingsvaccins wilde halen. Ik heb namelijk mijn twijfels of ik in Kuala Lumpur precies hetzelfde zou krijgen en wil geen risico lopen. Daarna lekker in de auto naar Eindhoven en nog een drankje gedaan op het terras van het hotel. Wel gek om in je ‘eigen’ stad in een hotel te slapen. Nog gekker dat iedereen Nederlands spreekt en je dus op moet letten met roddelen…

Terrasje voor het hotel

Terrasje voor het hotel

We hadden een auto gehuurd (die ik maandag pas op kon halen), maar een fiets is ook wel handig. Mijn eigen fiets wel te verstaan. Deze stond bij vrienden en konden we direct ophalen. Sjoerd kon zijn fiets nog niet ophalen, dus hadden we een fiets op het station gehuurd en gingen we op weg naar iets wat we altijd deden als we terug kwamen van vakantie: naar de friettent om de hoek. Frietje speciaal, frietje stoof en een kroket. Wat smaakte dat goed! Toen we weer terug waren in het hotel vielen we als een blok in slaap om vervolgens midden in de nacht weer wakker te worden.

De eerste twee weken moet Sjoerd nog werken en vanaf morgen is het echt vakantie! De eerste week was hij in België voor een project en bleef daar ook slapen. Dus nu was ik voor de verandering weer eens alleen, maar dan in Nederland. In Eindhoven nog wel! Maar de week vloog voorbij. Nadat ik maandag de auto had opgehaald ben ik naar mijn ouders gegaan. Wat heerlijk om elkaar weer te zien! Maar het voelde ook als thuiskomen, want vooral het laatste stukje in de auto over de slingerweggetjes voelde zo vertrouwd. Alsof ik er gisteren nog was geweest.

Floriade

Floriade

We gingen ’even’ naar Horst om een rondje door het centrum te wandelen en een ijsje te eten, maar dat werd iets langer. We liepen langs een modezaak met een flinke opruiming en dat kon ik niet weerstaan. In Kuala Lumpur kan ik bijna geen kleren vinden, want ze zijn allemaal te klein. Hier ging een wereld voor mij open. Een beetje sneu voor mijn vader, want hij heeft volgens mij wel twee uur gewacht in die winkel… Maar het resultaat mag er zijn: 6 stuks nieuwe kleren. Helaas was er toen geen tijd meer voor een ijsje… Na een Hollandse maaltijd (heerlijk) was het tijd voor een avondwandeling, lekker door het platteland. Wat is dat heerlijk zeg! Dat missen wij echt in KL. Gelukkig bleef ik slapen en konden we onder het genot van een wijntje verder kletsen en genieten van een film.

Floriade

Floriade

Dinsdag zijn we naar de Floriade geweest. Erg mooi en erg gezellig. Toch wel bijzonder als je je beseft dat het maar eens in de 10 jaar in Nederland is. En zo dichtbij. Gelukkig was er vandaag wel tijd voor een ijsje. En om de dag af te sluiten een frietje. Deze keer met een andere Hollandse snack: een kaassoufflé. ’s Avonds ben ik maar weer naar het hotel gegaan, want woensdag moest ik toch echt wel even wat doen op de laptop, inclusief een dvd’tje branden wat toch iets langer duurde dan gedacht. Tussendoor nog even geshopt naar bikini en bh’s, iets wat in KL echt onmogelijk te vinden is in mijn maat. Vooral de bikini bleek lastiger dan gedacht, want het is hier al een tijdje uitverkoop. Maar uiteindelijk ben ik toch geslaagd.

Donderdag ben ik weer naar mijn ouders gegaan en ben ik ’s middags lekker gaan fietsen met mijn vader. Na een heerlijke pot spaghetti en een wijntje ’s avonds bleef ik weer een nachtje slapen. Vrijdag hebben we nog een mooie wandeling langs de Maas gemaakt en ben ik weer richting Eindhoven gegaan omdat ik afgesproken had even op bezoek te gaan bij Patricia. Die had, zoals altijd, erg uitgepakt en ik moest wel blijven eten. Wat vervelend zeg! Na weer helemaal bijgepraat te zijn ben ik weer naar het hotel gegaan om vervolgens naar de Dommelstraat te gaan om (eindelijk) Sjoerd weer te zien. Hij had een klant (Tim) meegenomen die wij in Perth al ontmoet hadden en die die week ook in België moest zijn voor hetzelfde project. Ze waren al lekker aan het bieren en dat werd voortgezet in de Bierprofessor. De naam zegt genoeg denk ik… Daarna werd het nachtelijk snacken nog uitgeprobeerd, terwijl ik ondertussen al moe in mijn bedje lag.

Haring happen met Tim

Haring happen met Tim

Zaterdag ochtend hebben we Tim nog iets meer dan de Hollandse cultuur laten zien en hem meegenomen naar de Woenselse Markt en hem haring en verse stroopwafel laten proeven. De haring was niet echt een succes. Hij wilde nog iets meer van Nederland zien en vertrok ’s middags met de trein naar Amsterdam. Wij zijn ’s middags naar de kapper gegaan. Helaas was de kapster die ons altijd knipt er niet, maar kon Sjoerd nog wel geknipt worden. Het gekke is dat mensen dan vragen of je al op vakantie bent geweest. Als je dan antwoordt dat je hier op vakantie bent, snappen ze er helemaal niets meer van… Zo ook elke keer als ik wil betalen met mijn Maleise bankpas. Daarna zijn we nog even langs ‘onze’ supermarkt gegaan en daarna langs enkele mensen uit onze oude buurt. Helaas waren ze allemaal niet thuis en gingen we direct door naar Veldhoven om Sjoerd’s fiets op te halen. Zoals altijd is dat niet even langsgaan, maar meteen gezellig twee uur bijkletsen. ’s Avonds zijn we bij Tortilla’s (Mexicaans) gaan eten; mijn oude werk. Gelukkig zagen we nog twee bekende gezichten. Ben benieuwd hoeveel dat er volgende keer nog zijn…

Bowlen

Bowlen

Zondag was het super mooi weer, maar we hadden afgesproken te gaan bowlen in Utrecht met Sjoerd’s zusje Milou en broer Guido en zijn vrouw. Gelukkig besloten we toch te gaan bowlen, want het werd erg gezellig. Volgens mij heeft iedereen wel een keer gewonnen. Daarna nog een drankje op het terras, vervolgd door eten bij de Griek. Erg geslaagd! En wat ben ik weer blij met Westers eten. Maar misschien dat we over twee weken weer verlangen naar Oosters eten…

Maandag was het weer tijd voor werk voor Sjoerd en ging ik mee naar kantoor omdat we een presentatie wilden geven aan de Nederlandse collega’s over ons leven in KL en het kantoor daar. Daarna nog wat bijpraten, lunchen en weer terug naar het hotel. ’s Avonds gingen we bij een collega thuis eten.
Dinsdag ben ik weer naar mijn ouders gegaan en zijn we bij mijn tante op bezoek gegaan. Dan gaat de tijd heel snel, vooral met al dat gereis, en moest ik al weer naar Eindhoven, want we hadden een etentje gepland staan, wederom met collega’s. We gingen bij De Bengel eten. Zij staan bekend om hun lekkere spare ribs, dus die moest ik maar weer eens proberen.

Foto's maken op de Floriade

Foto’s maken op de Floriade

Gisteren ben ik weer gaan shoppen (laatste keer?) en daarna gaan lunchen met een oud collega van mij. Nou ja lunchen? Volgens mij hebben we drie uur op de Markt gezeten en alleen maar gekletst. Op de terugweg naar het hotel nog een ijsje gepakt en toen ouderwets naar de Appie gegaan om boodschappen voor het avondeten te halen. De keuze was niet moeilijk: BBQ’en. Dat hadden we nog niet gedaan in NL. Terwijl de kolen aan het opwarmen waren, kwam Sjoerd ook en hebben we een erg geslaagde avond gehad. We moesten alleen even wachten voordat we naar huis konden, want er kwam me toch een stortbui langs… Eén zoals we in KL maar al te goed kennen, maar voor Nederlandse begrippen wel bijzonder was.

Vanmorgen kwam Sjoerd’s collega Helen mij ophalen om te lunchen bij haar thuis. Ondertussen ben ik weer thuis en ik vond dat we ondertussen toch echt een stukje voor voor de blog moesten schrijven. Dus bij deze.
Morgen ga ik nog bij mijn zusjes op bezoek en daarna begint de vakantie toch echt voor ons. Erg vol, maar we zijn niet voor niets in Nederland…

Mah Meri

Na ons tripje naar Redang is het weer tijd voor het ‘gewone’ leven. Sjoerd is de hele week al naar Perth voor het werk. Maar verveeld heb ik me niet. Daarover straks meer. Eerst nog even over vorig weekend, toen we nog samen waren.

Vrijdag was het tijd voor iets waar wij lang op gewacht hadden: ouderwets een spelletje spelen. De mensen hier zijn niet zo van het spelletjes spelen. Toen wij een net een paar weken in KL waren, kwamen we iemand tegen die hier ook wel van houdt. Echter, de afspraak ging steeds niet door. Afgelopen vrijdag was het dan eindelijk zover. We zouden eerst wat eten, dus ik heb mijn hier inmiddels befaamde cola-ketchup chickenwings gemaakt, in combinatie met een couscoussalade en garnalen. Toen we eindelijk klaar waren met eten was het echter al erg laat en hebben we slechts één spelletje kunnen spelen. Maar het was erg gezellig en wordt herhaald.

De rest van het weekend wilden we een beetje rustig aan doen. Zaterdag zijn we lekker bij Havana (de tent van het EK) gaan eten. Een echte home made burger met voor Sjoerd een Guinness en voor mij een frozen margarita. Heerlijk! Daarna hebben we lekker een massage gehad, een extra lange. Wederom heerlijk. Zondag heb ik Sjoerd meegesleept naar het Islamic Arts Museum. Hier was ik zelf al eens eerder geweest, maar ik moet er voor de Flits een stukje over schrijven, inclusief een foto.

Potluck lunch

Potluck lunch

Maandag ochtend is Sjoerd vertrokken naar Perth. Gelukkig stonden er meerdere interessante dingen op het programma van de IWAKL. Het begon in de week ervoor met de jaarlijkse Potluck lunch: iedereen neemt iets mee. Aangezien wij de dag ervoor pas teruggekomen waren uit Redang, had ik voor iets makkelijks gekozen: een pasta pesto salade. De meeste dames hadden iets typisch voor het land waar ze vandaan komen gemaakt. De hele tafel stond vol en iedereen gaf een korte toelichting. Daarna kon het genieten beginnen. Na de lunch waren er een aantal lezingen.

Kookgroep

Kookgroep

De maandag dat Sjoerd weg ging, was het weer tijd voor de maandelijkse kookgroep. Dit maal Noord-Indiaas. Op het menu stonden dhokra (een soort van gestoomde hartige cake), moongi dahl (gele linzen), almond chicken, mattar paneer (erwtjes met zelfgemaakte cottage cheese), cucumber raita (komkommer in yoghurt) en roti/chapati. Wederom bijzonder leerzaam. Morgen ga ik de almond chicken maken voor Sjoerd, samen met een tropische salade van de kookgroep daarvoor. Nou maar hopen dat het gaat lukken…

Met sherp, kroontje en stafje

Met sherp, kroontje en stafje

Donderdag zouden we naar Carey Island gaan naar de Mah Meri Cultural Village. De Mah Meri (betekent bosmensen) is één van de 18 verschillende Orang Asli (Aboriginal) stammen die Maleisië telt. Zij staan vooral bekend om hun houten beeldhouwwerken. Laat het nou toevallig zijn dat er in KL dinsdag een tentoonstelling, geweid aan deze beeldhouwwerken van de Mah Meri, werd geopend! De IWAKL was uitgenodigd als VIP gast. Op deze manier konden we alvast een indruk krijgen van deze groep mensen. De opening van de tentoonstelling was groots van opzet. Toen we binnen kwamen kregen we allemaal een sherp, kroontje en een soort van stafje, allemaal handgemaakt van (ik denk) bamboe. We kregen een optreden van hun traditionele dans, gevolgd door een toespraak van de minister van toerisme. Daarna was er gelegenheid om met de Mah Meri op de foto te gaan en de tentoonstelling zelf te bekijken. Gevolgd door een traditionele lunch. Hier waren wij wederom VIP gasten en mochten bij de ‘belangrijke’ mensen aan tafel zitten en werden bediend. De andere tafels moesten zelf naar het buffet gaan.

Tijdens de lunch dinsdag

Tijdens de lunch dinsdag

Met deze eerste indruk gingen we donderdag naar het dorp op Carey Island. Het eiland heeft één grote weg met allemaal kleine (zand) weggetjes als aftakking. Op een gegeven moment bereikten we de zee en hield de weg op. We hadden dus de afslag naar het dorp gemist… Keren was niet mogelijk, dus met de touringcar in z’n achteruit tot de eerstvolgende afslag. Daarna bij elke afslag kijken waar het was, want op dit deel van het eiland hadden we geen bereik met onze mobiele telefoons. Uiteindelijk bleek het dorp bijna aan het begin van het eiland te liggen!
Helaas bleek het dorp speciaal voor bezoekers (toeristen) gemaakt te zijn en wonen de mensen een stuk verderop in de echte kampung (kampung betekent dorp). Ze komen speciaal voor bezoekers naar het dorp. Het dorp zag er een beetje te mooi, te nieuw en te gemaakt uit. Maar het idee is goed. Door naar het dorp te komen verdienen ze geld en houden ze zichzelf in leven, naast het werken op de olie palm plantagesop het eiland en het maken van de houten beeldhouwwerken.

Met Mah Meri man...

Met Mah Meri man…

Je kunt hier zelf ook naar toe gaan, maar het voordeel van dat wij met een grote groep waren, was dat ze een heel programma voor ons opgesteld hadden. Wederom kregen we een kroontje en een soort van stafje bij binnenkomst. Daarna werden we één voor één welkom geheten door middel van een welkomstritueel. Daarna lieten ze het dorp zien en konden we een kijkje nemen in de tentoonstellingsruimte. Vervolgens was het tijd voor een traditionele dans: de Joh-Oh mask dans, gevolgd door het trouwritueel. Het leuke was dat er ook een groep schoolkinderen gearriveerd was. Zij waren soms nog een grotere attractie dan de Mah Meri zelf. Zo schattig!
Er was ook nog een korte demonstratie origami maken. Toen was het tijd voor de lunch. Die viel wat mij betreft een beetje tegen. Niet echt iets speciaals. Voordat we weer met de bus naar KL gingen, hebben we nog een kleine wandeling gemaakt door de kampung en hebben twee beeldhouwers aan het werk gezien. Hier kon je, als je wilde, een beeldhouwwerk kopen. Was mij een beetje te duur (RM 2500), dus ik heb een klein aandenken gekocht in de vorm van een houten koelkastmagneetje. Ook leuk toch? En een stuk goedkoper…

Je kunt natuurlijk niet alleen maar ‘profiteren’ van een organisatie als IWAKL en daarom ga ik helpen met de organisatie van het galabal begin november. En binnenkort weer de deadline van de Flits. Ik heb het er maar druk mee… Maar wel allemaal erg leuk!

En niet snel daarna komen we naar NL. Jippie!

Relaxen op Redang

Sjoerd zou eigenlijk de week dat hij naar Singapore moest, de vrijdag vrij hebben. Helaas werden drie dagen Singapore opeens vijf dagen Singapore, zodat de vrije dag niet door kon gaan. Vorige week zou het een week op kantoor worden en dus vroeg hij maar eens of het mogelijk was de vrijdag vrij te pakken. Dat mocht, en ook de maandag. Zodoende kreeg ik de opdracht (last minute) een tripje naar één van de eilanden aan de Oostkust van Maleisië te boeken. Juli en augustus zijn topseizoen (oktober begint het regenseizoen), dus dat viel niet mee. We hadden een aantal opties. Tioman viel af omdat er geen vluchten meer waren, Kapas viel af omdat alle resorts vol waren. Redang viel in eerste instantie ook af omdat alleen het duurste resort nog kamers had op booking.com. En dit was ons een beetje te duur… Toen ben ik maar gewoon de resorts af gaan bellen. En ja hoor, Redang Mutiara Beach Resort had nog een kamer vrij! En voor een hele schappelijke prijs, als je je beseft dat het all-in is: kamer, eten, drinken en snorkelen. Deze heb ik dus maar meteen geboekt.

De aanlegsteiger

De aanlegsteiger

Dan de volgende kwestie: hoe kom je er? Er zijn meerdere opties: met het vliegtuig direct naar Redang, met de bus of met je eigen auto naar Kuala Terengganu en dan met de jetty naar het eiland of met het vliegtuig naar Kuala Terengganu en dan met de jetty naar het eiland. Aangezien het toch een busreis van zo’n 8 uur is, hebben wij toch maar voor wat luxe gekozen en dus een vlucht van KL naar Redang geboekt. Je bent binnen een uur op het vliegveld van Redang. Nou ja vliegveld: meer dan een overdekte hal kun je het niet noemen… Ook niet gek, als je hoort dat er twee vliegtuigen per dag aankomen en ook weer vetrekken. Aangezien er eigenlijk maar één weg op het eiland is, welke van noord naar zuid midden door het eiland loopt, moet je eerst met een busje naar de Kampung jetty. Vanaf daar vertrekken boten naar de resorts.

Hutje aan zee

Hutje aan zee

Eenmaal aangekomen bij ons resort, waren de meeste mensen weg om te snorkelen en was het een oase van rust. We kregen een hutje aan het strand, wat ik absoluut niet verwacht had, want hiervoor moest je eigenlijk meer betalen. Het hutje zelf viel een beetje tegen: twee matrassen lagen op de grond en er was een ‘badkamer’ met een wc, een douchekop en een wastafeltje. Verder niets. Geen kasten, geen stoelen, niets. En er was geen warm water en de elektriciteit werd een groot deel van de dag uitgeschakeld. Het water was volgens mij regenwater, want er stond een grote ton op het dak. Toch had het wel wat: in het hutje hoorde je de zee klotsen en je liep vanuit het hutje zo het strand op en de zee in. Van strandstoelen en ligbedden hadden ze nog nooit gehoord, gewoon van die witte plastic stoeltjes. Maar wat is het strand wit en de zee blauw! Prachtig. Echt het Bounty eiland gevoel.

’s Middags zijn we mee gaan snorkelen. Dat moet je ook eigenlijk wel, want meer is er niet te doen. Het resort ligt compleet geïsoleerd tussen de bergen met jungle en de zee en de enige manier om weg te komen is via de boot. Omdat het een redelijk goedkoop resort was, waren er bijna alleen maar locals (Maleiers). Zij gingen dus geheel bedekt het water in. Uit respect, en om niet helemaal buiten de boot te vallen, deden wij dus maar een t-shirt en korte broek aan. Toen iedereen gereed was met snorkel spullen en zwemvest, konden we vertrekken. Ook wel opvallend: de meeste locals kunnen niet zwemmen, dus een zwemvest is een must. Het snorkelen was geweldig! Ontzettend veel vissen en mooi koraal. ’s Avonds was er een barbecue. Erg gezellig. Deze avond hebben we met Yohei, een Japanner die een paar maanden in Singapore verblijft voor zijn werk, op getrokken. Alleen jammer dat er geen alcohol te bekennen was!

De volgende dag was het weer snorkelen, ’s ochtends en ’s middags, afgewisseld met een boekje gelezen en op het strand liggen (in t-shirt en korte broek). ’s Avonds hebben we weer andere mensen ontmoet. Een groepje dames uit KL en Melaka, waar we (inclusief Yohei) gezellig mee hebben zitten praten. Daarna werd er redelijk vroeg naar bed gegaan, omdat de moslims ’s ochtends vroeg al weer moeten bidden.

Jungle track

Jungle track


De derde dag hebben we ’s ochtends gesnorkeld en ’s middags wilden we de jungle track doen. Volgens mij zijn er niet veel mensen die dit doen, maar wij wilden het wel proberen. Yohei ging ook mee. Ik had van iemand anders gehoord dat het goed te doen was en dat zij zelfs met een kleine van 2 jaar oud de tocht gemaakt hadden. Wel van een ander resort. Maar wat viel dat tegen zeg! Super steil, je moest soms echt goed zoeken waar je je voet neer kon zetten. En de gids had er een tempo in zitten… Na een heel stuk klimmen was er een bankje. We vroegen hoe ver het nog was. De gids kon niet goed Engels, maar volgens mij waren we halverwege. Oké, dus toch maar doorgaan. Maar ondertussen hadden we al weer drie heer het eerste stuk geklommen en kon ik echt niet meer. Dus maar weer eens vragen. Het was nog wel een half uur klimmen en dan nog hetzelfde stuk terug! We besloten maar direct om te keren. De weg terug was zeker niet makkelijker, want het was enorm steil en ik gleed telkens weg. Toen we terug kwamen hebben we eerst maar even een half uur gezeten, met een drankje, bijkomend van de jungle track.

Later op de avond was er weer een barbecue en de dames van de dag ervoor waren al weer vertrokken. Gelukkig kwamen we vier andere gezellige dames tegen. Zij verteleden dat ze de volgende dag de jungle track wilden doen. Ik vertelde dat het mij zwaar tegen was gevallen, maar dat ze het zelf moesten weten. Toen ik vertelde het ik het veel zwaarder en moeilijker vond dan de track in het FRIM, wisten ze volgens mij wel genoeg. Deze hadden ze ooit gedaan en was al erg zwaar voor ze. Wat wel leuk was, was dat ze architectuur hadden gestudeerd in Maleisië en na de zomer naar Engeland gaan voor een Master.

De volgende dag was het al weer tijd om te gaan. Wat is de tijd voorbij gevlogen! Aangezien ze niet voor iedereen op een neer varen naar de Kampung jetty, moesten wij al vroeg mee en stonden we veel te vroeg op het vliegveld. Je kunt hier namelijk pas een uur van te voren inchecken. De man waarmee wij in het busje van de jetty naar het vliegveld zaten, had een idee. Hij was lid van de Berjaya Holiday Club (of zoiets) en dit lidmaatschap biedt 7 gratis overnachtingen in een hotel van Berjaya. Het meest luxe resort op het eiland, waar ik het eerder al over had, is van Berjaya en heeft tegenwoordig de naam The Taaras. Dus hij wilde het resort wel eens zien voor een eventuele volgende keer. En wij vonden het natuurlijk helemaal niet erg om mee te gaan. En we wilden even kijken voor het geval Sjoerd’s ouders hier naartoe zouden willen als ze naar Maleisië komen.

The Taaras

The Taaras


We werden ontvangen door de gastvrouw en later nam de manager ons mee om het gehele resort te bekijken, inclusief de meest luxe kamers. Hiervoor betaal je ongeveer 6 duizend ringgit per nacht, exclusief 6% government tax en 10% service tax (van ringgit naar euro is gedeeld door 4…). Een hele hoop geld dus. Maar dan heb je wel de hele dag een butler tot je beschikking. Ook zagen we een appartement met een jacuzzi in de slaapkamer en vanuit daar zicht op de zee. Prachtig! Maar wel een beetje duur. En je kunt niet, zoals wij wel konden, zo uit je hutje het water in lopen. En dan hadden we alle leuke contacten met de lokalen gemist. Het is maar wat je wil…
Volgens mij is het wel duidelijk dat wij het enorm naar onze zin hebben gehad en dat deze luxe leuk is om een keer te zien, maar daar blijft het dan ook bij wat ons betreft. Maar het was een mooie manier om de tijd te doden tijdens het wachten op het vliegtuig.