Een hele paarse krokodil

Ondanks Anja haar poging om het blog nieuw leven in te blazen in de vorige post, is het weer een hele lange tijd stil gebleven. Het is natuurlijk niet zo dat er hier niets meer te beleven valt. Kijk maar eens op onze Facebook pagina’s. Wel is het zo dat het aantal ‘eerste keer’ belevenissen sterk is afgenomen en er hierdoor minder directe aanleiding is om een uitgebreid verslag te schrijven. Ook zijn er veel dingen die op zich niet een hele post vullen.
Tijdens de afgelopen zomervakantie in Thailand heb ik besloten de draad weer op te willen pakken en regelmatig met een update te komen over de zaken waar we tegenaan lopen en die ons intrigeren.

In eerdere posts hebben we al eens gerefereerd aan de bureaucratie in Maleisië. Deze week werd ik er maar weer eens aan herinnerd dat hier men zich hier graag ziet als wereldkampioen ‘paarse krokodillen’. En dan heb ik het nog niet eens over het feit dat we bij het ophalen van reeds bestelde en betaalde musical tickets weer ons paspoort nummer mochten invullen. Eigenlijk begint een en ander al bijna een jaar geleden, toen ik voor het werk op pad moest naar Bintulu.
Bintulu is een redelijk kleine plaats op het Maleisische deel van Borneo. Men werkt er vooral in de ‘O n G’ (olie en gas). Naast de fabrieken/terminals van Petronas, Shell en Murphy is er niet veel te vinden en doen. Als je van avontuur en de natuur houdt, is Bintulu en omgeving wellicht een paradijs. Indien je iets meer gesteld bent op faciliteiten, zal je het waarschijnlijk wat moeilijker hebben. Zo is er wel een bioscoop, maar daar draait alleen een film als minstens tien man een kaartje hebben gekocht. Mocht je nu heel erg graag naar de film willen, dan kan het dus zijn dat je zelf tien kaartjes moet kopen.
Nu zul je wellicht denken: “wat heeft dit met bureaucratie te maken”? In principe niets, ware het niet dat Bintulu ligt in de deelstaat Sarawak.

Zowel Sarawak als Sabah (de andere Maleisische deelstaat op Borneo; samen ook wel ‘East Malaysia’ genoemd waar wij in ‘West Malaysia’ of ‘Peninsular Malaysia’ wonen) hebben bij de totstandkoming van en toetreding tot de Maleisische Federatie in de jaren zestig van de vorige eeuw een aantal voorwaarden gesteld. Deze waren er vooral op gericht de ‘binnenlandse’ economie en bevolking te beschermen. Zo is het voor ‘non-Sarawakians’ niet vanzelfsprekend dat men er mag werken. Dit geldt niet alleen voor mij als buitenlander (mijn werkvergunning spreekt specifiek over West Malaysia). Ook al mijn collega’s die niet uit Sarawak komen, vallen hieronder. Op zich zie ik nog wel enig nut in een dergelijke regeling. Helaas lijkt het ondertussen wel achterhaald, want er vindt veelal een brain drain plaats, waarbij gekwalificeerd personeel een betere toekomst denkt te kunnen hebben in West Malaysia en hier naartoe trekt. Wat ben je dan nog aan het beschermen?

Om een en ander te kunnen controleren, hebben allebei de staten een eigen immigratiedienst. Vluchten binnen de staat heten domestic, terwijl alle andere vluchten – zelfs de vluchten naar Kuala Lumpur – onder international vallen. In Sabah heeft Anja al eens wat problemen ondervonden met de verschillende diensten. Omdat wij niet getrouwd zijn, is Anja hier op ‘social visit’. Afgelopen jaar is haar verblijfsvergunning verlengd en ze mag nu tot het eind van het jaar niet alleen West Malaysia, maar ineens ook Sabah, onbeperkt in- en uitreizen. Althans, dat staat op die vergunning. Daar was de immigratiedienst van Sabah het niet mee eens, want dit was vast iets wat men in Putrajaya (de politieke hoofdstad van Maleisië net buiten Kuala Lumpur) verzonnen had. Nadat de enig overleg met zijn superieur, besloot de controleur dat Anja slechts voor dertig dagen mocht blijven.

Goed, terug naar Bintulu. De allereerste keer dat ik daar kwam was november 2012. Maar al in oktober was ik bezig met alle paperassen voor de werkvergunning in orde maken. Alles wat ik nodig had om een driejarige werkvergunning te verkrijgen voor West Malaysia, viel in het niet bij wat ik moest regelen om welgeteld drie hele weken in Bintulu aan de slag te kunnen. Naast allerlei documenten aangaande ons bedrijf (onder andere hoeveel ‘Maleiers’ er werken versus Chinese en Indiase locals!), zes kopieën van mijn paspoort en vijf pasfoto’s, was een aantal andere documenten van levensbelang om überhaupt in aanmerking te komen voor een vergunning. Zo moet je op een drietal formulieren aangeven wat je salaris is. Het is namelijk zo dat je minstens 2500 Ringgit bruto per maand moet verdienen (NB: dit is ruim 600 Euro). Omdat de klant mijn documenten ook nog onder ogen kreeg, had ik nog even niet mijn salaris opgeschreven. Echter, voor ik het goed en wel door had, lagen die papieren al ter controle bij de beambte. Of meneer ‘DJAIPEN’ even terug wilde komen… Ik werd streng toegesproken dat ik nog niet alles had ingevuld. Gelukkig kon ik de goede man uitleggen dat ik voor minder dan het minimumbedrag waarschijnlijk niet eens die kant op gekomen was en mocht ik snel nog even de papieren aanvullen.
Het tweede document dat van levensbelang is, bevat een aantal vragen aangaande lokale werving (in dit geval voor de service job van drie weken die ik zou gaan uitvoeren). Waarom heeft ons bedrijf geen persoon uit Sarawak aangenomen? Hoe lang zou zo iemand getraind moeten worden om de job uit te kunnen voeren? Waar zijn de bewijsstukken van lokale advertenties voor de ‘vacature’?
Dat de overige documenten in de stapel er eigenlijk niet zo toe te doen, is enerzijds te merken aan het feit dat ze er alleen even snel doorheen bladeren om te kijken of er een formulier 24, formulier 44, formulier 29, … tussenzit. Anderzijds valt dit, nadat de vergunning een week later in je paspoort is geplakt, op te maken uit het feit dat men niet eens kijkt bij welke faciliteit je aan de slag gaat. Op de vergunning staat namelijk willekeurig een van de grote fabrieken in Bintulu.

Gelukkig kostte dit geintje slechts een dag. Ik kreeg een papier mee waarop stond dat ik mocht werken. Mijn paspoort moest ik voor een week achterlaten, want daar zouden ze het visum in plakken. Overigens doen ze dit laatste pas op het moment als je je paspoort weer komt ophalen. Ze pakken dan je dossier er bij met je visumloze paspoort en vragen je even – één tot twee uur – te wachten, want ‘we need to endorse the visa’. Had ik daar niet al de hele week op zitten wachten?

Afgelopen week was mijn vierde keer in Bintulu. Helaas is zo’n vergunning maar drie maanden geldig. Oftewel: dit geintje hebben ze nu al weer drie keer met me uitgehaald. Al was het deze week wel het toppunt. Er was namelijk geen endorsement-stage, omdat ik vrijdag al weer terugvloog. Ik heb de goede man nog proberen uit te leggen dat de kans 0.999999999999 is dat ik binnen drie maanden terugkom en liever niet weer op gezette tijden langs hun kantoor wil. Helaas mocht dit niet baten. Het enige lichtpuntje is dat ze de aanvraag vast hebben goedgekeurd en deze apart houden. Ik ben benieuwd.

En dan lekker aan de slag, zul je denken. Niets is minder waar. Vanzelfsprekend, zijn er in de olie- en gaswereld nogal wat veiligheidsvoorschriften. Naast een algemene verplichte training die ik in 2011 al eens heb gevolgd (‘Oil and Gas Safety Passport’), zul je bij elke faciliteit die je binnengaat ook een veiligheidstraining moeten volgen. Gelukkig krijg je na het volgen hiervan een pas waarmee je vaak tot een jaar na dato de site op kunt. Hierna zul je weer een opfriscursus moeten volgen.

Bij de betreffende fabriek in dit verhaal ligt alles ietwat gecompliceerder. Eerst moet je op dag één aanvraag indienen voor de pas. Indien dit wordt goedgekeurd, mag je op dag twee langs de medische keuring. Hier wordt alleen gekeken of je onlangs een aantal specifieke tests in het ziekenhuis hebt ondergaan. De arts op site zet vervolgens zijn/haar handtekening. Op dag drie mag je langs de security officer voor een handtekening. Je moet wel opschieten, want er mogen per dag slechts veertig man langskomen. De security officer controleert wat gegevens en – zo voelde het in ieder geval – probeert te zorgen dat er geen handtekening gezet gaat worden. In mijn geval vond ze dat mijn werkvergunning niet meer geldig was. Het was immers al eind november en mijn vergunning gaf midden november aan. Nadat ik vriendelijk gemeld had dat die vergunning niet van toepassing was (de betreffende pagina was de werkvergunning voor WEST MALAYSIA) en dat ze zich in het jaartal had vergist (2014 in plaats van 2012), zocht ze verder. Helaas kon ze niets vinden. Wel had ze nog een troef achter de hand: er was tegenwoordig een nieuw formulier nodig en die had ik nog niet ingevuld. Gelukkig was ik met onze klant en die had mij geholpen bij de voorbereiding. Zodoende kon ik het formulier – in tweevoud – netjes overleggen. “Kat in het bakkie,” zo dacht ik. Totdat ze met een vals lachje aangaf dat het allemaal wel leuk en aardig was, maar ik had het formulier met blauwe pen ingevuld, terwijl dit toch echt met zwart moest… Tja, wat kun je daar tegenin brengen. Op zo’n moment besef je je, dat een kopieerapparaat wonderen doet en niet veel later waren wij het die konden lachen. Op naar dag vier, de echte ‘safety induction’. Een drie uur durende presentatie waarin algemene en site specifieke punten met betrekking tot veiligheid aandacht krijgen. Tot op de dag van vandaag snap ik alleen nog steeds niet waarom ik daar drie uur moest zitten, zonder iets op te steken. De presentatie was namelijk volledig in het Bahasa Malaysia. Het enige wat ik op dat moment wel wist, was dat ik de volgende handtekening kon scoren – dit begon bijna een vossenjacht te worden –, ik was immers bij de presentatie geweest. Het begon te makkelijk te worden. Dit kwam omdat ik een valkuil over het hoofd had gezien: de handtekening kon niet die ochtend al gezet worden.’s Middags vanaf twee uur konden we terugkomen. Wel was dit de laatste noodzakelijke handtekening. Hiermee mochten we het hokje in waar een pasfoto gemaakt zou worden voor de body pass, die we vervolgens zouden kunnen gebruiken om door de toegangspoortjes te komen. De body pass zelf konden we, uiteraard, pas op dag vijf ophalen. Het moge geen verrassing zijn dat toen we op dag vijf de pas wilden ophalen, men juist had besloten dat dit uitgerekend die dag niet mogelijk was…

Zo’n negen maanden later kwam ik deze week weer aan op dezelfde site. Vorige week nog even kortgesloten dat mijn body pass nog geldig was. Gelukkig was dit het geval. Toch gingen de poortjes niet open toen ik hem bij de lezer hield. De dienstdoende agent (er is in Maleisië een speciale afdeling van de politie die de beveiliging van Petronas locaties voor haar rekening neemt) controleerde een en ander en concludeerde dat de pas niet meer geldig was. Hè? Had ik dit niet vorige week uit voorzorg gecheckt? Het bleek dat mijn gegevens/safety induction/medische check en daarmee de pas nog geldig waren. Echter, in het systeem is de pas gekoppeld aan een project en het bijbehorende project was intern al afgesloten. Terwijl je tot tien staat te tellen, besef je je, dat je net zo goed rechtsomkeert kunt maken. Waarom zou je de restproblemen van dat project ook willen oplossen als het toch al is afgesloten?

Gelukkig bestaat er ook nog zoiets als een alternatieve oplossing. Je kunt, onder begeleiding, namelijk ook een dagpas aanvragen. Je dient dan wel je identificatie kaart of paspoort af te geven. Maar wat als je paspoort nu bij de immigratie ligt? Dan pak je gewoon het papier van de immigratie. Op dag één was dit geen probleem. Wellicht kwam dit door het feit dat we al anderhalf uur stonden te wachten. Net toen wij aan de beurt waren, gaf het systeem aan dat er al duizend ‘contractors’ binnen waren en pas negentig minuten later konden er weer passen uitgegeven worden.
Helaas had meneer op dag twee wat meer problemen met mijn document. Waarom is dit afgedrukt op een geel papier? Waar staat er een handtekening? Allemaal vragen waar ik toch nooit een antwoord op kon geven. Althans, niet een waardoor ik die felbegeerde pas in handen zou krijgen. Na een aantal minuten overleg kwam hij dan ook terug met de mededeling dat ze dit document niet konden accepteren. Hierop gaf ik te kennen dat dit de dag ervoor toch echt geen probleem was. Volgens de goede man was ik dan niet de site op geweest. Dit zou een eindeloze welles nietes pingpong worden die ik toch nooit zou winnen. In plaats daarvan gevraagd of andere documenten ook goed waren. Gelukkig mocht ik mijn rijbewijs gebruiken.

Vol goede moed stuitte ik op dag drie met mijn rijbewijs in de hand op weer een andere man. Hij vond dat ik eerst de veiligheidstraining nog moest volgen. Toen mijn begeleider na drie keer uitleggen het de man eindelijk duidelijk had gemaakt dat dit niet noodzakelijk was, overhandigde ik hem mijn rijbewijs. Toen stond de wereld ineens op zijn kop. Hoe was het in godesnaam mogelijk dat deze blanke een officieel Maleisisch rijbewijs had? Nu zijn de rijbewijzen hier van het type schooldisco pasje. Hierdoor kreeg ik de neiging om te antwoorden met “Wat denk je, die heb ik natuurlijk gewoon thuis gemaakt” onderdrukken. Het andere voor de hand liggende en tegelijk eerlijke antwoord “Omdat ik dat hier heb aangevraagd, ik woon hier immers” was gelukkig afdoende om binnen te komen.

Yangon

Na meer dan twee maanden niets geschreven te hebben, werd het nu toch wel echt tijd om weer eens iets te schrijven… Vorige week ben ik met de dames van IWAKL een paar dagen naar Yangon (Myanmar, ook wel Birma) geweest. Daarvan hierna verslag.
En Sjoerd heeft beloofd binnenkort nog iets te schrijven over zijn belevenissen op site (voor zijn werk) in Bintulu en onze reis naar Vietnam in december. We hebben het maar druk :-) .

Myanmar heet sinds 21 oktober 2010 officieel Republiek der Unie van Myanmar, van 1989 tot 2010 heette het kortweg Unie van Myanmar en daarvoor heette het Birma. Toch wordt de oude naam Birma (of Burma) nog veel gebruikt. Na jaren van politieke onrust is op 31 januari 2011 een nieuwe grondwet in werking getreden, die formeel een einde maakte aan het militaire bestuur. Het land is op de goede weg, maar er is nog veel te doen. En je zou het misschien niet zeggen, maar Myanmar is één van de veiligste landen ter wereld en Yangon wellicht de veiligste stad in heel Zuidoost Azië.

Schattige jongetjes in Chinatown

Schattige jongetjes in Chinatown

Er zijn drie seizoenen: het regenseizoen, van eind mei tot midden oktober, het koele droge seizoen (winter) van eind oktober tot midden februari en het hete droge seizoen (zomer) van eind februari tot midden mei. In de zomer kan het wel 45 graden Celsius worden. Het is dus belangrijk van te voren te kijken welk seizoen het is. De winter is de beste periode om te gaan met temperaturen rond de 25 graden Celsius. Momenteel is het begin van de zomer, met zo’n 37 graden Celsius, onbewolkt en geen regen.

Eerste indruk van Yangon
Op naar het land met eeuwenoude cultuur en waarschijnlijk de meest vriendelijke bevolking ter wereld! Met Malaysia Airlines vliegen we in iets meer dan twee en een half uur direct naar Yangon.

Bij de Reclining Buddha

Bij de Reclining Buddha

Het tijdverschil tussen Maleisië en Myanmar is anderhalf uur. Het vliegveld ligt in het noorden van Yangon. Tijdens de busrit naar het centrum van de stad blijkt al snel dat Yangon een erg uitgestrekte stad is met weinig hoogbouw. In het centrum schieten de dure, hoge hotels de grond uit, maar nooit hoger dan de blikvanger van Yangon: de Shwedagon pagode met zijn bijna 110 meter hoogte.
Overal in de stad liggen gouden pagodes, af en toe afgewisseld door een kerk of een moskee. Dat is niet zo gek als je weet dat 89 procent van de bevolking Boeddhistisch is. Het Christendom en de Islam nemen ieder 4 procent in. Wat verder opvalt is dat er weinig is veranderd sinds de Britse koloniale tijden.
Reclining Buddha

Reclining Buddha

Op de weg zijn er drie dingen die direct opvallen. Ten eerste: er wordt aan de rechtkant van de weg gereden, maar met het stuur ook aan de rechterkant, erg verwarrend en dus het opletten geblazen. Ten tweede zie je in Yangon geen brommertjes en scootertjes. Wat een opluchting! Dit wil echter niet zeggen dat het rustig is op de weg, het is een lekkere chaos. Tenslotte zie je verschillende kleuren nummerplaten: rood voor taxi’s, geel voor monniken, blauw voor toeristen en zwart voor de rest. Soms is dit enige manier om een taxi te herkennen.

Chinatown

Chinatown

Na onze busrit mogen we direct genieten van het heerlijke eten wat ze in Myanmar hebben. Daarna op naar de eerste bezienswaardigheid: de Chaukhtatgyi Paya, oftewel de Reclining Buddha. De indrukwekkende 70 meter lange Buddha ligt in een enorme hal. Daarna gaan we door naar de graftombe van de laatste Indiase koning Bahadur Shah Zafar. Eigenlijk is het een moskee met een graftombe. Vervolgens bezoeken we nog een andere moskee, maar deze was helaas gesloten vanwege het gebed. Als laatste die dag staat een bezoekje aan Chinatown op het programma, meestal één van mijn favorieten vanwege alle mensen, geuren en kleuren. Er is een grote versmarkt en overal wordt eten bereid en verkocht. We maken kennis met de ontzettend vriendelijk mensen en maken veel foto’s van al het moois. Vrouwen in Myanmar smeren zogenaamde thanakha – een soort traditionele make-up – op hun wangen, niet alleen uit het oogpunt van schoonheid maar het verkoelt ook en helpt beschermen tegen verbranden. Mannen lopen allemaal in een sarong rond en iedereen kauwt op betel noten, wat donker rode tanden oplevert.

Shwedagon pagode en het koloniale hart

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

De volgende ochtend vroeg is het tijd voor de Shwedagon pagode. Geen bezoek aan Myanmar is compleet zonder een bezoekje aan deze pagode. Het is het grootste en tevens belangrijkste heiligdom in Myanmar. De pagode is op een heuvel gelegen, zodat deze vanuit de hele stad goed zichtbaar is.
Met de bouw van de pagode werd begonnen in de vijfde eeuw voor Christus. Sindsdien is het bouwwerk door aardbevingen vaak zwaar beschadigd, maar telkens weer herbouwd – een volgende versie telkens groter en prachtiger dan de voorgaande. Verguld met bladgoud en vele duizenden kostbare edelstenen. Volgens de mythe worden in de pagode acht haren bewaard van de laatste Boeddha, tezamen met relikwieën van drie van diens voorgaande incarnaties.
Bij de Shwedagon pagode

Bij de Shwedagon pagode

De enorme pagode wordt omring door tientallen, zo niet honderden, kleinere pagodes, tempels en beelden. Zodoende ben je hier wel een paar uur zoet. Je kunt het beste ’s ochtends vroeg gaan, dan is het nog niet zo heet (je loopt op je blote voeten op marmeren tegels) en de lucht is dan nog mooi blauw en helder. Kijk wel even van te voren op internet, want er vindt veel renovatie plaats en het zou zonde zijn als je komt als de enorme pagode onder renovatie is.

Bij Shwedagon pagoda

Bij Shwedagon pagoda

Hierna gaan we door naar het oude stadsgedeelte, het koloniale hart. Hier zie je duidelijk de erfenis van de Britten met vele koloniale gebouwen in een ruim opgezet stratenpatroon. We lopen rond en zien achtereenvolgens de Sule Pagode, liggend midden op een drukke rotonde, de Yangon City Hall, het Independence Monument, gelegen in de mooie Maha Bandoola Garden en de High Court.
We rijden nog even langs het verblijf van Aung San Suu Kyi, winnares van de Nobelprijs voor de Vrede in 1991 en partijleider van de NLD, de National League for Democracy. Helaas valt er weinig te zien.
’s Middags is het tijd om te shoppen en wel naar waar Myanmar bekend om staat: edelstenen en juwelen, voornamelijk robijn, jade en goud. Op naar de Bogyoke Ang San Market, ook wel Scott Market genoemd, gelegen in een zeventig jaar oude markthal. Daarnaast zijn er nog vele andere souvenirs te vinden. Voor veel van de IWAKL dames waren de edelstenen en juwelen de reden om mee te gaan naar Yangon, niet de cultuur. Dus wordt er flinks op los geshopt. Ik houd het bescheiden bij een schilderij en een vlaggetje van de Shwedagon pagode.

Ritje met de Circular Train

Het prachtige zicht vanuit de trein

Het prachtige zicht vanuit de trein

De dames gaan de volgende dag weer shoppen. Tatyana (mijn kamergenootje afkomstig uit Kazachstan) en ik hadden de eerste dag al besloten dat we vandaag niet zouden gaan shoppen, maar de Circular Train zouden nemen, een rondrit van drie uur in een lokale trein door de uitlopers van de stad en het platteland om het echte leven te zien. De trein is allesbehalve luxe: geen airco en niet al te comfortabele banken met ramen een stuk beneden ooghoogte. Maar wat wil je als een ticket maar één US dollar kost?
De marktkooplui verlaten de trein weer

De marktkooplui verlaten de trein weer

Naast de paar toeristen zie je hier alleen locals. Het eerste uur hebben we alle ruimte en genieten we van het prachtige uitzicht, maar zien we ook veel armoede. Af en toe komen er verkopers langs. Bij een lief vrouwtje kopen we ‘pink bananas’, heerlijk zoete bananen. Na een uur komen we bij een grote markt en binnen enkele seconden staat het hele gangpad vol het manden met koopwaar en marktkooplui. Na drie uur in de hete trein zijn we uitgeput en toe aan een lunch in een restaurant met airco. We gaan naar de Sukura toren om daar op de bovenste verdieping te lunchen en te genieten van het prachtige uitzicht over de stad.

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

’s Middags gaan we nog naar het Kandawgyi Lake om foto’s te maken van de blikvager van het meer, de Karaweik Hall, een enorm drijvend paleis wat tegenwoordig dienst doet als restaurant. We hadden hier graag willen eten, vergezeld door een culturele show, maar hier moet je minimaal tien dagen van te voren voor reserveren. Na een tijdje gelopen te hebben in de brandende zon (eind februari is het daar zo’n 37 graden Celsius), zijn we toe aan een douche en een middagdutje.
’s Avonds gaan we naar een andere culturele show met buffet in het Kandawgyi Palace Hotel, ook gelegen aan het Kandawgyi Lake. Echt een aanrader. Prachtige dans en een dame die een balletje hooghoudt terwijl ze bijvoorbeeld op twee flessen staat. Erg knap.

Helaas moeten we na drie dagen Yangon al weer afscheid nemen van Myanmar. Maar terug ga ik zeker nog een keer. Er is zoveel meer te zien: de enorme vlakte van Bagan met zijn duizenden tempels en pagodes, het koningsstadje Mandalay, het prachtige (en koelere) Inle Lake en nog veel meer.

Druk, druk, druk…

We zijn al weer bijna een maand terug uit Bali, wat vliegt de tijd zeg! Ik beloof het, binnenkort een verslag van Bali, maar nu eerst een verslag van de afgelopen weken. Eigenlijk moet ik eerst mijn ‘to do’ lijstje van deze week afmaken, maar het internet ligt eruit, dus ik kan weinig anders doen dan dit verhaal schrijven…
Ook weer zoiets typisch Maleis: je moet minimaal één keer per maand je internettegoed online opwaarden, anders lig je eruit. Nou is die maand nog niet voorbij, maar is het tegoed gewoon. Geen probleem, zou je denken, dan waardeer dat je dat gewoon even op? Niet dus, dat kan alleen als je op internet zit. Normaal vraag ik Sjoerd dat dan even te doen op zijn telefoon of op het werk, maar hij is voor werk naar Bintulu (Sarawak) en is de hele dag op site en mag daar geen telefoon bij zich hebben. En echt vroeg is hij ook niet op zijn hotelkamer, gister pas rond 11 uur ’s avonds, dus dat wordt nog lang wachten. Ander alternatief is naar het werk rijden om het daar op te waarderen, maar met de vrijdagmiddag spits kan dat uren duren en dat is ook een beetje zonde van de tijd. Maar wachten dus…

De periode voor Kerst is het hier een gekkenhuis, alles moet nog net voor het nieuwe jaar af en er zijn heel veel activiteiten. En leuke activiteiten, dus die wil je niet missen. Daarbij komt dat veel mensen dit weekend naar ‘huis’ (Nederland of welk land dan ook) gaan en als ze niet naar huis gaan, gaan ze wel op vakantie.

IWAKL

IWAKL

Ook de International Women’s Association KL (IWAKL) organiseerde afgelopen maand weer veel activiteiten: een Deepavali lunch (Deepavali is het feest van het licht voor de Hindoes) en een lunch bij de vrouw van de ambassadeur van Fiji thuis met veel lekker eten naar origineel Fiji’s recept. Helaas namen we hier ook afscheid van een aantal dames, omdat zij KL gaan verlaten. Dat blijf ik moeilijk vinden: heb je net een beetje een band met iemand opgebouwd, gaan ze al weer weg. Vervolgens stond er nog een Kerstlunch op het programma, grappig genoeg op 5 december.

Raften

Raften

Ook de Nederlandse Vereniging in Maleisië had veel op het programma staan. We begonnen met een Sinterklaas koffieochtend waar het heel druk was. Niet vanwege de koffie of thee, maar om het Sinterklaas snoepgoed dat in Nederland besteld was en inmiddels aangekomen was in KL. Bergen pepernoten, banketstaven, chocoladeletters, inpakpapier en nog veel meer. Zo kunnen de Nederlanders hier toch een beetje meegenieten van Sinterklaas. Aangezien wij thuis nog veel pepernoten hadden liggen (en het weg aan de prijs was), heb ik me zeer beschaafd gedragen en alleen een gevulde speculaas gekocht.
Een paar dagen later was het tijd om te gaan raften. Sjoerd zit sinds kort in de sportcommissie en ze hadden bedacht te gaan raften. Niet echt mijn ding, dus ik bleef thuis. Sjoerd kon helaas ook niet mee gaan raften, omdat hij een schimmelinfectie onder zijn oksel had en de dokter adviseerde niet in het water te gaan. Hij baalde er echt van, maar is toch meegegaan om foto’s te maken. Hele mooie foto’s zelfs, die kan ik weer goed gebruiken voor in de Flits. Uiteindelijk was Sjoerd’s dag helemaal geslaagd, hij mocht namelijk in een wagen de glibberige wegen en heuvels op rijden.
Ook hebben we met een groep Nederlanders een Nederlandse film gekeken, Quiz. Op zondag 2 december was het dan echt tijd voor Sinterklaas. Ook hier komt hij gewoon op zijn paard aan, vergezeld door een hele hoop pieten. We waren hier zelf niet bij, maar ik heb ondertussen veel foto’s gezien en het is echt een hele belevenis. Toch wel speciaal zo, hier in Maleisië…
Winter Wonderland Party

Winter Wonderland Party

En last but nog least was het afgelopen weekend tijd voor de Winter Wonderland White Party in de Skihut! Het verbaasde me waar iedereen toch al die winter- en skispullen vandaan haalde. Die hebben wij toch nog steeds in Nederland liggen. Uiteindelijk hebben we een stel handschoenen gevonden en die maar aan gedaan. Sjoerd zelfs vergezeld door een sjaal. En we hebben glühwein gehad!

Team Spirit incl partners en kids

Team Spirit incl partners en kids

Vorige week waren Sjoerd’s baas en zijn vrouw weer in KL. Dat betekende wederom een drukte: etentje, borrelen, etc. En zaterdag hebben we zijn zoon en diens vriendin nog een korte rondleiding KL gegeven.
Om een beetje in de Kerstsfeer te komen, zijn we afgelopen zondag naar een optreden van het koor van een vriendin gegaan: kerstliedjes zingen in een overvolle kerk. En na afloop wederom een glaasje glühwein, heerlijk!

Tussen al deze dingen door ben ik ook nog heel druk bezig voor de Nederlandse Vereniging. Naast het hoofdredacteurschap van de Flits – wat al veel tijd kost – zit ik nu ook in het bestuur met als taak ‘communicatie’: naast de Flits ook de Facebook pagina en de website. Nou is het niet het bijhouden van de website, maar het maken van een nieuwe, in samenwerking met een website bouwer. Afgelopen tijd veel vergaderingen en etentjes gehad. Ondertussen zijn we ook druk bezig met de sponsoren voor komend jaar. Allemaal erg leuk, maar erg tijdrovend…

Tenslotte nog maar weer eens iets typisch Maleis. Iets waar ik weet dat ik me niet druk om moet maken, maar waar ik me dus wel druk over maak. Toen wij hier vorige jaar aankwamen – ja, het is al weer meer dan een jaar geleden dat wij hier aankwamen – zou ik een ‘dependant pass’ (een verblijfsvergunning) krijgen voor drie jaar. Uiteindelijk kreeg ik een ‘dependant pass’ voor 1 jaar, zonder uitleg waarom. Maar verlengen zou een fluitje van een cent zijn, zeiden ze.
Gelukkig ben ik er al in oktober achter aan gegaan en bleek het helemaal geen fluitje van een cent! Het bleek namelijk dat er vorig jaar een foutje gemaakt was en de autoriteiten mij een ‘social visit pass’ toegewezen hadden, maar de immigratiedienst uiteindelijk een ‘dependant pass’ in mijn paspoort gestempeld hadden. Niet dat iemand mij dat vorig jaar verteld had natuurlijk!

Paspoort met verblijfsvergunning

Paspoort met verblijfsvergunning

Het hele proces moest weer van voren af aan doorlopen worden. Daarbij kwam dat vorig jaar Sjoerd’s collega Jenny aangewezen was als tekenbevoegd voor het bedrijf. Jenny werkt inmiddels niet voor het bedrijf en in juli hebben Sjoerd en zijn baas (die dus in NL zit) al honderd formulieren in moeten vullen om Sjoerd aan te wijzen als tekenbevoegd. Dacht je dat het geregeld was, nee hoor! Omdat de immigratiedienst vorig jaar mijn paspoort verkeerd gestempeld heeft, mag Sjoerd niet meer tekenen, maar moet een ‘local manager’ tekenen. Tja, ze verzinnen hier altijd wel weer een nieuw regeltje… Maar het probleem is dat het kantoor hier helemaal geen local manager heeft! Dus via een omweg is één van Sjoerd’s collega’s enkel voor dit geval aangesteld als manager en zou hij mogen tekenen. Weer een hele berg papieren invullen… En je moet er echt elke week achter aan gaan, anders gebeurt er helemaal niets!
Daarna moest ik weer mijn hele paspoort copieren. En met hele paspoort bedoel ik inderdaad het héle paspoort, inclusief alle lege pagina’s. Toen kwam de melding dat ‘stage 1’ van de vergunning ingediend was en dat dit 7 tot 10 werkdagen zou duren. En het was al voorbij half november, terwijl mijn vergunning 8 december zou verlopen… Daarna volgt ‘stage 2’wat weer 7 tot 10 werkdagen zou duren. Daarna komen ze je paspoort ophalen om te stempelen, wat weer een week kan duren. Volgens mijn berekening zou het nooit kunnen lukken voor die datum, maar warempel: vrijdag 7 december kreeg ik mijn paspoort terug en mag ik weer een jaar blijven. Jippie!

Waar ik dacht dat het deze week rustig zou worden, met veel naar huis op of vakantie vertrekkende mensen en Sjoerd die dinsdag weer vertrokken is naar Bintulu voor meer dan anderhalve week, staat mij ‘to do’ lijst nog steeds overvol. Afgewisseld met leuke dingen natuurlijk.
Gisteravond ben ik naar het concert van de Jacksons geweest. Wat een belevenis. En vooral wat een verschil met een optreden in Nederland! Het zou om 8 uur ’s avonds beginnen, dus wij waren erg op tijd. Bijna uitgestorven. Waren we wel op de goede locatie? Ja hoor! Om kwart voor acht kon je het stadium nog niet eens binnen! Dan maar even wat gadgets kopen. Toen we kwart over 8 binnen waren, was de zaal nog niet eens voor een kwart gevuld. Rond negen uur begon het dan toch echt. Tenminste dat dachten we, maar toen begon het voorprogramma… Wederom een wijze les (zoals bijna elke dag wel): waarom zou je op tijd komen? Toch blijf ik het hier moeilijk mee hebben en ben ik bijna altijd de eerste en kan soms wel een uur moeten wachten.

The Jacksons concert

The Jacksons concert

Iets wat we wel gedaan hebben, en wat typisch Maleis (meer Chinees eigenlijk denk ik) is: brutaal zijn. Zoals gezegd was het stadium half leeg en hadden ze de achterste mensen al wat naar voren gehaald. Wij zaten eigenlijk in categorie 2, maar omdat ze die ook verplaatst hadden en onze stoelen niet meer beschikbaar waren, waren we zo brutaal om gewoon door te lopen naar het VIP gedeelte voor het podium. Ze komen dan wel achter je aan, maar als je gewoon blijft zitten lopen ze vanzelf wel weer weg en heb je dus een mooi zitplekje. Ja, zitplekje. Ik dacht bij een stadiumconcert meer aan staanplaatsen (vooral op het veld), maar overal stonden van die mooie plastic stoeltjes. Maar natuurlijk, de Maleiers zijn een beetje lui en houden niet van staan. Ik had het kunnen weten…
Toen het concert eindelijk begon, bleef iedereen dus braaf zitten. Wij konden ons niet beheersen en gingen bij de echte dansnummers toch echt staan en meedansen. Maar het was het waard, wat een optreden! Geweldig!

Vanavond ga ik met twee dames van de Flits een bar uittesten voor ons nieuwe onderwerp Borrelen. Wat vervelend zeg?! Morgen ochtend, als ik hopelijk weer internet heb, ook nog even dit verhaaltje op de blog zetten.

En omdat iedereen weg is met Kerst hebben Sjoerd en ik bedacht ook maar weg te gaan. Als het goed is komt Sjoerd zaterdag de 22e terug en kunnen we zondag of maandag weg. Ik was tot een paar uur geleden druk op zoek naar de mogelijkheden op het internet, maar dat ligt nu dus even stil. Maar waarschijnlijk gaan we naar Vietnam, Hoi An en Hanoi. Zin in!!

Flits september

Zoals ik in het vorige stukje al schreef ben ik erg druk geweest (en nog steeds) met de Flits. Hieronder het resultaat van het september nummer.
Eén van de redenen dat ik het zo druk had en heb met de Flits is dat de twee dames die alles coördineerden (eigenlijk een soort van ‘hoofdredacteur’) ermee gestopt zijn en mij gevraagd hebben het van hen over te nemen. Natuurlijk heb ik dit aanbod geaccepteerd en vanaf nu ben ik verantwoordelijk voor de Flits. Dus naast het schrijven, ook stukken van anderen lezen, planning, afspraken maken, de rest van de redactie, het bestuur en de commissies achter de vodden aan zitten om hun bijdrage op tijd aan te leveren, etc. Heel leuk allemaal, maar erg tijdrovend. Maar het is weer een nieuwe uitdaging!

Terug naar het ‘alledaagse’ leven in KL

Ondertussen zijn we al weer twee weken terug in KL: thuis in KL om beter te zeggen. Helaas was de terugreis niet helemaal wat we ervan verwacht hadden. We hadden ons een beetje luxe veroorloofd door een speciale stoel te boeken: achterin het vliegtuig, daar waar de stoelen aan de zijkant van het vliegtuig van drie naar twee naast elkaar overgaan. Zodoende heb je iets meer ruimte voor je benen en heb je geen last van langskomende mensen. Dit leek goed te gaan (het achterste gedeelte van het vliegtuig was bijna leeg…), maar vijf minuten voor vertrek kwam er een groep van ongeveer 100 Polen binnen die volgens mij al niet helemaal nuchter waren, om het voorzichtig uit te drukken. Direct vanaf de start hadden ze het al op een zuipen gezet, geen idee waar die alcohol vandaan kwam. Vervolgens zaten, lagen en stonden ze overal en zoals je misschien wel kunt raden stonden ze erg graag direct naast mij stoel, want daar was wat extra ruimte. Van een relaxte vlucht en lekker slapen kwam dus niet veel terecht…

Bij de Engelse klokkentoren op het plein

Bij de Engelse klokkentoren op het plein

Eenmaal terug in KL lag er toch een stapel werk te wachten. Alsof er niets gebeurd was in de maand dat wij weg waren geweest. Misschien hadden wij iets te hoge verwachtingen? Net voordat we naar Nederland vertrokken had ik een ontwerp voor het IWAKL galabal logo, flyers en tickets gemaakt en deze in onze vakantie zelfs al meerdere malen aangepast. Terug in KL verwachtte in dus dat de flyers al geprint waren, maar niets bleek minder waar. Er was niets gebeurd en het moest wéér aangepast worden (dat krijg je ervan als je telkens iedereen om een mening vraagt en iedereen een andere mening heeft). Uiteindelijk is één van de dames bij mij thuis langs gekomen om de definitieve versie te maken. Ik dacht deze keer echt dat het definitief zou zijn, want er moest de volgende dag echt geprint worden. Maar helaas, wederom werd het voorstel aan iedereen doorgestuurd met alle gevolgen van dien. Maar uiteindelijk is het goed gekomen en zijn de flyers en tickets geprint. Helaas is het nog niet klaar, want er moet later nog een programmaboekje gemaakt worden. Wordt dus leuk…

Daarnaast was bijna iedereen weg of te druk en was er nog niets gedaan voor de Flits van oktober. Die hebben we met z’n tweeën even in een weekje in elkaar geknald en nu op naar het volgende nummer dat over twee weken al de deadline heeft. Maar als je dan het resultaat van het septembernummer ziet, dan weet je weer waar je het voor doet.

Ook Sjoerd heeft heel wat te voorduren gehad op het werk. We waren nog geen week terug, of hij moest al weer voor een paar dagen naar Labuan. Daardoor had ik wel alle tijd om alles voor de Flits op tijd af te krijgen. Zaterdag is hij terug gekomen, maar ons idee om een lang weekend naar Penang te gaan (maandag was een feestdag) was al in de soep gelopen.

De jungle track in Fraser Hill

De jungle track in Fraser Hill

In plaats daarvan zijn we een dagje naar Fraser Hill (Bukit Fraser) geweest. Volgens meerdere bronnen zou het ongeveer anderhalf uur rijden zijn vanaf Kuala Lumpur en aangezien wij in het noorden van de stad wonen moesten wij het toch makkelijk binnen die tijd zien te redden. Maar als TomTom aangeeft dat je midden in een dorpje 110 km per uur mag rijden, gaat er toch echt iets mis. En in de bergen rijd je met al die haarspeldbochten ook niet 50 tot 60 km per uur, vooral niet als er een bangerik voor je rijdt. Maar we zijn er gekomen. Het was er niet extreem druk en een aangenaam temperatuurtje. Het leuke aan Fraser Hill is dat het niet zo populair is als bijvoorbeeld Genting Highlands en er dus niet zoveel toeristen komen en dus meer lokale mensen. Je schijnt er goed vogels te kunnen spotten, maar dat viel ons een beetje tegen.
Na eerst even het dorpje met zijn prachtige koloniale architectuur bekeken te hebben (het is van oorsprong een hill station voor de Britten) hebben we een jungle track gedaan. Erg mooi en beter te doen dan bijvoorbeeld in het FRIM of Redang waar we eerder een jungle track gedaan hebben, omdat het een paar graden koeler is. Alhoewel, in de jungle zelf is het toch wat warmer dan op de weg.

Junior en senior Diepen op kantoor

Junior en senior Diepen op kantoor

Daarna besloten we via een kleine omweg naar de auto terug te gaan. Dachten we, want op de kaart leek het niet zo ver, maar de kaart was niet echt op schaal. Daarna wilden we, zoals dat hoort in een Brits hill station, een kopje thee met een scone eten. We hadden een leuk adresje gekregen, maar deze bleek gesloten te zijn wegen een bruiloft. Dus maar weer terug naar het dorpje, maar bij het tentje waar we beland waren hadden ze geen scones. Ik heb het zelfs gevraagd en het stond ook niet op de kaart. Om een beetje Engels te blijven bestelde ik een ‘bread and butter pudding’ en Sjoerd een kipburger. Toen wij lekker aan het smullen waren, kreeg het stel naast ons een mandje met scones. Wij keken elkaar een beetje vreemd aan en dachten ‘het zal wel’, het is en blijft Maleisië… Als laatste stond een bezoekje aan een waterval met zwemmogelijkheid op het programma. We liepen al braaf de hele dag in onze zwemkleding (natuurlijk onder de andere kleren), handdoeken en droge kleren lagen in de auto. Maar helaas, halverwege de weg stond een blokkade en een bord in het Maleis. Geen idee wat er stond, maar volgens mij was het niet de bedoeling dat je verder reed. Toen er nog iemand aankwam vroegen we het en inderdaad, je mocht niet verder rijden, alleen lopen. En het was nog een héél eind lopen. Aangezien het al eind van de middag was hebben we maar besloten terug naar huis te rijden. Hebben we nog wat om voor terug te komen.

Sinterklaas was vroeg dit jaar...

Sinterklaas was vroeg dit jaar…

Dinsdag middag zijn Sjoerd’s ouders aangekomen voor een logeerpartijtje van drie weken. We mochten ze niet ophalen van het vliegveld, dus zaten braaf thuis te wachten tot de beveiliging zou bellen dat er gasten voor ons waren en of ze die binnen mochten laten. Maar Sjoerd’s ouders zagen er blijkbaar heel betrouwbaar uit (of misschien lachten ze lief), dat ze direct doorgelaten werden en met bewaker en al voor de deur stonden. Wat een verrassing! We wisten dat ze een hele berg spullen uit Nederland meegenomen hadden, maar zoveel hadden we toch echt niet verwacht. Zelf meer dan het dubbele van de toegestane hoeveelheid alcohol die je Maleisië binnen mag brengen. Bijgevoegd een foto van de uitstalling die we ervan gemaakt hebben: stroopwafels (en veel!), stroopkoeken, kaas, alcohol, krentenbollen, chocopasta, speculaaspasta, pindakaas, zelfgemaakte jam, hagelslag, drop, pepernoten, kruiden, tijdschriften, lenzen en natuurlijk haring. Sorry, als ik iets vergeten ben… Het leek wel Sinterklaas!

Hilmy is erg blij met de stroopwafels

Hilmy is erg blij met de stroopwafels

Ondertussen hebben we, naast al het geweldige eten natuurlijk, ze al het kantoor en de Petronas Towers laten zien (en natuurlijk het bijbehorende winkelcentrum Suria KLCC). Natuurlijk moesten er op kantoor ook mensen blij gemaakt worden met stroopwafels. Vandaag een dagje rustig aan bij het zwembad en morgen op naar de Petronas Towers: naar de luchtbrug en het observatiedek op de 86e verdieping (als ik me niet vergis). Iets waar we zelf niet zo warm voor liepen, omdat mij verteld was dat je dan om zes uur ’s ochtends voor de deur moest liggen om (gratis, maar beperkt aantal) tickets voor de luchtbrug te bemachtigen. Mede doordat de luchtbrug niet echt hoog zit en je niet geheel rond kan kijken, hadden wij nooit zo’n behoefte hieraan. In de KL Tower zit je namelijk veel hoger en kun je 360 graden rondkijken. Gelukkig is het voorgenoemde niet meer het geval bij de Petronas Towers en kun je gewoon een ticket voor over een paar uur kopen, of voor een aantal dagen later. En je mag ook naar de 86e verdieping. Dit hebben we dus maar gedaan en morgen gaan we er dus echt naar boven! Woehoe! Met dank aan Peter en Loor.

En zondag staat ons nog een Chinese bruiloft te wachten, dus we hebben niets te klagen!

Terug van weggeweest

Wat Leiden wij toch een heerlijk leven

Wat Leiden wij toch een heerlijk leven

Een van de leuke aspecten van ons blog, is dat we de afgelopen twee weken niet continu hebben hoeven vertellen wat we nu precies doen in Kuala Lumpur. Natuurlijk is het enorm gaaf om alle belevenissen (nogmaals) te delen, maar er is hier ondertussen ook zoveel gebeurd. Mensen gaan trouwen/zijn getrouwd, kinderen worden geboren en sommigen zijn van woning veranderd.
Wat is de Noordzee toch fijn

Wat is de Noordzee toch fijn

Genoeg dus om ons ook even ‘live’ bij te praten. Een van de redenen om onze vakantietijd in Nederland door te brengen. Zodoende hadden we lekker tijd over om van iedereen te horen hoe het leven hier nu verder gaat. Nou ja, tijd over… sinds de officiële start van onze vakantie – twee weken na aankomst in Nederland, hebben we flink wat kilometers door Nederland getoerd. In de afgelopen maand hebben we op Flevoland na alle provincies bezocht. En dan nog hebben we helaas niet iedereen kunnen spreken en/of zien.

Ons tijdelijke onderkomen

Ons tijdelijke onderkomen

Op zo’n moment begin je een beetje te beseffen wat geleefd worden betekent. Niet dat dit vervelend was hoor, want door even niet met werk bezig te zijn, zijn we voldoende tot rust gekomen.
Lekker op pad met de fiets

Lekker op pad met de fiets

Daarbij komt dat we ook lekker aan ontspanning hebben gedaan, ondanks dat we elke dag naar een afspraak toe leefden. Wat hierbij wel fijn was, was het feit dat we ons eigen thuis hadden op een vakantiepark en hier ook mensen konden uitnodigen. Vooral dit laatste compenseerde het uit-de-koffer-uit-de -koffer leventje dat we haast begonnen te leiden (lijden?).

Gelukkig zijn er de afgelopen weken wat mooie dagen geweest, zodat we lekker van het zonnetje, het strand en de fiets konden genieten. Als klap op de vuurpijl hebben we zaterdag een 10-holes boerengolf gespeeld op de baan van Liessel. Dank voor dit fantastische idee Ev!

Al met al twee fantastische weken en een goede besteding van onze vakantie. Dank iedereen.

Wordt dit een hole in 1?

Wordt dit een hole in 1?

Aangezien we vaak te horen krijgen dat ons blog wel erg op eten gericht is, kan ik dit stukje natuurlijk niet afsluiten zonder ook even over de Nederlandse keuken gerept te hebben. Het blijkt dat Nederland toch ook een behoorlijk aantal culinaire hoogstandjes heeft die we in Kuala Lumpur niet of nauwelijks hebben. Zo hebben wij hier volop genoten van:
• Stroopwafels
• Hagelslag
• Kaas
• Krentenbollen
• Haring
• Filet americain
• Brabantse eierkoeken
• Zeeuwse mosselen
• Limburgse vlaai
• Groninger koek
• Drop
• Lekkere BBQ (toch weer 4x!)
• Aardappelen/groente/vlees
• Toetjes

Eerste keer samen terug in NL

Ondertussen zijn we al weer anderhalve week, bijna twee weken, in Nederland en het bevalt prima! Heerlijk weertje, lekker overal met de fiets naartoe, vrienden en familie ontmoeten, overal lekker eten, … Momenteel zien we er tegenop om weer terug te moeten, maar hopelijk verandert dat de komende weken nog wel.

Haring happen

Haring happen

Het begon allemaal zondagochtend 5 augustus op Schiphol. Sjoerd’s ouders en zusje (Milou) stonden ons op te wachten en we vlogen elkaar in de armen. Nog voordat we in de auto stapten om samen te gaan ontbijten, werd er nog een haring verorberd door Sjoerd en kreeg ik twee flessen wijn in mijn handen geduwd. Wat een aankomst! Daarna hebben we gezellig bijgekletst tijdens een extra lang ontbijt, waarna we afscheid namen van Milou en weer terug reden naar Schiphol, omdat ik nog twee herhalingsvaccins wilde halen. Ik heb namelijk mijn twijfels of ik in Kuala Lumpur precies hetzelfde zou krijgen en wil geen risico lopen. Daarna lekker in de auto naar Eindhoven en nog een drankje gedaan op het terras van het hotel. Wel gek om in je ‘eigen’ stad in een hotel te slapen. Nog gekker dat iedereen Nederlands spreekt en je dus op moet letten met roddelen…

Terrasje voor het hotel

Terrasje voor het hotel

We hadden een auto gehuurd (die ik maandag pas op kon halen), maar een fiets is ook wel handig. Mijn eigen fiets wel te verstaan. Deze stond bij vrienden en konden we direct ophalen. Sjoerd kon zijn fiets nog niet ophalen, dus hadden we een fiets op het station gehuurd en gingen we op weg naar iets wat we altijd deden als we terug kwamen van vakantie: naar de friettent om de hoek. Frietje speciaal, frietje stoof en een kroket. Wat smaakte dat goed! Toen we weer terug waren in het hotel vielen we als een blok in slaap om vervolgens midden in de nacht weer wakker te worden.

De eerste twee weken moet Sjoerd nog werken en vanaf morgen is het echt vakantie! De eerste week was hij in België voor een project en bleef daar ook slapen. Dus nu was ik voor de verandering weer eens alleen, maar dan in Nederland. In Eindhoven nog wel! Maar de week vloog voorbij. Nadat ik maandag de auto had opgehaald ben ik naar mijn ouders gegaan. Wat heerlijk om elkaar weer te zien! Maar het voelde ook als thuiskomen, want vooral het laatste stukje in de auto over de slingerweggetjes voelde zo vertrouwd. Alsof ik er gisteren nog was geweest.

Floriade

Floriade

We gingen ’even’ naar Horst om een rondje door het centrum te wandelen en een ijsje te eten, maar dat werd iets langer. We liepen langs een modezaak met een flinke opruiming en dat kon ik niet weerstaan. In Kuala Lumpur kan ik bijna geen kleren vinden, want ze zijn allemaal te klein. Hier ging een wereld voor mij open. Een beetje sneu voor mijn vader, want hij heeft volgens mij wel twee uur gewacht in die winkel… Maar het resultaat mag er zijn: 6 stuks nieuwe kleren. Helaas was er toen geen tijd meer voor een ijsje… Na een Hollandse maaltijd (heerlijk) was het tijd voor een avondwandeling, lekker door het platteland. Wat is dat heerlijk zeg! Dat missen wij echt in KL. Gelukkig bleef ik slapen en konden we onder het genot van een wijntje verder kletsen en genieten van een film.

Floriade

Floriade

Dinsdag zijn we naar de Floriade geweest. Erg mooi en erg gezellig. Toch wel bijzonder als je je beseft dat het maar eens in de 10 jaar in Nederland is. En zo dichtbij. Gelukkig was er vandaag wel tijd voor een ijsje. En om de dag af te sluiten een frietje. Deze keer met een andere Hollandse snack: een kaassoufflé. ’s Avonds ben ik maar weer naar het hotel gegaan, want woensdag moest ik toch echt wel even wat doen op de laptop, inclusief een dvd’tje branden wat toch iets langer duurde dan gedacht. Tussendoor nog even geshopt naar bikini en bh’s, iets wat in KL echt onmogelijk te vinden is in mijn maat. Vooral de bikini bleek lastiger dan gedacht, want het is hier al een tijdje uitverkoop. Maar uiteindelijk ben ik toch geslaagd.

Donderdag ben ik weer naar mijn ouders gegaan en ben ik ’s middags lekker gaan fietsen met mijn vader. Na een heerlijke pot spaghetti en een wijntje ’s avonds bleef ik weer een nachtje slapen. Vrijdag hebben we nog een mooie wandeling langs de Maas gemaakt en ben ik weer richting Eindhoven gegaan omdat ik afgesproken had even op bezoek te gaan bij Patricia. Die had, zoals altijd, erg uitgepakt en ik moest wel blijven eten. Wat vervelend zeg! Na weer helemaal bijgepraat te zijn ben ik weer naar het hotel gegaan om vervolgens naar de Dommelstraat te gaan om (eindelijk) Sjoerd weer te zien. Hij had een klant (Tim) meegenomen die wij in Perth al ontmoet hadden en die die week ook in België moest zijn voor hetzelfde project. Ze waren al lekker aan het bieren en dat werd voortgezet in de Bierprofessor. De naam zegt genoeg denk ik… Daarna werd het nachtelijk snacken nog uitgeprobeerd, terwijl ik ondertussen al moe in mijn bedje lag.

Haring happen met Tim

Haring happen met Tim

Zaterdag ochtend hebben we Tim nog iets meer dan de Hollandse cultuur laten zien en hem meegenomen naar de Woenselse Markt en hem haring en verse stroopwafel laten proeven. De haring was niet echt een succes. Hij wilde nog iets meer van Nederland zien en vertrok ’s middags met de trein naar Amsterdam. Wij zijn ’s middags naar de kapper gegaan. Helaas was de kapster die ons altijd knipt er niet, maar kon Sjoerd nog wel geknipt worden. Het gekke is dat mensen dan vragen of je al op vakantie bent geweest. Als je dan antwoordt dat je hier op vakantie bent, snappen ze er helemaal niets meer van… Zo ook elke keer als ik wil betalen met mijn Maleise bankpas. Daarna zijn we nog even langs ‘onze’ supermarkt gegaan en daarna langs enkele mensen uit onze oude buurt. Helaas waren ze allemaal niet thuis en gingen we direct door naar Veldhoven om Sjoerd’s fiets op te halen. Zoals altijd is dat niet even langsgaan, maar meteen gezellig twee uur bijkletsen. ’s Avonds zijn we bij Tortilla’s (Mexicaans) gaan eten; mijn oude werk. Gelukkig zagen we nog twee bekende gezichten. Ben benieuwd hoeveel dat er volgende keer nog zijn…

Bowlen

Bowlen

Zondag was het super mooi weer, maar we hadden afgesproken te gaan bowlen in Utrecht met Sjoerd’s zusje Milou en broer Guido en zijn vrouw. Gelukkig besloten we toch te gaan bowlen, want het werd erg gezellig. Volgens mij heeft iedereen wel een keer gewonnen. Daarna nog een drankje op het terras, vervolgd door eten bij de Griek. Erg geslaagd! En wat ben ik weer blij met Westers eten. Maar misschien dat we over twee weken weer verlangen naar Oosters eten…

Maandag was het weer tijd voor werk voor Sjoerd en ging ik mee naar kantoor omdat we een presentatie wilden geven aan de Nederlandse collega’s over ons leven in KL en het kantoor daar. Daarna nog wat bijpraten, lunchen en weer terug naar het hotel. ’s Avonds gingen we bij een collega thuis eten.
Dinsdag ben ik weer naar mijn ouders gegaan en zijn we bij mijn tante op bezoek gegaan. Dan gaat de tijd heel snel, vooral met al dat gereis, en moest ik al weer naar Eindhoven, want we hadden een etentje gepland staan, wederom met collega’s. We gingen bij De Bengel eten. Zij staan bekend om hun lekkere spare ribs, dus die moest ik maar weer eens proberen.

Foto's maken op de Floriade

Foto’s maken op de Floriade

Gisteren ben ik weer gaan shoppen (laatste keer?) en daarna gaan lunchen met een oud collega van mij. Nou ja lunchen? Volgens mij hebben we drie uur op de Markt gezeten en alleen maar gekletst. Op de terugweg naar het hotel nog een ijsje gepakt en toen ouderwets naar de Appie gegaan om boodschappen voor het avondeten te halen. De keuze was niet moeilijk: BBQ’en. Dat hadden we nog niet gedaan in NL. Terwijl de kolen aan het opwarmen waren, kwam Sjoerd ook en hebben we een erg geslaagde avond gehad. We moesten alleen even wachten voordat we naar huis konden, want er kwam me toch een stortbui langs… Eén zoals we in KL maar al te goed kennen, maar voor Nederlandse begrippen wel bijzonder was.

Vanmorgen kwam Sjoerd’s collega Helen mij ophalen om te lunchen bij haar thuis. Ondertussen ben ik weer thuis en ik vond dat we ondertussen toch echt een stukje voor voor de blog moesten schrijven. Dus bij deze.
Morgen ga ik nog bij mijn zusjes op bezoek en daarna begint de vakantie toch echt voor ons. Erg vol, maar we zijn niet voor niets in Nederland…

Mah Meri

Na ons tripje naar Redang is het weer tijd voor het ‘gewone’ leven. Sjoerd is de hele week al naar Perth voor het werk. Maar verveeld heb ik me niet. Daarover straks meer. Eerst nog even over vorig weekend, toen we nog samen waren.

Vrijdag was het tijd voor iets waar wij lang op gewacht hadden: ouderwets een spelletje spelen. De mensen hier zijn niet zo van het spelletjes spelen. Toen wij een net een paar weken in KL waren, kwamen we iemand tegen die hier ook wel van houdt. Echter, de afspraak ging steeds niet door. Afgelopen vrijdag was het dan eindelijk zover. We zouden eerst wat eten, dus ik heb mijn hier inmiddels befaamde cola-ketchup chickenwings gemaakt, in combinatie met een couscoussalade en garnalen. Toen we eindelijk klaar waren met eten was het echter al erg laat en hebben we slechts één spelletje kunnen spelen. Maar het was erg gezellig en wordt herhaald.

De rest van het weekend wilden we een beetje rustig aan doen. Zaterdag zijn we lekker bij Havana (de tent van het EK) gaan eten. Een echte home made burger met voor Sjoerd een Guinness en voor mij een frozen margarita. Heerlijk! Daarna hebben we lekker een massage gehad, een extra lange. Wederom heerlijk. Zondag heb ik Sjoerd meegesleept naar het Islamic Arts Museum. Hier was ik zelf al eens eerder geweest, maar ik moet er voor de Flits een stukje over schrijven, inclusief een foto.

Potluck lunch

Potluck lunch

Maandag ochtend is Sjoerd vertrokken naar Perth. Gelukkig stonden er meerdere interessante dingen op het programma van de IWAKL. Het begon in de week ervoor met de jaarlijkse Potluck lunch: iedereen neemt iets mee. Aangezien wij de dag ervoor pas teruggekomen waren uit Redang, had ik voor iets makkelijks gekozen: een pasta pesto salade. De meeste dames hadden iets typisch voor het land waar ze vandaan komen gemaakt. De hele tafel stond vol en iedereen gaf een korte toelichting. Daarna kon het genieten beginnen. Na de lunch waren er een aantal lezingen.

Kookgroep

Kookgroep

De maandag dat Sjoerd weg ging, was het weer tijd voor de maandelijkse kookgroep. Dit maal Noord-Indiaas. Op het menu stonden dhokra (een soort van gestoomde hartige cake), moongi dahl (gele linzen), almond chicken, mattar paneer (erwtjes met zelfgemaakte cottage cheese), cucumber raita (komkommer in yoghurt) en roti/chapati. Wederom bijzonder leerzaam. Morgen ga ik de almond chicken maken voor Sjoerd, samen met een tropische salade van de kookgroep daarvoor. Nou maar hopen dat het gaat lukken…

Met sherp, kroontje en stafje

Met sherp, kroontje en stafje

Donderdag zouden we naar Carey Island gaan naar de Mah Meri Cultural Village. De Mah Meri (betekent bosmensen) is één van de 18 verschillende Orang Asli (Aboriginal) stammen die Maleisië telt. Zij staan vooral bekend om hun houten beeldhouwwerken. Laat het nou toevallig zijn dat er in KL dinsdag een tentoonstelling, geweid aan deze beeldhouwwerken van de Mah Meri, werd geopend! De IWAKL was uitgenodigd als VIP gast. Op deze manier konden we alvast een indruk krijgen van deze groep mensen. De opening van de tentoonstelling was groots van opzet. Toen we binnen kwamen kregen we allemaal een sherp, kroontje en een soort van stafje, allemaal handgemaakt van (ik denk) bamboe. We kregen een optreden van hun traditionele dans, gevolgd door een toespraak van de minister van toerisme. Daarna was er gelegenheid om met de Mah Meri op de foto te gaan en de tentoonstelling zelf te bekijken. Gevolgd door een traditionele lunch. Hier waren wij wederom VIP gasten en mochten bij de ‘belangrijke’ mensen aan tafel zitten en werden bediend. De andere tafels moesten zelf naar het buffet gaan.

Tijdens de lunch dinsdag

Tijdens de lunch dinsdag

Met deze eerste indruk gingen we donderdag naar het dorp op Carey Island. Het eiland heeft één grote weg met allemaal kleine (zand) weggetjes als aftakking. Op een gegeven moment bereikten we de zee en hield de weg op. We hadden dus de afslag naar het dorp gemist… Keren was niet mogelijk, dus met de touringcar in z’n achteruit tot de eerstvolgende afslag. Daarna bij elke afslag kijken waar het was, want op dit deel van het eiland hadden we geen bereik met onze mobiele telefoons. Uiteindelijk bleek het dorp bijna aan het begin van het eiland te liggen!
Helaas bleek het dorp speciaal voor bezoekers (toeristen) gemaakt te zijn en wonen de mensen een stuk verderop in de echte kampung (kampung betekent dorp). Ze komen speciaal voor bezoekers naar het dorp. Het dorp zag er een beetje te mooi, te nieuw en te gemaakt uit. Maar het idee is goed. Door naar het dorp te komen verdienen ze geld en houden ze zichzelf in leven, naast het werken op de olie palm plantagesop het eiland en het maken van de houten beeldhouwwerken.

Met Mah Meri man...

Met Mah Meri man…

Je kunt hier zelf ook naar toe gaan, maar het voordeel van dat wij met een grote groep waren, was dat ze een heel programma voor ons opgesteld hadden. Wederom kregen we een kroontje en een soort van stafje bij binnenkomst. Daarna werden we één voor één welkom geheten door middel van een welkomstritueel. Daarna lieten ze het dorp zien en konden we een kijkje nemen in de tentoonstellingsruimte. Vervolgens was het tijd voor een traditionele dans: de Joh-Oh mask dans, gevolgd door het trouwritueel. Het leuke was dat er ook een groep schoolkinderen gearriveerd was. Zij waren soms nog een grotere attractie dan de Mah Meri zelf. Zo schattig!
Er was ook nog een korte demonstratie origami maken. Toen was het tijd voor de lunch. Die viel wat mij betreft een beetje tegen. Niet echt iets speciaals. Voordat we weer met de bus naar KL gingen, hebben we nog een kleine wandeling gemaakt door de kampung en hebben twee beeldhouwers aan het werk gezien. Hier kon je, als je wilde, een beeldhouwwerk kopen. Was mij een beetje te duur (RM 2500), dus ik heb een klein aandenken gekocht in de vorm van een houten koelkastmagneetje. Ook leuk toch? En een stuk goedkoper…

Je kunt natuurlijk niet alleen maar ‘profiteren’ van een organisatie als IWAKL en daarom ga ik helpen met de organisatie van het galabal begin november. En binnenkort weer de deadline van de Flits. Ik heb het er maar druk mee… Maar wel allemaal erg leuk!

En niet snel daarna komen we naar NL. Jippie!