Een hele paarse krokodil

Ondanks Anja haar poging om het blog nieuw leven in te blazen in de vorige post, is het weer een hele lange tijd stil gebleven. Het is natuurlijk niet zo dat er hier niets meer te beleven valt. Kijk maar eens op onze Facebook pagina’s. Wel is het zo dat het aantal ‘eerste keer’ belevenissen sterk is afgenomen en er hierdoor minder directe aanleiding is om een uitgebreid verslag te schrijven. Ook zijn er veel dingen die op zich niet een hele post vullen.
Tijdens de afgelopen zomervakantie in Thailand heb ik besloten de draad weer op te willen pakken en regelmatig met een update te komen over de zaken waar we tegenaan lopen en die ons intrigeren.

In eerdere posts hebben we al eens gerefereerd aan de bureaucratie in Maleisië. Deze week werd ik er maar weer eens aan herinnerd dat hier men zich hier graag ziet als wereldkampioen ‘paarse krokodillen’. En dan heb ik het nog niet eens over het feit dat we bij het ophalen van reeds bestelde en betaalde musical tickets weer ons paspoort nummer mochten invullen. Eigenlijk begint een en ander al bijna een jaar geleden, toen ik voor het werk op pad moest naar Bintulu.
Bintulu is een redelijk kleine plaats op het Maleisische deel van Borneo. Men werkt er vooral in de ‘O n G’ (olie en gas). Naast de fabrieken/terminals van Petronas, Shell en Murphy is er niet veel te vinden en doen. Als je van avontuur en de natuur houdt, is Bintulu en omgeving wellicht een paradijs. Indien je iets meer gesteld bent op faciliteiten, zal je het waarschijnlijk wat moeilijker hebben. Zo is er wel een bioscoop, maar daar draait alleen een film als minstens tien man een kaartje hebben gekocht. Mocht je nu heel erg graag naar de film willen, dan kan het dus zijn dat je zelf tien kaartjes moet kopen.
Nu zul je wellicht denken: “wat heeft dit met bureaucratie te maken”? In principe niets, ware het niet dat Bintulu ligt in de deelstaat Sarawak.

Zowel Sarawak als Sabah (de andere Maleisische deelstaat op Borneo; samen ook wel ‘East Malaysia’ genoemd waar wij in ‘West Malaysia’ of ‘Peninsular Malaysia’ wonen) hebben bij de totstandkoming van en toetreding tot de Maleisische Federatie in de jaren zestig van de vorige eeuw een aantal voorwaarden gesteld. Deze waren er vooral op gericht de ‘binnenlandse’ economie en bevolking te beschermen. Zo is het voor ‘non-Sarawakians’ niet vanzelfsprekend dat men er mag werken. Dit geldt niet alleen voor mij als buitenlander (mijn werkvergunning spreekt specifiek over West Malaysia). Ook al mijn collega’s die niet uit Sarawak komen, vallen hieronder. Op zich zie ik nog wel enig nut in een dergelijke regeling. Helaas lijkt het ondertussen wel achterhaald, want er vindt veelal een brain drain plaats, waarbij gekwalificeerd personeel een betere toekomst denkt te kunnen hebben in West Malaysia en hier naartoe trekt. Wat ben je dan nog aan het beschermen?

Om een en ander te kunnen controleren, hebben allebei de staten een eigen immigratiedienst. Vluchten binnen de staat heten domestic, terwijl alle andere vluchten – zelfs de vluchten naar Kuala Lumpur – onder international vallen. In Sabah heeft Anja al eens wat problemen ondervonden met de verschillende diensten. Omdat wij niet getrouwd zijn, is Anja hier op ‘social visit’. Afgelopen jaar is haar verblijfsvergunning verlengd en ze mag nu tot het eind van het jaar niet alleen West Malaysia, maar ineens ook Sabah, onbeperkt in- en uitreizen. Althans, dat staat op die vergunning. Daar was de immigratiedienst van Sabah het niet mee eens, want dit was vast iets wat men in Putrajaya (de politieke hoofdstad van Maleisië net buiten Kuala Lumpur) verzonnen had. Nadat de enig overleg met zijn superieur, besloot de controleur dat Anja slechts voor dertig dagen mocht blijven.

Goed, terug naar Bintulu. De allereerste keer dat ik daar kwam was november 2012. Maar al in oktober was ik bezig met alle paperassen voor de werkvergunning in orde maken. Alles wat ik nodig had om een driejarige werkvergunning te verkrijgen voor West Malaysia, viel in het niet bij wat ik moest regelen om welgeteld drie hele weken in Bintulu aan de slag te kunnen. Naast allerlei documenten aangaande ons bedrijf (onder andere hoeveel ‘Maleiers’ er werken versus Chinese en Indiase locals!), zes kopieën van mijn paspoort en vijf pasfoto’s, was een aantal andere documenten van levensbelang om überhaupt in aanmerking te komen voor een vergunning. Zo moet je op een drietal formulieren aangeven wat je salaris is. Het is namelijk zo dat je minstens 2500 Ringgit bruto per maand moet verdienen (NB: dit is ruim 600 Euro). Omdat de klant mijn documenten ook nog onder ogen kreeg, had ik nog even niet mijn salaris opgeschreven. Echter, voor ik het goed en wel door had, lagen die papieren al ter controle bij de beambte. Of meneer ‘DJAIPEN’ even terug wilde komen… Ik werd streng toegesproken dat ik nog niet alles had ingevuld. Gelukkig kon ik de goede man uitleggen dat ik voor minder dan het minimumbedrag waarschijnlijk niet eens die kant op gekomen was en mocht ik snel nog even de papieren aanvullen.
Het tweede document dat van levensbelang is, bevat een aantal vragen aangaande lokale werving (in dit geval voor de service job van drie weken die ik zou gaan uitvoeren). Waarom heeft ons bedrijf geen persoon uit Sarawak aangenomen? Hoe lang zou zo iemand getraind moeten worden om de job uit te kunnen voeren? Waar zijn de bewijsstukken van lokale advertenties voor de ‘vacature’?
Dat de overige documenten in de stapel er eigenlijk niet zo toe te doen, is enerzijds te merken aan het feit dat ze er alleen even snel doorheen bladeren om te kijken of er een formulier 24, formulier 44, formulier 29, … tussenzit. Anderzijds valt dit, nadat de vergunning een week later in je paspoort is geplakt, op te maken uit het feit dat men niet eens kijkt bij welke faciliteit je aan de slag gaat. Op de vergunning staat namelijk willekeurig een van de grote fabrieken in Bintulu.

Gelukkig kostte dit geintje slechts een dag. Ik kreeg een papier mee waarop stond dat ik mocht werken. Mijn paspoort moest ik voor een week achterlaten, want daar zouden ze het visum in plakken. Overigens doen ze dit laatste pas op het moment als je je paspoort weer komt ophalen. Ze pakken dan je dossier er bij met je visumloze paspoort en vragen je even – één tot twee uur – te wachten, want ‘we need to endorse the visa’. Had ik daar niet al de hele week op zitten wachten?

Afgelopen week was mijn vierde keer in Bintulu. Helaas is zo’n vergunning maar drie maanden geldig. Oftewel: dit geintje hebben ze nu al weer drie keer met me uitgehaald. Al was het deze week wel het toppunt. Er was namelijk geen endorsement-stage, omdat ik vrijdag al weer terugvloog. Ik heb de goede man nog proberen uit te leggen dat de kans 0.999999999999 is dat ik binnen drie maanden terugkom en liever niet weer op gezette tijden langs hun kantoor wil. Helaas mocht dit niet baten. Het enige lichtpuntje is dat ze de aanvraag vast hebben goedgekeurd en deze apart houden. Ik ben benieuwd.

En dan lekker aan de slag, zul je denken. Niets is minder waar. Vanzelfsprekend, zijn er in de olie- en gaswereld nogal wat veiligheidsvoorschriften. Naast een algemene verplichte training die ik in 2011 al eens heb gevolgd (‘Oil and Gas Safety Passport’), zul je bij elke faciliteit die je binnengaat ook een veiligheidstraining moeten volgen. Gelukkig krijg je na het volgen hiervan een pas waarmee je vaak tot een jaar na dato de site op kunt. Hierna zul je weer een opfriscursus moeten volgen.

Bij de betreffende fabriek in dit verhaal ligt alles ietwat gecompliceerder. Eerst moet je op dag één aanvraag indienen voor de pas. Indien dit wordt goedgekeurd, mag je op dag twee langs de medische keuring. Hier wordt alleen gekeken of je onlangs een aantal specifieke tests in het ziekenhuis hebt ondergaan. De arts op site zet vervolgens zijn/haar handtekening. Op dag drie mag je langs de security officer voor een handtekening. Je moet wel opschieten, want er mogen per dag slechts veertig man langskomen. De security officer controleert wat gegevens en – zo voelde het in ieder geval – probeert te zorgen dat er geen handtekening gezet gaat worden. In mijn geval vond ze dat mijn werkvergunning niet meer geldig was. Het was immers al eind november en mijn vergunning gaf midden november aan. Nadat ik vriendelijk gemeld had dat die vergunning niet van toepassing was (de betreffende pagina was de werkvergunning voor WEST MALAYSIA) en dat ze zich in het jaartal had vergist (2014 in plaats van 2012), zocht ze verder. Helaas kon ze niets vinden. Wel had ze nog een troef achter de hand: er was tegenwoordig een nieuw formulier nodig en die had ik nog niet ingevuld. Gelukkig was ik met onze klant en die had mij geholpen bij de voorbereiding. Zodoende kon ik het formulier – in tweevoud – netjes overleggen. “Kat in het bakkie,” zo dacht ik. Totdat ze met een vals lachje aangaf dat het allemaal wel leuk en aardig was, maar ik had het formulier met blauwe pen ingevuld, terwijl dit toch echt met zwart moest… Tja, wat kun je daar tegenin brengen. Op zo’n moment besef je je, dat een kopieerapparaat wonderen doet en niet veel later waren wij het die konden lachen. Op naar dag vier, de echte ‘safety induction’. Een drie uur durende presentatie waarin algemene en site specifieke punten met betrekking tot veiligheid aandacht krijgen. Tot op de dag van vandaag snap ik alleen nog steeds niet waarom ik daar drie uur moest zitten, zonder iets op te steken. De presentatie was namelijk volledig in het Bahasa Malaysia. Het enige wat ik op dat moment wel wist, was dat ik de volgende handtekening kon scoren – dit begon bijna een vossenjacht te worden –, ik was immers bij de presentatie geweest. Het begon te makkelijk te worden. Dit kwam omdat ik een valkuil over het hoofd had gezien: de handtekening kon niet die ochtend al gezet worden.’s Middags vanaf twee uur konden we terugkomen. Wel was dit de laatste noodzakelijke handtekening. Hiermee mochten we het hokje in waar een pasfoto gemaakt zou worden voor de body pass, die we vervolgens zouden kunnen gebruiken om door de toegangspoortjes te komen. De body pass zelf konden we, uiteraard, pas op dag vijf ophalen. Het moge geen verrassing zijn dat toen we op dag vijf de pas wilden ophalen, men juist had besloten dat dit uitgerekend die dag niet mogelijk was…

Zo’n negen maanden later kwam ik deze week weer aan op dezelfde site. Vorige week nog even kortgesloten dat mijn body pass nog geldig was. Gelukkig was dit het geval. Toch gingen de poortjes niet open toen ik hem bij de lezer hield. De dienstdoende agent (er is in Maleisië een speciale afdeling van de politie die de beveiliging van Petronas locaties voor haar rekening neemt) controleerde een en ander en concludeerde dat de pas niet meer geldig was. Hè? Had ik dit niet vorige week uit voorzorg gecheckt? Het bleek dat mijn gegevens/safety induction/medische check en daarmee de pas nog geldig waren. Echter, in het systeem is de pas gekoppeld aan een project en het bijbehorende project was intern al afgesloten. Terwijl je tot tien staat te tellen, besef je je, dat je net zo goed rechtsomkeert kunt maken. Waarom zou je de restproblemen van dat project ook willen oplossen als het toch al is afgesloten?

Gelukkig bestaat er ook nog zoiets als een alternatieve oplossing. Je kunt, onder begeleiding, namelijk ook een dagpas aanvragen. Je dient dan wel je identificatie kaart of paspoort af te geven. Maar wat als je paspoort nu bij de immigratie ligt? Dan pak je gewoon het papier van de immigratie. Op dag één was dit geen probleem. Wellicht kwam dit door het feit dat we al anderhalf uur stonden te wachten. Net toen wij aan de beurt waren, gaf het systeem aan dat er al duizend ‘contractors’ binnen waren en pas negentig minuten later konden er weer passen uitgegeven worden.
Helaas had meneer op dag twee wat meer problemen met mijn document. Waarom is dit afgedrukt op een geel papier? Waar staat er een handtekening? Allemaal vragen waar ik toch nooit een antwoord op kon geven. Althans, niet een waardoor ik die felbegeerde pas in handen zou krijgen. Na een aantal minuten overleg kwam hij dan ook terug met de mededeling dat ze dit document niet konden accepteren. Hierop gaf ik te kennen dat dit de dag ervoor toch echt geen probleem was. Volgens de goede man was ik dan niet de site op geweest. Dit zou een eindeloze welles nietes pingpong worden die ik toch nooit zou winnen. In plaats daarvan gevraagd of andere documenten ook goed waren. Gelukkig mocht ik mijn rijbewijs gebruiken.

Vol goede moed stuitte ik op dag drie met mijn rijbewijs in de hand op weer een andere man. Hij vond dat ik eerst de veiligheidstraining nog moest volgen. Toen mijn begeleider na drie keer uitleggen het de man eindelijk duidelijk had gemaakt dat dit niet noodzakelijk was, overhandigde ik hem mijn rijbewijs. Toen stond de wereld ineens op zijn kop. Hoe was het in godesnaam mogelijk dat deze blanke een officieel Maleisisch rijbewijs had? Nu zijn de rijbewijzen hier van het type schooldisco pasje. Hierdoor kreeg ik de neiging om te antwoorden met “Wat denk je, die heb ik natuurlijk gewoon thuis gemaakt” onderdrukken. Het andere voor de hand liggende en tegelijk eerlijke antwoord “Omdat ik dat hier heb aangevraagd, ik woon hier immers” was gelukkig afdoende om binnen te komen.

Van uitstel gelukkig nog geen afstel

We zijn dan misschien een tijdje uit de lucht geweest met ons blog, dat neemt niet weg dat er hier niets meer gebeurt. In tegendeel! Het was alleen zo dat elke keer als we dachten er even voor te kunnen gaan zitten, dit dus niet helemaal het geval was…

Zo’n anderhalve maand geleden mochten we meegenieten van een heuse Chinese bruiloft. Mijn collega Dennis en zijn – ondertussen – vrouw Catherine traden namelijk in het huwelijk. Alvorens dit kon gebeuren, was er natuurlijk een vrijgezellen avond. Nou ja, één… zowel de avond voorafgaand aan de bruiloft alsmede de avond hiervoor was het raak. En hij werd ook zeker goed geraakt.

Op zich misschien wel verstandig, want alvorens de ceremonie kon plaatsvinden, moest Dennis zich een weg banen door de ‘Sisters’ van de bruid. Het is namelijk traditie dat de man vanuit zijn huis op pad gaat naar het huis van zijn aanstaande vrouw, alwaar hij een aantal opdrachten voorgeschoteld krijgt van deze dames. Gelukkig staat hij hier niet alleen voor, want hij heeft namelijk zijn ‘Brothers’ om hem er doorheen te slepen. Aangezien deze mannen de avond(en) ervoor zich flink wat moed hadden ingedronken, moest dat geen probleem vormen. Helaas slaagden we er niet in om alle opdrachten tot een goed einde te brengen, zodoende werden er ook straffen uitgedeeld. Deze straffen varieerden van het opblazen van een ballon tot hij klapt, tot harsen en zelfs tandenpoetsen met Wasabi. Helaas was dit nog niet alles, want toen het leek alsof Dennis dan toch eindelijk Catherine mocht gaan begroeten, werd de deur nog versperd. De dames vonden namelijk dat ze wel wat financiële compensatie verdiend hadden. Mooie traditie (als je vrouw bent).

Hierna volgde een ceremonie waarbij alle familieleden van de bruid thee kregen aangeboden. Vervolgens toog het hele gezelschap in colonne richting het huis van de bruidegom. Dit was namelijk de tweede reden waarom de ‘Brothers’ mee mochten: alle dames en familie van de bruid moesten namelijk vervoerd worden. Eenmaal aangekomen, had Dennis zijn moeder een heel buffet klaar staan. Alvorens we hieraan begonnen, was er eerst nog een traditie: er moest namelijk eerst een kind op het bed van het bruidspaar springen. Dit helpt namelijk voor het krijgen van nageslacht. Hierna werd er nog een uitgebreide fotosessie gehouden: het bruidspaar, het bruidspaar met de sisters, het bruidspaar met de brothers, het bruidspaar met familie, het bruidspaar met individuen… Vervolgens kwam er nog iets herkenbaars: het gooien van het boeket. Hierna zeiden de meeste mensen vrijwel direct ‘tot vanavond’ en weg waren ze. Dit was wel een gekke gewaarwording: zo sta je midden in een ceremonie en zo is het plots afgelopen.

Een blik op de helft van de zaal

Een blik op de helft van de zaal

’s Avonds was het grote diner. Dit vond plaats in een grote zaal met allemaal grote ronde tafels waar zo’n tien personen konden plaatsnemen. Dennis had ons op het hart gedrukt dat de festiviteiten om zeven uur ‘sharp’ zouden beginnen. Met andere woorden: zorg dat je op tijd bent. Omdat je het met het verkeer hier nooit weet, waren wij dan ook ruim op tijd. Om kwart over zes stonden we paraat. Maar… om zeven uur waren we nog steeds een van de weinige aanwezigen. Gelukkig was een aantal van onze disgenoten er al wel. Net als zij hadden we de enveloppe van de uitnodiging gebruikt als cadeau. Het is hierbij de regel dat je minstens geeft ‘dat wat je gebruikt’ (een tafel kost al gauw duizend Ringgit en je kunt er met zijn tienen aan zitten). Gelukkig had iemand dat als eens voor ons uitgezocht en zijn we van tevoren hier op geattendeerd, zodat we netjes aan deze traditie mee konden doen.
Samen met de disgenoten wilden we vervolgens vast plaatsnemen aan onze tafel. Maar dat ging niet helemaal goed. Wat bleek namelijk: ons diner was boven en beneden zou ook nog eens een diner zijn. Ook om zeven uur stipt. Ook nog bijna geen gasten…

9-gangen menu van het bruiloftsdiner

9-gangen menu van het bruiloftsdiner

Toen om half negen iedereen er eindelijk was, maakte het bruidspaar haar entree en konden we beginnen. Door de kleine vertraging was het opschieten geblazen, want er moesten nog wel even negen gangen de revue passeren. Bijzonder om te zien dat men voor zoveel gasten het eten tegelijk kon uitserveren! En dan ook nog eens met een tempo van heb ik me jou daar, want bij de meeste gangen was je nog niet helemaal klaar, of de schaal werd al weer gewisseld voor een nieuwe.
De gerechten waren zeer bijzonder en smaakvol. Niet alle dingen op het menu waren ons helemaal bekend (geen nummertje 53 sambal bij), maar dat bleek ook voor de Chinese tafelgenoten. Zij keken enorm verbaasd toe hoe vier Hollanders zonder blikken of blozen – uiteraard met stokjes – al dat onbekende verorberden.
Chinese lekkernij: roasted piglet

Chinese lekkernij: roasted piglet

Gedurende de maaltijd maakte het bruidspaar een ronde langs alle tafels om op hun geluk te drinken. Naarmate er meer bier in ging (wat overigens door het bruidspaar zelf was meegenomen), werd het bij elke volgende tafel de uitdaging om nog harder en met langere uithalen te proosten dan de voorgaande tafel.

Het moet een uur of elf geweest zijn toen we het laatste hapje van het toetje nuttigden. Na al het lekkers, konden we geen boe of bah meer zeggen. In Nederland betekent dit vaak: even tijd om uit te buiken en daarna de voetjes van de vloer. Op een Chinese bruiloft gaat dat ietsjes anders: dit is het tijdstip waarop iedereen opstaat en vertrekt. Deed me denken aan eerder op de dag.

Er moge dan geen eerste dans geweest zijn; wij vonden het een fantastische ervaring! Dit gold ook voor het verjaardagsfeestje van de dochter van collega Hilmy, waarvoor wij een aantal weken later uitgenodigd waren. Van de ene cultuur vlieg je hier zo in de andere. Alleen dat maakt het al zo bijzonder. Waar we met Dennis veel meekrijgen van de Chinese aspecten die Maleisië rijk is, krijgen we bij Asraf en Hilmy veel mee van de etnisch Maleisische en islamitische cultuur. Bij de etnische Maleisiërs is het traditie om bij een verjaardag van een kind samen met familie en vrienden een ‘makan makan’ te houden. Letterlijk iets wat hier prima past: ETEN! De schoonfamilie van Hilmy had een heerlijk Maleis buffet voorbereid.
Hilmy weet hoeveel wij hiervan kunnen genieten. Hij vroeg zich al af waarom wij nog geen tweede keer langs de tafel gelopen waren. Toen bleek dat dit helemaal niet onbeschoft was, lieten keer drie en keer vier ook niet lang op zich wachten. Hij had vantevoren aan zijn schoonmoeder ook al aangegeven dat ze maar wat plastic zakjes moest meebrengen, want eventuele left-overs zouden Anja en Sjoerd zeker goed smaken. En zo geschiedde…
Naast het feit dat het eten zo lekker was, was het ook heel bijzonder om bij deze intieme gelegenheid aanwezig te mogen zijn. Dit was weer totaal anders dan bij de Chinese bruiloft: in plaats van gemixed aan een grote tafel, zaten de vrouwen aan de ene kant van de kamer en alle mannen aan de andere kant. Daarnaast at men hier met de handen, in plaats van met stokjes danwel bestek.

Waar we ons gelukkig mee mogen prijzen, is dat alle collega’s zo vriendelijk en behulpzaam zijn. Ongeacht hun geloof en of cultuur. Zo’n twee weken geleden was ik wat onfortuinlijk met de auto en stond ik stil langs de kant van de weg. Omdat we hier al zoveel vriendelijke mensen ontmoet hebben, heb ik me in een naïeve bui daarbovenop mijn telefoon laten ontfutselen. Iets daarvoor had ik Hilmy nog aan de lijn en hij wist ongeveer waar ik me bevond. Vanuit het crisiscentrum op kantoor heeft hij vervolgens Dennis en Asraf mijn kant op geloodst. Toen zij mij eenmaal gevonden hadden, hebben ze geholpen bij het regelen van allerhande zaken en gezorgd dat ik weer veilig naar huis kon. HELDEN!
Meteen het negatieve maar omgezet in iets positiefs: nu had ik eindelijk een reden om een nieuwe telefoon te regelen (en ook de auto doet het weer).

Rijsttekening ter ere van Deepavali in Publika mall

Rijsttekening ter ere van Deepavali in Publika mall

De komende week is het weer tijd voor twee feestdagen. Een hiervan is gerelateerd aan Deepavali, het feest van het licht. Omdat er in Maleisië naast etnische Maleisiërs en Chinezen ook veel Indiërs (met name Hindoestanen) wonen, is dit erkend als officiële feestdag. Op veel plekken in de stad zie je nu ineens allerlei prachtige tekeningen van gekleurde rijstkorrels opdoemen. Helaas zullen we deze week, naast deze tekeningen, verder niets van de Hindoestaanse cultuur leren. Naast de twee feestdagen, zal er op kantoor namelijk nog een uitgebreide brandoefening zijn. Dit kost minstens een halve dag. Lekker doorwerken zit er zodoende niet in (maandagmiddag, woensdag en vrijdag blijven over). Omdat ik toch nog wat dagen over had, hebben we gekeken of we dan wellicht nog een weekje weg konden. En jawel: morgen vertrekken we voor een weekje naar Bali!

Rijsttekening ter ere van Deepavali in metro station

Rijsttekening ter ere van Deepavali in metro station

Niet lang nadat we terugzijn uit Bali, zal ik waarschijnlijk voor minstens twee weken naar Bintulu vertrekken (dit ligt op Borneo). Op zich nog een hele ervaring om daar aan de slag te kunnen, want mijn werkvergunning geldt alleen voor West-Maleisië. In Serawak (een van de twee deelstaten op Borneo), is men niet zo happig op mensen die iets doen op Borneo als ze er niet vandaan komen. Ook al is dit maar voor twee weken. Volgens mij heb ik vandaag ter voorbereiding op die trip al meer formulieren moeten invullen, dan ik ooit heb hoeven doen om een werkvergunning voor drie jaar in Kuala Lumpur te krijgen!

Maar goed, alvorens ik die kant op ga, zullen we proberen om onze ervaringen van de komende week te delen.

Terug van weggeweest

Wat Leiden wij toch een heerlijk leven

Wat Leiden wij toch een heerlijk leven

Een van de leuke aspecten van ons blog, is dat we de afgelopen twee weken niet continu hebben hoeven vertellen wat we nu precies doen in Kuala Lumpur. Natuurlijk is het enorm gaaf om alle belevenissen (nogmaals) te delen, maar er is hier ondertussen ook zoveel gebeurd. Mensen gaan trouwen/zijn getrouwd, kinderen worden geboren en sommigen zijn van woning veranderd.
Wat is de Noordzee toch fijn

Wat is de Noordzee toch fijn

Genoeg dus om ons ook even ‘live’ bij te praten. Een van de redenen om onze vakantietijd in Nederland door te brengen. Zodoende hadden we lekker tijd over om van iedereen te horen hoe het leven hier nu verder gaat. Nou ja, tijd over… sinds de officiële start van onze vakantie – twee weken na aankomst in Nederland, hebben we flink wat kilometers door Nederland getoerd. In de afgelopen maand hebben we op Flevoland na alle provincies bezocht. En dan nog hebben we helaas niet iedereen kunnen spreken en/of zien.

Ons tijdelijke onderkomen

Ons tijdelijke onderkomen

Op zo’n moment begin je een beetje te beseffen wat geleefd worden betekent. Niet dat dit vervelend was hoor, want door even niet met werk bezig te zijn, zijn we voldoende tot rust gekomen.
Lekker op pad met de fiets

Lekker op pad met de fiets

Daarbij komt dat we ook lekker aan ontspanning hebben gedaan, ondanks dat we elke dag naar een afspraak toe leefden. Wat hierbij wel fijn was, was het feit dat we ons eigen thuis hadden op een vakantiepark en hier ook mensen konden uitnodigen. Vooral dit laatste compenseerde het uit-de-koffer-uit-de -koffer leventje dat we haast begonnen te leiden (lijden?).

Gelukkig zijn er de afgelopen weken wat mooie dagen geweest, zodat we lekker van het zonnetje, het strand en de fiets konden genieten. Als klap op de vuurpijl hebben we zaterdag een 10-holes boerengolf gespeeld op de baan van Liessel. Dank voor dit fantastische idee Ev!

Al met al twee fantastische weken en een goede besteding van onze vakantie. Dank iedereen.

Wordt dit een hole in 1?

Wordt dit een hole in 1?

Aangezien we vaak te horen krijgen dat ons blog wel erg op eten gericht is, kan ik dit stukje natuurlijk niet afsluiten zonder ook even over de Nederlandse keuken gerept te hebben. Het blijkt dat Nederland toch ook een behoorlijk aantal culinaire hoogstandjes heeft die we in Kuala Lumpur niet of nauwelijks hebben. Zo hebben wij hier volop genoten van:
• Stroopwafels
• Hagelslag
• Kaas
• Krentenbollen
• Haring
• Filet americain
• Brabantse eierkoeken
• Zeeuwse mosselen
• Limburgse vlaai
• Groninger koek
• Drop
• Lekkere BBQ (toch weer 4x!)
• Aardappelen/groente/vlees
• Toetjes

(Cultuur) proeven gaat door

Een mooie brug in de Lake Gardens

Een mooie brug in de Lake Gardens

Ondanks de vele reisjes die ik de afgelopen periode heb gemaakt, proberen we nog veel van de cultuur te proeven. Helaas heb ik niets meegekregen van de Mah Meri, maar gelukkig nog wel van Redang, het Islamic Art Museum en de Lake Gardens. De Lake Gardens stonden al een tijdje op de planning omdat het met de auto praktisch om de hoek is. Eigenlijk zijn we hier al eens geweest, want het Birdpark en de orchideetuin liggen hier ook. Deze keer wilden we door het park zelf wandelen, want we hadden al eens gehoord dat het hier erg mooi was. En inderdaad: het park is zeker de moeite waard om eens doorheen te struinen. Tip: doe dit wel als het wat bewolkt is, want in de strak blauwe lucht is het toch best heet.

Anja naast een boom met gevlochten stam

Anja naast een boom met gevlochten stam

Er zijn mooie paden en alles wordt erg zorgvuldig onderhouden. Vooral een aantal ‘typische’ bomen lijkt erg veel aandacht te krijgen. Het leek ons leuk om wat tijd te doden in de bootjes. Dan krijg je een soort Efteling gevoel, al zouden deze bootjes niet aan de ketting liggen, maar moest je zelf roeien. Helaas bleek de bewegwijzering naar de verhuur niet helemaal up-to-date, want het enige wat wij nog aantroffen was een bootje dat half vol water lag en verder niets.
Dan maar doorlopen. Dat was gelukkig geen verkeerde keuze, want toen we verder liepen, kwamen we een leguaan tegen. Deze liep een hele tijd met ons mee op langs het pad, totdat ik een foto wilde maken… hij/zij vertikte om hier medewerking aan te verlenen, waardoor dit nogal tijd vergde. Het was makkelijker om Anja op de foto te zetten met de volgende attractie: bomen met gevlochten stammen.

Anja, Sofia, Ada en Hilmy bij Mee Udang

Anja, Sofia, Ada en Hilmy bij Mee Udang

Een ander aspect van de cultuur wat al een tijdje op ons lag te wachten, was ‘Mee Udang’ (noedels met garnalen). Mijn collega Hilmy weet ons altijd te verrassen met de leukste en lekkerste eettentjes. Het enige nadeel voor Anja, is dat hij altijd vergeet dat Anja niet gecharmeerd is van eten dat onder de zeespiegel vandaan komt. Noedels en garnalen leverde dan ook niet direct een ‘Kom! Laten we gaan!’ op. Nadat hij ons had verzekerd dat er ook gevarieerd kon worden met andere ingrediënten, gingen we samen met zijn vrouw Ada en dochter(tje) Sofia op pad.

Gigantische garnalen tussen de noedels

Gigantische garnalen tussen de noedels

Er zijn van die dagen dat je hier, duidelijker dan anders, beseft dat je hier prima op je plek zit. Zeker als je bij Mee Udang (zo heet de tent dus ook) ziet wat voor een garnalen je geserveerd krijgt. Sommige exemplaren leken wel kleine kreeften! Los daarvan was de smaak om van te smullen. Ook Anja had met noedels geserveerd met een gepocheerd ei geen verkeerde keuze gemaakt. Duidelijk een plek waar we nog een keer terugkomen.

'The 3 Musketeers'

‘The 3 Musketeers’

Twee dagen later zat ik alweer met Asraf en Dennis bij een soortgelijke toko: ‘Mee Ketam’; noedels met krab. En ook dit was weer, heel afgezaagd, H E E R L I J K! Daarnaast was dit wel een bijzondere gelegenheid, want de keren dat je ons met zijn 3-en samen ziet, zijn op één hand te tellen. Ter illustratie: de laatste keer dat we hiervoor samen waren, was tijdens Nederland-Duitsland. Het was voor de klanten die dag dan ook bijzonder dat wij als de drie musketiers aanwezig waren op locatie.

Afgelopen week was de kans om ons samen te zien 0, want ik mocht terug naar Perth. Helaas was ik deze keer alleen. Niet zo’n gezellig vooruitzicht zou je denken: een hele week alleen in een hotel.

Biertje met Matthijs

Biertje met Matthijs

Totdat… ik bij aankomst een mailtje aantrof van Matthijs en Mieke. Zij waren de dag ervoor in Perth geland en hadden nog wel even tijd en zin om een hapje te eten en een biertje te doen. Zodoende kon ik nog even iets testen uit de Lonely Planet wat ik de vorige keer helaas moest overslaan omdat het er te druk was: een biertje in The Brass Monkey. Deze keer was het niet zo druk – het was maandag aan het eind van de middag – en vonden we makkelijk een plaatsje. Het was wel heel raar om zo aan de andere kant van de wereld bekenden tegen te komen! Maar dit maakt het niet minder gezellig.

De week zelf was enerverend, maar waarschijnlijk niet direct noemenswaardig om hier een uitgebreid verslag van te doen. Net als de vorige keer was ik er voor het geven van een training in het gebruik van onze producten. Deze keer was het bij een ander bedrijf, op een andere locatie en met een andere focus.

Een blik op Perth

Een blik op Perth

Zaterdag zou ik weer terugvliegen. Aangezien er maar één vlucht van Malaysia Airlines naar KL per dag gaat en deze pas aan het einde van de dag is, kon ik de morgen gebruiken om nog even rond te lopen in het centrum. Nou ja, een deel van de ochtend dan, want aan het einde van de week hebben we nog even een vrijdagmiddag/-avond borrel gedaan. En bij keihard tankende Australiërs wil je natuurlijk niet achterblijven. Ook hier vond ik dat ik van de cultuur moest proeven. Dat dit vervolgens ten koste ging van de daaropvolgende morgen moge evident zijn. Temeer omdat ik die ochtend niet echt kon uitslapen in verband met een vroege checkout. Maar goed, ’s avonds een man, dus ’s ochtends ook, zodoende lekker op pad. Snel nog even wat spullen gehaald die we hier niet of nauwelijks kunnen vinden. In de tussentijd nog uitgebreid stilgestaan bij een fantastische show van een straatartiest die handig, grappig, (leuk) brutaal, maar bovenal enorm ad rem was!

Anja druk bezig met de almond chicken

Anja druk bezig met de almond chicken

Wel keek ik weer uit om naar huis te gaan. Naast de voor de hand liggende reden, zag ik er enorm naar uit om van de almond chicken en de tropische salade te genieten (zie het vorige stukje)! In tegenstelling tot Anja was ik niet bang of het eindresultaat al dan niet zou lukken. De enige vraag waar ik mee rondliep, was hoe lekker lekker zou zijn. Anja dacht voor 2 dagen gekookt te hebben en moest mij remmen om nog een halve portie over te houden. I rest my case…
(ik zie al weer uit naar de volgende cookery bijeenkomst :D )

Heerlijke almond chicken met tropische sla

Heerlijke almond chicken met tropische sla

De draad weer oppakken

Decor van de musical

Decor van de musical

Het voorgaande stukje heeft een tijdje op zich laten wachten. Ondanks de drukte maken we een boel mee. Reden te meer om de draad maar weer eens op te pakken. Wie ons op Facebook volgt heeft waarschijnlijk al een en ander meegekregen. Zo zaten we vorige week bij een high school musical uitvoeringen van Hairspray. In eerste instantie zul je zeggen: waarom zou je naar een high school musical willen? Nu blijkt er hier een internationale school te zijn die het concept high school musical tot een kunst verheven lijkt te hebben. Of je nu de hoofdrol hebt of een taak achter de schermen, iedereen die hier zijn of haar steentje aan bijdraagt, doet dit met de overgave van een professional. Het eindresultaat doet dan ook niet onder voor een doorsnee professionele musical. Licht, geluid, muziek, decor, kleding, … alles was tot in de puntjes geregeld. Het was dusdanig goed dat zelfs de aanwezige royalty – waarvoor we een aantal keer netjes moesten opstaan – zich prima vermaakte en tot het eind bleef (wat bijna nooit het geval is).
Dit jaarlijks terugkerend fenomeen is zeer bekend binnen een relatief beperkt gezelschap (uiteraard naast de ouders en oud-leerlingen). Enerzijds helaas, want er zouden zoveel meer mensen hier van moeten genieten. Anderzijds is het goed, want nu konden wij tenminste nog een kaartje voor één van de zes uitvoeringen bemachtigen. Dank aan Linda – iemand die we hier hebben leren kennen en die op deze school gewerkt heeft – die ons hiervoor getipt heeft (en natuurlijk zelf ook meeging).

Kookgroep

Kookgroep

Ook heeft Anja deze week weer een activiteit gehad van de kookgroep van de IWAKL. Omdat dit in Shah Alam was (zo’n drie kwartier uur rijden), was er een heel rijschema opgezet. Helaas bleek één van de deelnemers met auto op het laatste moment niet meer te kunnen, dus moest er nog snel een taxi gevonden worden. Taxi’s in overvloed hier. Echter, taxi’s die én naar Shah Alam willen rijden én een adres in Shah Alam weten én op de meter willen rijden: 0. De oplossing was dat de
Lekker eten na het koken

Lekker eten na het koken

chauffeur achter één van de andere auto’s aan zou rijden. Dat klinkt handig, maar werkt voor geen meter met eigenwijze taxichauffeurs.
Gelukkig kwam alles uiteindelijk op zijn pootjes terecht en weet Anja ondertussen hoe ze peri-peri chicken met potato wedges, Malawian chicken briyani, tropical salade en meri (mary?) biscuit desert moet maken. Mochten de stalletjes ooit tegen gaan vallen, dan hoef ik mij dus geen zorgen te maken ;) .

Eten in 4 stappen banana leaf, rijst, curry, leeg

Eten in 4 stappen banana leaf, rijst, curry, leeg

De draad oppakken geldt ook voor onze todo lijst. Er stond al sinds maart een bezoekje aan een specifiek banana leaf restaurant op het programma. Anja heeft hier al eens over geschreven (zie Wederom alleen) en heeft toen al aangegeven dat dit ook echt iets voor mij was. Daarnaast stond de Thean Hou tempel al sinds december op het programma. In het begin hebben we dit nog niet gedaan, omdat de tempel vrij moeilijk te bereiken is zonder auto. Daarna is het er eigenlijk nooit van gekomen. Toen we ons vanochtend afvroegen wat we vandaag eens konden gaan doen in plaats van luieren en bijkomen van de afgelopen week, was de keuze dan ook snel gemaakt. We kunnen elk weekend wel ‘uitrusten’ thuis, maar dan zien we niets meer van de cultuur en het land en hebben we niets meer om over te schrijven…

Lekker met je handen eten

Lekker met je handen eten

Het zal voor velen ondertussen geen verrassing zijn, dat men hier ontbijt, luncht en dineert met rijst. Toch hadden we nu niet direct zin om vroeg in de ochtend een gehele banana leaf maaltijd naar binnen te stouwen. In plaats daarvan leek het ons beter om meer voor een late brunch/vroege lunch te gaan (zo konden we het weekend toch beginnen met luieren!). Omdat in het weekend het verkeer nogal meevalt, waren we er zo. Het zat al helemaal vol! Sommige mensen zijn dus wel in staat om zo’n berg voedsel in de vroege ochtend te verorberen…

Eindelijk eens samen op de foto

Eindelijk eens samen op de foto

Als je een banana leaf met nasi bestelt, begin je een etappekoers. Je krijgt eerst een bananenblad, dan scheppen ze daar rijst op. Vervolgens worden er verschillende dingen bijgeschept. In ons geval was dat een atjar (frisse, zure en pittige komkommersalade), een aardappelsalade met komijn en een soort tomatensalsa. Hierna komen ze nog met een aantal curries die je over je rijst hoort te scheppen, want droge witte rijst eet je niet; vergelijk het met een droge boterham zonder boter en/of beleg. De curry (of kary) is eigenlijk een ingedikte groente-, vis- of kipbouillon vol met allerlei kruiden. Vaak heeft deze ook nog een pittige nasmaak. Alsof dit nog niet alles is, zijn er ook nog bijgerechten te kiezen: kip, vis, tofu, garnalen, …

Niet aan te slepen hoeveelheid durians

Niet aan te slepen hoeveelheid durians

En dan komt eindelijk de grande finale: opeten! Zoals Anja al eerder schreef, was het een must dat ik hier eens langs ging. Hier was geen woord van gelogen, want het was weer eens H E E R L I J K! Daarnaast vind ik het vooral leuk omdat je dit eigenlijk met je handen dient te doen. Toen ik vorig jaar in Oman was, heeft men mij de ‘techniek’ hiervoor geleerd en ondertussen heb ik deze al een half jaar kunnen verfijnen. Het feit dat ik dit onder de knie heb, breekt regelmatig het ijs als we met klanten een rijstmaaltijd eten. Mijn collega vertelt dan vol trots dat ik niet even ben overgevlogen vanuit Nederland, maar KL-based staff ben en zélfs met mijn handen eet! Datzelfde gold voor het feit dat ik meeging om te genieten van durian. Het was voor mij de eerste keer, maar ze vonden het maar wat leuk dat ik net zo hard met ze mee at. Met je handen eten (of beter gezegd: met je rechterhand eten!) heeft nog een ander voordeel: je kunt de kip die doorgaans met bot en al geserveerd wordt veel makkelijker fileren.

Het plein voor de 'echte' tempel

Het plein voor de 'echte' tempel

Tijd voor uitbuiken was er niet echt, want we wilden nog door naar de Thean Hou tempel. Dit is één van de grootste boedhistische tempels in Zuid-oost Azië. Tel daarbij op dat de tempel boven op een steile heuvel staat en je hebt echt het gevoel dat je naar een enorme tempel op weg bent. De tempel mag dan groot heten, maar zoveel groter dan andere grote tempels die we ondertussen bezocht hebben, vond ik de tempel zelf niet. Het is meer de grootte van het complex dat meetelt volgens mij. Alvorens je het tempel gedeelte kon betreden, moest je namelijk eerst vier verdiepingen met de trap door het gebouw. Toch was het de moeite waard, want er was enorm veel moeite besteed aan allerlei decoratie en attributen in de tempel zelf. Een echte aanrader voor iedereen die vervoer weet te regelen de steile heuvel op!

Binnenin de tempel

Binnenin de tempel

Steile heuvels, daar was iets mee. Ow ja, natuurlijk: de Tour begint! In tegenstelling tot het EK wordt dit wel makkelijk hier te volgen, want de etappes beginnen rond de tijd dat ik naar huis ga en de aankomsten vallen rond bedtijd. Het enige wat ik moet missen, is de avondetappe. Nou ja, missen.
Eindelijk kunnen we de tour echt volgen (vooropgesteld dat ik niet ineens op pad moet). Het is wel grappig dat dit nu wel kan, terwijl dat in Nederland nogal eens problematisch was, de Tour wacht immers op niemand, dus ook niet op Anja en Sjoerd die nog van werk terug moesten komen.

Oranje boven (en ten onder)

Het voelt een beetje raar om dit stukje nu pas te typen. Het Nederlands elftal is al weer anderhalve week thuis en we zijn weer over tot de orde van de dag. Toch willen we jullie nog wel even laten weten hoe wij het EK beleefd hebben, in ieder geval het gedeelte betreffende Oranje. Door drukte op het werk is dat er tot op heden nog niet van gekomen. Daarover later meer.

Al toen wij in KL aankwamen, hebben we de Nederlandse Vereniging laten weten dat ze best bij ons mochten aankloppen als er wat georganiseerd moet worden. Je kunt namelijk wel lekker consumeren, maar de evenementen moeten ook georganiseerd worden. Op het Koninginnebal hebben we dit nogmaals herhaald. Een aantal weken voor het EK ontvingen we van de voorzitter een mailtje met de vraag of we samen met drie andere geïnteresseerden een Holland House wilden creëren. Twee jaar geleden bleek dit een daverend succes en dat wilde men graag herhalen.

(aardappel)kroketten!

(aardappel)kroketten!

Dit alles zou, net als tijdens de WK, plaatsvinden in Havana aan Changkat Bukit Bintang. Een gezellige bar/restaurant combi. Omdat de eerste wedstrijd op zaterdag was, hadden we helaas niet de beschikking over de bovenverdieping. Wel mochten we de gehele benedenverdieping versieren. Dit hebben we dan ook niet nagelaten. Met wat extra handjes zijn we zo’n 4 uur bezig geweest. Maar: het resultaat mocht er wezen. Dat alles niet voor niets was, bleek wel ‘s avonds laat, toen de hele toko vol zat met in oranje geklede lui.

Los van het resultaat, was het wel vervelend dat we de volgende ochtend met zijn tweetjes alles nog even konden opruimen. De tent ging namelijk de volgende dag gewoon open om 12 uur en dan moest alles weer opgeruimd zijn. De andere twee wedstrijden zouden boven zijn en dan mochten we het boven versieren. Echter, omdat in de tussentijd de bovenruimte nog gebruikt werd, hadden we alleen de avond van de wedstrijd zelf de mogelijkheid om deze te versieren. En dan ook nog met restricties, want voor de voetbal zou er nog een dansavond zijn…

Zelfs collega's Asraf en Dennis waren aanwezig om Oranje aan te moedigen...

Zelfs collega's Asraf en Dennis waren aanwezig om Oranje aan te moedigen...

Iedereen had zich afgemeld, dus we dachten dat we er met zijn tweetjes voor stonden. Gelukkig is er binnen de vereniging nog even rondgemaild, zodoende konden we rekenen op de steun van een extra paar handjes. Nadat we het goed genoeg vonden (dit duurde wel eventjes), konden we snel naar huis. Deze wedstrijd was namelijk door de week en de volgende dag werd ik gewoon weer op het werk verwacht (al mocht ik gelukkig wel wat later komen). Thuis nog even geprobeerd om te slapen en vervolgens geheel in het oranje op pad. Dat leverde wel wat rare gezichten op bij de bewaking!

Als opwarmertje voor de wedstrijd hadden we een petje op/petje af quiz verzonnen (vragen met twee mogelijke antwoorden – petje op en petje af –, indien je het goed had mocht je door naar de volgende vraag). We hadden al een beetje rekening gehouden met mensen die zouden zeggen: “ja, maar ik heb geen petje”. Anja had namelijk van karton en nietjes ‘kroontjes’ gemaakt die de deelnemers vervolgens konden gebruiken! Met wat hulp van Christian heb ik een aantal pittige EK/Oranje vragen weten te verzinnen, zodanig dat er echt wel mensen zouden moeten afvallen. Wat mij betreft was de quiz erg geslaagd.

Ondanks de hoge opkomst (80 tot 100 man midden in de nacht!), was het resultaat wederom teleurstellend. Toch hebben we snel even geschakeld en de grote decoratie opgeruimd. De volgende dag zou er niet zoveel tijd zijn, maar bovenal: alleen Anja was in de gelegenheid om op te ruimen. De derde wedstrijd waren er wat meer handjes beschikbaar. Met de foto’s van de decoratie tijdens Nederland-Duitsland in het achterhoofd, konden we snel alles weer op niveau brengen. Omdat het zondag was, waren we wat eerder thuis dan de voorgaande wedstrijd. Toch heb ik wederom geprobeerd om wat slaap te pakken om daarna in hetzelfde oranje weer op pad te gaan. Het resultaat van de wedstrijd kennen we ondertussen allemaal… Nederland is helaas uitgeschakeld. Gelukkig hebben wel veel mensen genoten van al onze moeite.

Het klinkt misschien raar, maar ik had ook redenen om te denken ‘ha… misschien is het maar goed’. De nachtelijke wedstrijden zijn namelijk vrij slopend geweest. Te meer omdat het werk de afgelopen periode significant meer vroeg dan de contractuele 40 uren. Dit laatste is geen klaagzang hoor, alleen in combinatie met het voetbal (en alle bijkomende regel- en decoreerdingen) niet heel erg gelukkig.
Nu we het toch over het werk hebben, kan ik een mooi voorbeeld geven van hoe een dag er uit kan zien. Ik krijg hier namelijk nog wel eens vragen over van mensen. Er zijn redelijk wat dagen dat ik op kantoor zit. Daarnaast zijn er dagen dat we onze producten testen bij de partij die onze spullen integreert voor de eindklant. Tenslotte zijn er dagen bij de eindklant zelf. Doorgaans de reisjes. Hier gaat het voorbeeld over.

Van het weekend kwam de vraag of ik eventjes naar een site van de eindklant in Singapore kon komen. Even betekende dan maandagochtend heen en woensdagochtend terug. Maar het mocht niet zo zijn… op het moment van schrijven zit ik namelijk nog steeds in Singapore en ik heb net het hotel gevraagd om mijn verblijf met nog een nacht te verlengen; mijn ticket is namelijk al omgeboekt van woensdag naar donderdag en vervolgens van donderdag naar vrijdag. Je kunt moeilijk halverwege tegen de klant zeggen: zo, mijn vliegtuig vertrekt straks, veel succes! Daarbij komt, half werk afleveren komt niet in mijn woordenboek voor.

Naar site gaan vind ik eigenlijk wel spannend: waar kom je terecht? In dit geval op een soort haventerrein, waar je alleen met een pas op mag. Dus als je er komt, moet je eerst in de rij gaan staan voor zo’n pas, welke je alleen krijgt met je paspoort als borg en na het nemen van vingerafdrukken. Vervolgens door de controle waar men met een draadloos kastje je pas scant en je vingerafdrukken neemt. Eenmaal doorgelaten, nog een stukje rijden over het haventerrein. Het deed me een beetje denken aan de haven van Antwerpen, zeker doordat ik ineens een gebouw van de ‘Katoen Natie’ zag opdoemen.

De uiteindelijke locatie bevindt zich op een fabrieksterrein in aanbouw. Dit betekent onder andere dat je niet zomaar het terrein op mag. En jawel: hier heb je dan ook weer een toegangspas voor nodig. Deze pas krijg je alleen als je je eerder verkregen pas als borg achterlaat… Ik heb het altijd wel fascinerend gevonden hoe fabrieken opgebouwd worden en loop dus enorm te genieten als ik eenmaal op het terrein ben. Het is niet te geloven hoeveel mensen er überhaupt rondlopen op dit moment. Omdat al die mensen ook moeten eten, hebben ze zelfs even een heuse food court uit de grond gestampt…

Helemaal aan het einde van het terrein is de plek waar ik me mag melden. Hier draaien namelijk onze flow computers. Deze staan vaak redelijk dichtbij het fysieke skid waar alle gassen en vloeistoffen doorheen gaan en menigmaal is dit in een soort grote bouwkeet. Één groot voordeel: om condens tegen te gaan en alle apparatuur te beschermen, staat er doorgaans een dikke airco te draaien. Te warm heb ik het dan ook niet zo snel. Daar tegenover staat wel een groot nadeel: er lopen vaak allerlei tests door elkaar heen, waardoor er soms wel 10 man in de kleine keet staan, waarvan een groot deel ook nog eens door walkie talkies aan het babbelen is. Door de drukte is het vaak eventjes ‘vechten’ voor een goed plekje voor je laptop, zodat je niet de hele dag in onmogelijke houdingen moet staan om een en ander uit te voeren. Zie de twee foto’s voor een kleine ‘sfeerimpressie’.

Mij hoor je verder niet klagen hoor, want het is wel gaaf om op deze manier op dit soort locaties te komen. Daarnaast vind ik het heel bevredigend om onze producten live te zien: nu gaat het om het eggie. Een heerlijke afwisseling ten opzichte van dag in dag uit kantoorwerk!

Nieuwe aspecten van ons expat bestaan

Als toevoeging op het vorige stukje, kan ik nog even melden dat het nieuwe pakketje (de snijplanken) binnen is: onbeschadigd en wel. Daarnaast beginnen we zelf ook steeds meer de ‘hello’-aanpak toe te passen aan de telefoon. Mijn telefoonnummer is hiervoor volgens mij van iemand geweest met enerzijds veel financiële problemen en anderzijds heel veel vrienden die ze nu niet meer kan informeren over haar nieuwe nummer. Zodoende krijg ik vrij vaak verkeerd verbonden telefoontjes en berichtjes. Als dat een keertje gebeurt, is dat niet zo erg. Jammer genoeg zijn er weken dat het elke dag een keer of twee gebeurt. Afhankelijk van mijn bui en de reactie aan de andere kant als ik opneem met ‘Sjoerd speaking’, heb ik ondertussen twee manieren om het gesprek te vervolgen.

Manier 1 – ‘I just came to say hello’ / papegaai
Als men niet luistert naar wat ik zojuist gezegd heb en verder gaat met “…hello…” of een zin in Bahasa, dan antwoord ik gewoon “…hello…”. Doorgaans duurt dit dan zo’n drie keer hello-en op en neer alvorens de andere kant ophangt. Heel soms gaat het over in manier 2. Het is vooral leuk om te merken dat mensen dan zelf ook een beetje gefrustreerd raken. Niet dat ze daar iets mee doen overigens. Helaas.

Manier 2 – die ken’k nie!
Ondertussen weet ik dat de betreffende persoon een naam draagt die iets weg heeft van Jazlyn. Als ze dan vragen of ze met haar kunnen spreken zeg ik dat dat niet kan. Dit antwoord verwachten ze vaak niet. Als ze vervolgens vragen of ik een boodschap kan achterlaten of vragen wanneer ze er wel is, komt de aap uit de mouw: Jazlyn, who the f*ck is Jazlyn? Die ken’k nie! In principe een vrij effectieve methode, want dat betekent in het vervolg weer iemand minder die me onterecht lastig valt.

Pruimencake die goed te pruimen was

Pruimencake die goed te pruimen was

Op het werk was het deze week een week als alle andere: druk! Zodoende ’s avonds weinig tijd om (samen) iets te ondernemen. Gelukkig voor Anja heeft ze overdag wel allerlei dingen te ondernemen. Sinds we een oven hebben is Anja aan het bakken geslagen en daar konden mijn collega’s deze week van meegenieten. Anja had namelijk een heerlijke cake met pruimen gebakken. Daarnaast was er deze week een bijeenkomst van de IWAKL. Deze scheen aan Moederdag gekoppeld te zijn. De uitnodiging sprak dan ook over een bijeenkomst van leden met hun moeders. Gek hè, dat er niet zoveel (0) moeders waren…

Lunchen met de IWAKL

Lunchen met de IWAKL

De bijeenkomst was op een locatie waar Anja en ik al eens wilden gaan eten. Hier draait alles namelijk om thee. Niet alleen om het te drinken, maar ook om alles in te koken. Eerst werd er een presentatie gegeven over hoe je (Chinese) thee eigenlijk moet zetten, in zou moeten schenken en op zou moeten drinken. Daarna volgde een in thee gekookte lunch. En natuurlijk was er ruimschoots de mogelijkheid om te klessebessen.

Voor het wakeboarden kunnen we nog lachen

Voor het wakeboarden kunnen we nog lachen

Gisteren hebben we deelgenomen aan de watersportdag van de Nederlandse Vereniging (NLV). Deze vond plaats rond/op Lake Putrajaya. Zoals de naam al doet vermoeden, ligt dit meer in Putrajaya, de nieuwe federale hoofdstad waar werkelijk alles uit de grond gestampt is. Niets is hier authentiek of natuurlijk. Zo ook het meer niet. Nep of niet: een ideale locatie. Zeker als je het bijbehorende Maritime Centre Putrajaya bekijkt. Werkelijk alles is aanwezig: zeilbotenverhuur, wakeboarden, waterskien, een overdekt openlucht zwembad (ja echt), … Eigenlijk alles wat je nodig hebt is aanwezig op één ding na: bezoekers. Helaas was de opkomst van de watersportdag niet al te groot, maar heel veel andere bezoekers waren er niet. En dat vond ik toch wel vreemd als je alle faciliteiten eens op een rijtje zet.

Sjoerd aan het wakeboarden

Sjoerd aan het wakeboarden

Het gebrek aan aanwezige mensen betekende wel dat we twee keer zo lang konden wakeboarden. En dat was voor mij weer een gunstige bijkomstigheid, want de eerste sessie was nog niet zo succesvol. Pas bij de tweede sessie lukte het me om overeind te komen en, belangrijker nog, te blijven! Anja had besloten om vanuit de boot foto’s te maken en het daar maar bij te laten. Wel wilde ze na het wakeboarden nog mee om even een rondje te zeilen. We konden namelijk vrij gebruik maken van de bootjes (optimistjes en lasers) die er lagen. Omdat we zo lang bezig waren geweest met wakeboarden konden we helaas niet meer zeilen. Dat doen we een volgende keer dan maar, want we zijn zeker van plan terug te komen. Dan is het niet vrij, maar vanaf RM 15 (nog geen 4 Euro!) per uur kun je al een bootje huren.

Na nog een lekkere maaltijd genuttigd te hebben bij het zwembad, dat ondertussen speciaal voor de NLV gereserveerd was, gingen we op huis aan. We hadden namelijk nog meer op het programma staan. We gingen kennismaken met een aspect van het expat leven waarmee we nog niet hadden kennisgemaakt: afscheid nemen. Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Voor veel expat gezinnen zit daar ongeveer drie jaar tussen. Grofweg ‘verlies’ je gemiddeld dus een derde van je vriendenkring per jaar. Het is mooi om te zien hoe mensen hier verschillend mee omgaan. De een geeft aan dat de relaties met anderen bewust niet zo diep gaan, terwijl een ander aangeeft juist veel eerder opener en oprechter te zijn als hij/zij iemand mag dan voorheen. Feit is wel dat bijna niemand het leuk vindt als er weer iemand gaat. Toch wordt meestal geprobeerd om een en ander luchtig te houden met een afscheidsfeestje.

Afscheidsfeestje in wit en turqoise

Afscheidsfeestje in wit en turqoise

Voor het feestje gisteravond was gevraagd of iedereen zijn kleding kon afstemmen op het thema: turqoise en wit. Dit keer was het vinden van de juiste kleding voor Anja makkelijker dan voor mij. Anja had namelijk nog een fleurige jurk met veel witte en turqoise tinten. Veel meer dan een witte broek kon ik niet matchen met het thema. Omdat ik toch nog nieuwe shirts nodig had, zijn we eerder deze week ‘s avonds al even gaan shoppen. Bij de winkel die we voor ogen hadden, slaagden we direct. Dat wil zeggen, voor het turqoise shirt. Toen we van de pashokjes terugliepen, viel Anja d’r oog op een speciale collectie polo’s van EK deelnemers. Aangezien het grootste deel van mijn oranje-‘meuk’ in Nederland ligt opgeslagen, was ik nog op zoek naar een passend shirt voor het EK. Jullie zullen begrijpen dat ik hier sinds deze week ben begonnen met mijn KL collectie…

Op zich ook wel weer een nieuwe ervaring: als expat het eindtoernooi gaan beleven. Expat of niet: het begint te kriebelen. Toch is het wel raar, want we hebben hier geen versierde straten, huizen en flats, geen Oranje Journaals, geen Dries Roelvink (is dat erg?) en dan zijn de wedstrijden straks ook nog een keer ’s nachts. Wat we wel hebben: we zijn met de Nederlandse Vereniging aan het kijken of we in een pub gezamenlijk de wedstrijden kunnen gaan volgen. Drie keer raden wie daar bij willen zijn…

Nasi pattaya

Nasi pattaya

Zoals jullie van ons gewend zijn, beschrijven we regelmatig hoe lekker we hier kunnen eten en/of hebben gegeten. Omdat Anja in het vorige stukje hier met geen woord over gerept heeft, zal ik dat hier nog even moeten doen, want we hebben weer lekker kunnen smullen. Eerst was daar de nasi goreng pattaya. Een gerecht dat volgens mij vrij moeilijk is om juist te presenteren. Dit is namelijk een pakketje van gebakken en gekruide rijst (nasi goreng), verpakt in een omelet. Een hele leuke ervaring en nog smaakvol bovendien!

Vis in bananenblad van de BBQ

Vis in bananenblad van de BBQ

Vervolgens heeft een van mijn collega’s ons deze week tijdens de lunch meegenomen naar een versmarkt relatief dicht bij ons kantoor. Rondom de versmarkt was een aantal stalletjes. De meesten van stalletjes hadden geen of bijna geen bezoekers. Er was echter één tentje waar het stampvol was. En ondertussen weten wij waarom. Daar wordt namelijk verse, gemarineerde, vis in een bananenblad gewikkeld en vervolgens op de plaat/bbq gebakken.

Vis in bananenblad na de BBQ

Vis in bananenblad na de BBQ

Mijn collega weet ondertussen dat ik een lekkerbekje ben, dus hij bestelde snel drie verschillende soorten vis: heerlijk, heerlijk en heerlijk! Voor Anja was de locatie iets minder geschikt, want die moest het stellen met de kwalitatief mindere nasi ayam, oftewel ‘kip-met-rijst’ van het aangrenzende stalletje.

Verse sla

Verse sla


 

Toch heeft al het lekkere eten op straat wel een nadeel: een structureel gebrek aan groente. Zodoende proberen we de sporadische keren dat we thuis eten, veel verse groente te verorberen. Het kwam dan ook goed uit dat we bij een supermarkt hier in de buurt echte verse sla kunnen krijgen. Hier hebben ze een heel irrigatiesysteem van pvc buizen aangelegd waarin kroppen sla met wortel en al in gestoken zijn.

Leve de koningin van Oz

Door de regenval is de (kolkende) rivier nu 3 meter gestegen

Door de regenval is de (kolkende) rivier nu 3 meter gestegen

Zoals Anja de vorige keer al eindigde, was het hier afgelopen maandag en dinsdag echt pokkeweer. Niet echt weer om Koninginnedag te vieren. Nu had dat op maandag sowieso niet echt gekund, want 30 april is hier gewoon 30 april: een dag als alle andere (werk-)dagen. Dit in tegenstelling tot dinsdag: Labour Day, bij ons beter bekend als Dag van de Arbeid. Dit lijkt een beetje een paradox, want in veel landen, waaronder Maleisië, is het een belangrijke feestdag. Feestdag of niet, duty calls, dus ik ging lekker naar kantoor – achteraf gezien nog niet eens zo’n slechte keuze in verband met het weer. Op dit moment is het een hectische periode waarin de afspraken al staan, dus moeten we er alles aan doen om de afspraken ook daadwerkelijk na te komen.

Dan helpt het niet dat het gisteren (5 mei) ook nog eens Wesak Day was. Ondanks dat dit op zaterdag viel, hadden veel bedrijven vrijdag al vrijaf om dit te compenseren. Dit doet me overigens denken aan Bevrijdingsdag: dit jaar kon iedereen dit vieren (al lijkt het me stug dat veel mensen vrijdag compensatie kregen). Doordat vrijdag dus voor velen vrijaf was, is een aantal afspraken naar voren geschoven. Zodoende was ik dinsdag niet alleen, want een van mijn collega’s moest ineens woensdag al klaar zijn in plaats van donderdag.

Lekkere bitterballen! (is de foto bewogen of heb ik teveel Heineken op?)

Lekkere bitterballen! (is de foto bewogen of heb ik teveel Heineken op?)

Om toch een Koninginnedag gevoel te krijgen, waren we – de hele Nederlandse Vereniging en alle Nederlandse getinte bedrijven – bij de ambassadeur thuis uitgenodigd voor een borrel. De borrel zelf begon om vijf uur, maar wij waren er niet voor zessen. Dat kwam enerzijds omdat we niet op tijd vertrokken, maar anderzijds door het verkeer. We vertrokken vanaf kantoor, wat naar Nederlandse begrippen misschien nog net op loopafstand ligt van de residentie. Met het weer hier en de rondweg die overgestoken moest worden, is dat echter geen optie, tenzij je een portable douche en schone kleren meesjouwt. Dus maar met de taxi de file in die ik elke dag vanaf mijn werkplek mag aanschouwen. Gelukkig waren we nog net op tijd om de speech van de ambassadeur aan te horen, het Wilhelmus mee te zingen en na ‘Leve de koningin’ driewerf ‘hoezee’ te roepen.
De borrel zou eigenlijk om half acht afgelopen zijn, maar volgens mij was er meer dan genoeg ingeslagen. En het is toch zonde om al die haring weg te gooien… Zodoende hebben we tot een uur of tien kunnen bijkletsen met mensen die we hier tot nu toe allemaal al hebben leren kennen, onder het genot van haring, bitterballen, Heineken en Grimbergen. En deze keer hoefden we niet eens te fuiken voor de bitterballen!

Op kantoor was er nog wat nodig van de Ikea (o.a. oranje handdoeken!), dus hadden we bedacht dat we daar gisteren maar eens naar toe moesten. Anja had namelijk al eens ondervonden dat het onmogelijk is om met je karretje bij de auto te komen, dus alleen gaan is nogal onpraktisch als je veel en/of grote dingen bij je hebt. Het beste kunnen we hier op zaterdag samen naar toe. Keerzijde is wel dat naar de Ikea gaan op zaterdag hier zoiets is als op 2e Kerst-, Paas- of Pinksterdag in Nederland. Na drie rondjes door de parkeergarage vonden we eindelijk een plekje, al vond iemand anders dat hij ook recht had op dat plekje. Gelukkig voor ons blokkeerde de uitgaande auto zijn pad en konden we lekker parkeren. Het moderne rijden hier draait meer om assertiviteit…

Stairway to heav... hell?

Stairway to heav... hell?

Na een rondje showroom en magazijn – met uiteraard een pitstop voor de gehaktballetjes – eerst even terug naar de auto en ondertussen tientallen parkeerplek zoekende mensen teleurstellen omdat we echt niet weggingen. Rondom de Ikea zit namelijk ook een heel mall complex met allerhande thema’s en dat wilden wij wel eens bekijken. Stiekem hebben we er best wat leuke en nuttige adresjes gevonden, dus we hebben er goed aan gedaan om hier eens door heen te struinen. Omdat we ’s avonds nog wat op het programma hadden staan, besloten we nu dan toch wel naar huis te gaan. Dit tot groot genoegen van één gelukkige, want er waren nog steeds meer auto’s dan parkeerplekken.

Het idee dat ik heb van navigatiesystemen zonder toeters en bellen, als gebruik maken van file-informatie, is dat ze deterministisch zijn. Als ik vandaag op punt A sta en ik moet naar punt B, dan verwacht ik dat ik dezelfde route krijg voorgeschoteld als morgen of gisteren. Zo niet met ons systeem. Op de een of andere manier kreeg ik een heel andere route suggestie dan Anja de vorige keer. Dit was bij de heenweg al een beetje het geval, maar bij de terugweg werd een en ander wat problematischer, omdat er U-turns dwars door een betonnen muur gemaakt zouden moeten worden, er afgeslagen zou moeten worden bij wegen die er niet zijn enz. En dat terwijl we de nieuwste kaarten hebben. Na een flinke omweg zijn we gelukkig netjes thuisgekomen.

Zoals gezegd hadden we nog een avondprogramma: ‘The Wizard of Oz’ werd opgevoerd bij een theater om de hoek. Helaas is dat om de hoek hemelsbreed misschien driehonderd meter, maar qua loopafstand al snel meer dan een kilometer, doordat we een spoor moeten kruisen en daarnaast twee keer hetzelfde eind parallel aan het spoor moeten lopen. Lekker luxe met de auto dus. Bijkomend voordeel was wel dat we onze blik voor het avondeten weer konden verruimen, want we hoefden zodoende niet pal naast huis iets te gaan eten.

Terras uitgebouwd op straat

Terras uitgebouwd op straat

Van een klant van ons heb ik al eens begrepen dat een Chinese tent hier in de buurt hele lekkere Chinese (vis-)curry en chickenwings had. Het grappige was dat ik de tent al wel kende, want toen hij probeerde uit te leggen waar het was, vroeg ik of die niet naast een kapsalon zat; de kapsalon waar ik nu twee keer geweest ben. Het bleek inderdaad die tent te zijn. Dan moet je bedenken dat de goede man hier zo’n 40 kilometer vandaan woont en uit het gehele culinaire bos hier in de regio juist deze ‘boom’ aanprijst. Dan moesten we dat maar eens proberen.

Netjes alles opgegegeten

Netjes alles opgegegeten

En inderdaad: we zijn niet teleurgesteld. De curry had een heerlijke smaak en was goed gevuld met vis, okra, boontjes, aubergine en een soort gefrituurde tofu. Zelfs Anja heeft hier van mee zitten smullen (met uitzondering van de vis natuurlijk).
De cast na de show

De cast na de show

Daarnaast de chickenwings geprobeerd en ook hiervoor geldt: geen woord gelogen! Om nog aan onze groenten te komen hadden we ook een soort paksoi besteld. Daarnaast ook nog een ‘kong po chicken’, want we hadden slechts een paar chickenwings. ‘Helaas’ moeten we nog steeds leren dat bij een gemiddelde Chinese gelegenheid hier small porties helemaal niet small zijn. Aan twee tot drie gerechtjes hadden we al meer dan genoeg gehad.
Voor uitbuiken was geen tijd, want we moesten door naar het theater. Het was een hele geslaagde show, waarin een zeer grote dosis humor verwerkt zat. Er zaten ook wat lokale grapjes in, die we zelfs al begrepen!

Vandaag is groen

Met alle feestdagen hier raak je de tel nog wel eens kwijt. Vandaag was het weer raak. Deze keer ter ere van de installatie van de koning, een proces dat iedere vijf jaar plaatsvindt. Omdat we niet zijn uitgenodigd voor de festiviteiten en we op televisie er waarschijnlijk toch weinig van zouden begrijpen, hadden we vooraf al verzonnen dat we maar wat anders zouden gaan doen.

Glibberen en glijden door de jungle

Glibberen en glijden door de jungle

Iets wat al vanaf de eerste week op onze todo lijst stond: het Forest Research Institute Malaysia (FRIM). Eerlijk gezegd zijn we nu niet direct de grootste natuurliefhebbers die van elk plantje en bloempje het fijne willen weten. Daarentegen zijn we hier om niet alleen van de cultuur, maar ook de natuur te genieten. Dus werd het tijd om een groene dag in het programma op te nemen. De hoofdreden voor een bezoek aan het FRIM is de ‘canopy walk’. Een serie touwbruggen bovenin het woud, zodat je over de toppen van de bomen kunt kijken. En het ligt op nog geen acht kilometer hemelsbreed bij ons vandaan (al kost even er naar toe rijden toch al gauw twintig tot dertig minuten).

Rond de jaren ‘20 van de vorige eeuw is men begonnen om een en ander te planten. Enerzijds voor onderzoek – zoals de naam van het instituut al doet vermoeden – en anderzijds voor behoud van verschillende soorten. Je kunt het dus geen oerwoud noemen. Daarentegen loop je wel midden in de tropische jungle.

Heldin van de dag

Heldin van de dag

Dat we zo graag over de bruggen wilden lopen hebben we geweten. Gisteravond hadden we al besloten het sporten over te slaan om dit vanavond te doen. Na vanmiddag is dat voorlopig ook even niet nodig, want we hebben de nodige lichaamsbeweging gehad. Los van het feit dat de totale route door het park al gauw een paar kilometer was, moesten we ook nog een flink hoogteverschil overbruggen. Het grootste gedeelte hiervan ging via modderige en glibberige paadjes/treden. Dit betekende dat ook naar beneden gaan de nodige inspanning vergde. Daarbij kwam dat ook het even over de bruggen lopen af en toe wat energie kostte als deze heen en weer ging.

'Zie de stad schijnt door de bomen...'

'Zie de stad schijnt door de bomen...'

Maar… het was het waard. Wat was het mooi om zo lekker in de natuur rond te lopen. Eenmaal op de touwbruggen zelf, die zo’n 30 meter boven de grond hangen, was het uitzicht ook fantastisch. Niet alleen om naar beneden naar de bossen te kijken, maar ook de uitzichten richting de stad waren zeer mooi. Jammer genoeg had je de mooiste uitzichten midden op de bruggen, daar waar je geen foto mocht, en ook niet kon, maken.

Geknakte 'visgraat'

Geknakte 'visgraat'

Het grappige is dat van een afstand als je naar een berg met begroeiing kijkt, het net is alsof je in Europa rondloopt. Eenmaal dichterbij (of boven in dit geval), zie je toch dat de vegetatie er een stuk anders uitziet. Niet alleen de soort bomen (rubber, palm), maar ook de bladeren, welke vetter lijken. Van die bladeren is één soort wel erg bijzonder, zeker als hij van de boom is gevallen en afsterft. Het is net alsof een soort visgraat overblijft. En dan nog een flinke ook, want de bladeren zijn ruim een meter lang.

Picknicken bij het water

Picknicken bij het water

Aan het einde van de route liepen we langs een riviertje, met hier en daar wat watervalletjes, weer naar beneden. Eenmaal daar aangekomen bleek de ruimte gebruikt te worden als picknickplek met veel ruimte voor kinderen om in het water te spelen. Helaas hadden wij geen zwemspullen mee, want een beetje verkoeling was wel welkom geweest.

Wij hebben in ieder geval weer een prima dagbesteding gehad en hebben weer een must-see van ons todo lijstje afgevinkt. Op naar de volgende!

Weg in eigen land

Een aantal weken geleden werd ineens duidelijk dat ik ‘even’ naar Nederland zou moeten voor het werk. De eerste reactie was: leuk, gaaf! Echter, naarmate de tijd vorderde had ik steeds meer zoiets van: moet dat nu echt? We zitten hier net, we hebben nog geen heimwee, we… uhm… ik zou gaan en niet wij. Zoals Anja in het voorgaande stukje al schreef, hebben we nog wel lang nagedacht of we niet samen zouden moeten gaan. We hebben hier nog best een tijdje mee geworsteld. Maar goed, vrienden en familie zijn overdag ook bezig, ik zou de hele dag moeten werken en bovenal speelde uiteraard het kostenplaatje een grote rol.

Omdat het maar voor een week was, had ik niet zoveel spullen nodig. Bijkomend voordeel was wel dat ik op de terugweg de hele koffer vol kon proppen met ‘boodschappen’. In de voorbije weken hebben we al een lijstje bijgehouden. Ook mijn collega’s hadden nog wensen – heel gek, men is hier (ook) dol op stroopwafels. Er was echter één maar: de liter alcohol die ik op de terugweg mocht importeren was voor ons zelf gereserveerd.

Met een nagenoeg lege koffer en boodschappenlijst in de hand kwam ik zondagmorgen vroeg aan op Schiphol. Dat leverde wel een heel erg raar gevoel op. En dat lag niet alleen aan de temperatuur die een stuk lager lag. Daar sta je dan, weg in eigen land terwijl je geen ‘thuis’ meer hebt, maar toch nog steeds een soort thuis(-komst)gevoel. Tegelijkertijd was alles zo vertrouwd: ik kon de omroepen verstaan, de borden begrijpen, wist precies welke trein ik moest pakken. Wel werd het rare gevoel versterkt toen ik, eenmaal in Eindhoven aangekomen, moest inchecken in een hotel. Het communiceren met Anja was ook even wennen. Waar ik normaal rekening houd met mensen die later leven dan ons, moest ik nu goed opletten dat het in KL niet te laat zou zijn.

Ook levert zo’n rare situatie ook hele leuke taferelen op. Zo wilde een straatverkoper mij een abonnement op Voetbal International aansmeren. Op zich leuk om dan te beweren dat hij niet kan garanderen dat het bij mij bezorgd kan worden. Hij kon zich niet voorstellen dat dit niet kon. Totdat de aap uit de mouw kwam natuurlijk. Ook even langs wippen bij mensen die je totaal niet verwachten leverde erg leuke reacties op. Het was zelfs zo dat bijna iedereen meteen Anja een mailtje stuurde nadat ik langs geweest was. Gelukkig ben ik netjes geweest…

Een potje bandplakken

Een potje bandplakken

Dat ik toch echt in Nederland was, merkte ik weer toen ik de fiets van het werk kon gebruiken. Oorspronkelijk heb ik deze ‘gedoneerd’ – er zit zelfs nog een labeltje aan het sleuteltje met de aanduiding dat dit Sjoerd zijn fiets is – maar na wat opknapwerk is dit een heuse bedrijfsfiets geworden. Omdat ik door het tijdsverschil de eerste dagen ’s ochtends wat vroeg wakker was, kon ik er lekker op uit en mezelf uitleven op de fiets. Dat fietsen niet altijd even leuk is, merkte ik helaas ook. Toen ik dinsdagavond na een lekker diner bij Saskia en Stan weg wilde rijden, bleek de achterband lek te zijn. Kon ik nog even een potje oud-Hollandsch band plakken spelen.

Van veel mensen hebben we al eens begrepen dat even naar Nederland gaan enorm veel energie kost. Ondanks dat ik dit nu kan beamen, moet ik zeggen dat het me niet is tegengevallen. Ik had nu namelijk meer een gevoel van ‘als je er dan toch bent, maak er dan wat van’. Het zou een beetje raar zijn als je elke avond in je eentje op je hotelkamer zou moeten zitten. Zodoende zat elke minuut vrije tijd buiten mijn werk – ja, er is ook wel degelijk nog gewerkt deze week – helemaal volgepropt met borreltjes, hapjes eten en bezoekjes. Ondanks dat het energie kost, levert het ook heel veel energie op. Het enige nadeel is, dat je dan pas beseft hoeveel mensen je eigenlijk nog niet eens de kans hebt gegeven om gezellig bij te kletsen of een vorkje mee te prikken. Vooraf hadden we mijn komst bewust niet aan de grote klok gehangen, omdat ik een beetje bang was om mensen bij voorbaat al teleur te stellen. Iets wat zelfs ook al gedurende de week moest gebeuren, helaas…

Omdat ik pas op zaterdagavond terugvloog, kon ik ’s ochtends nog even op pad om het boodschappenlijstje af te werken. Naast de ‘gebruikelijke’ zaken als stroopwafels, drop en kaas, nog wat specifieke dingen waar we hier nog geen alternatief voor hebben gevonden en op verzoek van mijn collega’s Chan en Dennis ook nog wat exclusieve Cubaanse sigaren.

Oscar bij Peetoom Sjoerd

Oscar bij Peetoom Sjoerd

Zoveel tijd had ik echter niet, want er stonden mij namelijk nog twee belangrijke zaken te wachten: ik zou nog langs mijn zusje gaan en ik zou mijn petekind Oscar zien. Toeval bestaat dan wel niet, maar het kwam wel heel mooi uit dat hij uitgerekend deze week geboren is! Het was een heel bijzonder gevoel om hem in mijn armen te mogen hebben. Hopelijk doen er zich de komende jaren nog genoeg mogelijkheden voor om hem weer even te zien. Ik had dan ook graag nog even willen blijven. Van papa mocht dit ook wel, want Oscar bleef erg rustig slapen in mijn armen. Maar goed, het ticket was toch echt geboekt voor zaterdag, dus door naar Schiphol.

Daar heb ik nog gezellig wat gedronken en gegeten met Milou. Dit konden we uitgebreid doen, omdat het vliegtuig een uur vertraging had. Daarna door de douane en op weg naar de gate. Na de security check bij het wachten schrok ik ineens op, want mijn naam werd omgeroepen. Gelukkig was het niet ernstig: of ik misschien van plek wilde ruilen, zodat een gezin ‘herenigd’ kon worden. Aangezien ik toch alleen was maakte me dit totaal niet uit. Of ik nu voor, achter, links of rechts zou zitten, ik zou weer naar KL gaan. En dat was maar goed ook, want ik had echt zin om weer naar huis te gaan!