Yangon

Na meer dan twee maanden niets geschreven te hebben, werd het nu toch wel echt tijd om weer eens iets te schrijven… Vorige week ben ik met de dames van IWAKL een paar dagen naar Yangon (Myanmar, ook wel Birma) geweest. Daarvan hierna verslag.
En Sjoerd heeft beloofd binnenkort nog iets te schrijven over zijn belevenissen op site (voor zijn werk) in Bintulu en onze reis naar Vietnam in december. We hebben het maar druk :-) .

Myanmar heet sinds 21 oktober 2010 officieel Republiek der Unie van Myanmar, van 1989 tot 2010 heette het kortweg Unie van Myanmar en daarvoor heette het Birma. Toch wordt de oude naam Birma (of Burma) nog veel gebruikt. Na jaren van politieke onrust is op 31 januari 2011 een nieuwe grondwet in werking getreden, die formeel een einde maakte aan het militaire bestuur. Het land is op de goede weg, maar er is nog veel te doen. En je zou het misschien niet zeggen, maar Myanmar is één van de veiligste landen ter wereld en Yangon wellicht de veiligste stad in heel Zuidoost Azië.

Schattige jongetjes in Chinatown

Schattige jongetjes in Chinatown

Er zijn drie seizoenen: het regenseizoen, van eind mei tot midden oktober, het koele droge seizoen (winter) van eind oktober tot midden februari en het hete droge seizoen (zomer) van eind februari tot midden mei. In de zomer kan het wel 45 graden Celsius worden. Het is dus belangrijk van te voren te kijken welk seizoen het is. De winter is de beste periode om te gaan met temperaturen rond de 25 graden Celsius. Momenteel is het begin van de zomer, met zo’n 37 graden Celsius, onbewolkt en geen regen.

Eerste indruk van Yangon
Op naar het land met eeuwenoude cultuur en waarschijnlijk de meest vriendelijke bevolking ter wereld! Met Malaysia Airlines vliegen we in iets meer dan twee en een half uur direct naar Yangon.

Bij de Reclining Buddha

Bij de Reclining Buddha

Het tijdverschil tussen Maleisië en Myanmar is anderhalf uur. Het vliegveld ligt in het noorden van Yangon. Tijdens de busrit naar het centrum van de stad blijkt al snel dat Yangon een erg uitgestrekte stad is met weinig hoogbouw. In het centrum schieten de dure, hoge hotels de grond uit, maar nooit hoger dan de blikvanger van Yangon: de Shwedagon pagode met zijn bijna 110 meter hoogte.
Overal in de stad liggen gouden pagodes, af en toe afgewisseld door een kerk of een moskee. Dat is niet zo gek als je weet dat 89 procent van de bevolking Boeddhistisch is. Het Christendom en de Islam nemen ieder 4 procent in. Wat verder opvalt is dat er weinig is veranderd sinds de Britse koloniale tijden.
Reclining Buddha

Reclining Buddha

Op de weg zijn er drie dingen die direct opvallen. Ten eerste: er wordt aan de rechtkant van de weg gereden, maar met het stuur ook aan de rechterkant, erg verwarrend en dus het opletten geblazen. Ten tweede zie je in Yangon geen brommertjes en scootertjes. Wat een opluchting! Dit wil echter niet zeggen dat het rustig is op de weg, het is een lekkere chaos. Tenslotte zie je verschillende kleuren nummerplaten: rood voor taxi’s, geel voor monniken, blauw voor toeristen en zwart voor de rest. Soms is dit enige manier om een taxi te herkennen.

Chinatown

Chinatown

Na onze busrit mogen we direct genieten van het heerlijke eten wat ze in Myanmar hebben. Daarna op naar de eerste bezienswaardigheid: de Chaukhtatgyi Paya, oftewel de Reclining Buddha. De indrukwekkende 70 meter lange Buddha ligt in een enorme hal. Daarna gaan we door naar de graftombe van de laatste Indiase koning Bahadur Shah Zafar. Eigenlijk is het een moskee met een graftombe. Vervolgens bezoeken we nog een andere moskee, maar deze was helaas gesloten vanwege het gebed. Als laatste die dag staat een bezoekje aan Chinatown op het programma, meestal één van mijn favorieten vanwege alle mensen, geuren en kleuren. Er is een grote versmarkt en overal wordt eten bereid en verkocht. We maken kennis met de ontzettend vriendelijk mensen en maken veel foto’s van al het moois. Vrouwen in Myanmar smeren zogenaamde thanakha – een soort traditionele make-up – op hun wangen, niet alleen uit het oogpunt van schoonheid maar het verkoelt ook en helpt beschermen tegen verbranden. Mannen lopen allemaal in een sarong rond en iedereen kauwt op betel noten, wat donker rode tanden oplevert.

Shwedagon pagode en het koloniale hart

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

Met IWAKL dames bij Shwedagon pagode

De volgende ochtend vroeg is het tijd voor de Shwedagon pagode. Geen bezoek aan Myanmar is compleet zonder een bezoekje aan deze pagode. Het is het grootste en tevens belangrijkste heiligdom in Myanmar. De pagode is op een heuvel gelegen, zodat deze vanuit de hele stad goed zichtbaar is.
Met de bouw van de pagode werd begonnen in de vijfde eeuw voor Christus. Sindsdien is het bouwwerk door aardbevingen vaak zwaar beschadigd, maar telkens weer herbouwd – een volgende versie telkens groter en prachtiger dan de voorgaande. Verguld met bladgoud en vele duizenden kostbare edelstenen. Volgens de mythe worden in de pagode acht haren bewaard van de laatste Boeddha, tezamen met relikwieën van drie van diens voorgaande incarnaties.
Bij de Shwedagon pagode

Bij de Shwedagon pagode

De enorme pagode wordt omring door tientallen, zo niet honderden, kleinere pagodes, tempels en beelden. Zodoende ben je hier wel een paar uur zoet. Je kunt het beste ’s ochtends vroeg gaan, dan is het nog niet zo heet (je loopt op je blote voeten op marmeren tegels) en de lucht is dan nog mooi blauw en helder. Kijk wel even van te voren op internet, want er vindt veel renovatie plaats en het zou zonde zijn als je komt als de enorme pagode onder renovatie is.

Bij Shwedagon pagoda

Bij Shwedagon pagoda

Hierna gaan we door naar het oude stadsgedeelte, het koloniale hart. Hier zie je duidelijk de erfenis van de Britten met vele koloniale gebouwen in een ruim opgezet stratenpatroon. We lopen rond en zien achtereenvolgens de Sule Pagode, liggend midden op een drukke rotonde, de Yangon City Hall, het Independence Monument, gelegen in de mooie Maha Bandoola Garden en de High Court.
We rijden nog even langs het verblijf van Aung San Suu Kyi, winnares van de Nobelprijs voor de Vrede in 1991 en partijleider van de NLD, de National League for Democracy. Helaas valt er weinig te zien.
’s Middags is het tijd om te shoppen en wel naar waar Myanmar bekend om staat: edelstenen en juwelen, voornamelijk robijn, jade en goud. Op naar de Bogyoke Ang San Market, ook wel Scott Market genoemd, gelegen in een zeventig jaar oude markthal. Daarnaast zijn er nog vele andere souvenirs te vinden. Voor veel van de IWAKL dames waren de edelstenen en juwelen de reden om mee te gaan naar Yangon, niet de cultuur. Dus wordt er flinks op los geshopt. Ik houd het bescheiden bij een schilderij en een vlaggetje van de Shwedagon pagode.

Ritje met de Circular Train

Het prachtige zicht vanuit de trein

Het prachtige zicht vanuit de trein

De dames gaan de volgende dag weer shoppen. Tatyana (mijn kamergenootje afkomstig uit Kazachstan) en ik hadden de eerste dag al besloten dat we vandaag niet zouden gaan shoppen, maar de Circular Train zouden nemen, een rondrit van drie uur in een lokale trein door de uitlopers van de stad en het platteland om het echte leven te zien. De trein is allesbehalve luxe: geen airco en niet al te comfortabele banken met ramen een stuk beneden ooghoogte. Maar wat wil je als een ticket maar één US dollar kost?
De marktkooplui verlaten de trein weer

De marktkooplui verlaten de trein weer

Naast de paar toeristen zie je hier alleen locals. Het eerste uur hebben we alle ruimte en genieten we van het prachtige uitzicht, maar zien we ook veel armoede. Af en toe komen er verkopers langs. Bij een lief vrouwtje kopen we ‘pink bananas’, heerlijk zoete bananen. Na een uur komen we bij een grote markt en binnen enkele seconden staat het hele gangpad vol het manden met koopwaar en marktkooplui. Na drie uur in de hete trein zijn we uitgeput en toe aan een lunch in een restaurant met airco. We gaan naar de Sukura toren om daar op de bovenste verdieping te lunchen en te genieten van het prachtige uitzicht over de stad.

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

De dame die het balletje hooghoudt tijdens de culturele show

’s Middags gaan we nog naar het Kandawgyi Lake om foto’s te maken van de blikvager van het meer, de Karaweik Hall, een enorm drijvend paleis wat tegenwoordig dienst doet als restaurant. We hadden hier graag willen eten, vergezeld door een culturele show, maar hier moet je minimaal tien dagen van te voren voor reserveren. Na een tijdje gelopen te hebben in de brandende zon (eind februari is het daar zo’n 37 graden Celsius), zijn we toe aan een douche en een middagdutje.
’s Avonds gaan we naar een andere culturele show met buffet in het Kandawgyi Palace Hotel, ook gelegen aan het Kandawgyi Lake. Echt een aanrader. Prachtige dans en een dame die een balletje hooghoudt terwijl ze bijvoorbeeld op twee flessen staat. Erg knap.

Helaas moeten we na drie dagen Yangon al weer afscheid nemen van Myanmar. Maar terug ga ik zeker nog een keer. Er is zoveel meer te zien: de enorme vlakte van Bagan met zijn duizenden tempels en pagodes, het koningsstadje Mandalay, het prachtige (en koelere) Inle Lake en nog veel meer.